Twee parkeergarages, gebouwd door dezelfde combinatie, direct na elkaar in dezelfde stad. Dat klinkt als een ideale situatie om lessen uit het eerste project meteen toe te passen in het tweede. In de praktijk zit de belangrijkste winst in het feit dat de hele projectorganisatie met ervaring en al doorschuift naar het volgende project. Werner Vits, senior projectmanager engineering bij BESIX, en ontwerpmanager Marjorie Greveling van Dura Vermeer Beton- en Waterbouw, belichten de voordelen in het ontwerpproces.

De Combinatie Parkeergarages Leiden Dura Vermeer-BESIX realiseert in een DBM-contract twee parkeergarages in de binnenstad van Leiden. De cilindervormige parkeergarage aan de Lammermarkt, circa 22 meter diep, met 525 parkeerplaatsen over zeven lagen, is inmiddels zo goed als afgerond. De opening staat gepland in het voorjaar van 2017. De bouw van de ovaalvormige parkeergarage aan de Garenmarkt, met 425 parkeerplaatsen over vijf lagen, start maart 2017. Na realisatie is de Combinatie verantwoordelijk voor vijftien jaar onderhoud.

De parkeergarages zijn separaat aanbesteed. Desondanks bracht het volgtijdelijk uitvoeren van de twee parkeergarages voordelen met zich mee. De technische- en ontwerpvoordelen waren door de verschillen in het ontwerp beperkt. Marjorie Greveling: “We zijn vanuit het vertrekpunt gestart dat het twee vergelijkbare bouwwerken waren, waarvan één met een bouwlaag minder. Maar op de Garenmarkt was de ruimte te smal om eenzelfde garage neer te zetten. Dat pad hebben we dus moeten verlaten. Het is een compleet ander ontwerp geworden. De Parkeergarage Garenmarkt bestaat uit twee halve cirkels met een kleinere diameter dan de Lammermarkt en een recht deel ertussen.” Werner Vits voegt toe: “We kunnen wel gebruikmaken van dezelfde technieken, maar in de uitwerking is de Garenmarkt echt anders. We kunnen niet kopiëren, maar wel ervaringen van de eerste garage meenemen. Als het echt over techniek gaat, zie je dat mensen vlaggetjes planten. Op basis van ervaringen geven zij aan waar extra op gelet moet worden.”

Proefondervindelijk

Leerpunten zijn tijdens het proces benoemd en opgepakt. Het is een proefondervindelijk proces van ervaringen delen. “Onze bedrijven zijn niet toegerust voor structureel leren. Het werk is praktisch van aard, en zo is ook het leren georganiseerd. De gedachte is dat elk project anders is. Het is moeilijk om dat te veranderen”, zegt Werner. Marjorie constateert dat BESIX en Dura Vermeer daarin geen uitzonderingen zijn. “Je ziet deze werkwijze in de hele civiele wereld. Maar dat betekent niet dat we geen stappen maken. Je ziet bijvoorbeeld dat we van project naar project meer met BIM werken. Bij mijn eerste parkeergarage in Harderwijk werd alleen het betondeel in 3D uitgewerkt. Bij de Lammermarkt gold dat ook al voor de bouwkundige afwerking en installaties. En bij de Garenmarkt gaan we nog weer een stap verder door het model ook te koppelen aan de planning. Dat proces gaat sneller doordat we in Leiden met dezelfde partners kunnen werken. We weten dat onze partners het kunstje ook beheersen. Met een nieuwe installateur hadden we deze volgende stap nog niet durven nemen.”

Ervaring meenemen

De groep mensen die de tweede parkeergarage gaat bouwen, is grotendeels gelijk aan die van de eerste. Dat blijkt een groot voordeel. Mensen zijn op elkaar ingespeeld en hebben gedeelde ervaringen. Marjorie: “Voorafgaand aan de ontwerpfase en bij het uitwerken van elke nieuwe stap, organiseren we steeds een sessie met alle betrokkenen. Daar pakken we de ervaringen van de eerste keer mee. Verder kennen we de opdrachtgever en de toetser. We weten waar zij veel belang aan hechten en wat de risico’s zijn. Op basis van die ervaring kunnen we onze keuzes ook veel gemakkelijker onderbouwen, waardoor ideeën eerder worden geaccepteerd en er in het ontwerpproces minder slagen nodig zijn. Dat is belangrijk, omdat alles waarover je pas tijdens de bouw overeenstemming bereikt, extra risico betekent op hogere kosten, procesverstoring en vertraging. Daar hebben we nu geen last van, omdat we kunnen anticiperen en omdat de opdrachtgever ook ervaring heeft met hoe het werkt.”

Technische leerpunten

Ondanks de verschillen in ontwerp hebben de ervaringen met de Lammermarkt wel degelijk geleid tot wezenlijke aanpassingen van het ontwerp voor de tweede garage. Werner Vits: “Bij de Lammermarkt hebben we bijvoorbeeld gewerkt met een geïntegreerde poer. Achteraf gezien was dat een dure, arbeidsintensieve oplossing, zodat we voor de Garenmarkt een andere oplossing hebben gekozen. Dat kon ook, omdat deze minder diep wordt als de Lammermarkt. Verder hebben we het ontwerp kunnen optimaliseren waar we vooraf extreem voorzichtig waren. Op basis van monitoring bij de eerste garage durven we nu bijvoorbeeld meer krachten op te nemen in de constructievloer. Daarmee kunnen we de aansluiting van de vloer op de diepwand optimaliseren, hebben we minder risico’s en kunnen we kortere diepwanden gebruiken.”

Soms betekenden de ontwerpverschillen echter dat slimme oplossingen juist niet konden worden gekopieerd naar het tweede project. Marjorie: “Bij de Garenmarkt hebben we nog minder ruimte dan bij de Lammermarkt. Omdat we de rechte delen van de garage aan de Garenmarkt moeten stempelen, kunnen we daar niet, zoals bij de cilindervormige Lammermarkt, een ponton heen en weer laten gaan en moeten we de rechte delen vanaf een platform ontgraven. Dat is economisch gezien een minder interessante oplossing.”