Steeds meer diepgang in ondergrondse studies

De jury van de Schreudersstudieprijs is blij met de breedte en de diversiteit van de inzendingen voor de editie 2016. Ze benadrukt met name de grote sprong die hogescholen hebben gemaakt in de mate van diepgang. Kwantitatief viel het wat tegen: 14 inzendingen, tegen 22 in 2014. Niettemin kwamen er twee mooie winnaars uit de bus. Tomas Weeda won in de categorie techniek met de ‘Feasibility study of lowering the Beneluxtunnel’. Giel Sengers won in de categorie conceptueel met zijn project ‘Hommage au Borinage’.

Het afstudeerwerk van Tomas Weeda past volgens de jury in de traditie dat ondergronds bouwen mogelijkheden en kansen biedt die tot dusver buiten ons denkkader lagen. Het juryrapport: “Van ondergrondse bouwwerken wordt soms wel gezegd dat ze starre, inflexibele obstakels vormen in de bodem. Afgezonken tunnels lijken zo een barrière voor het verder uitdiepen van vaarwegen. Niet als het aan Tomas Weeda ligt. Met zijn afstudeeronderzoek schetst hij de mogelijkheden om een tunnel als de Beneluxtunnel verder naar beneden te brengen. Hiermee presenteert hij impliciet een perspectief om hergebruik, transformatie en circulair bouwen uit te breiden naar het ondergronds bouwen.”

De jury noemt het project Hommage au Borinage ‘een droom die je meevoert door de verlaten mijngebieden van de Borinage, intens en melancholisch.’ Het project van Giel Sengers is volgens de jury: “Een zoektocht naar een beleving die terugleidt naar de oorsprong van het bestaan van de streek. Giel Sengers heeft de geest van de plek omgezet naar architectuur met een zelfontwikkeld bouwsysteem bestaande uit staal en hout. Het resultaat is een gebouw dat de sfeer ademt van het ondergrondse bestaan van de mijnwerker. De studie van Giel Sengers getuigt van een grote verbeeldingskracht en is weergegeven door indringende beelden van een hoogwaardige, artistieke kwaliteit die op het netvlies kleven.”

Alle genomineerden voor de Schreudersstudieprijs 2016. Van links naar rechts: Sabina Pruis (Universiteit Utrecht), Roy Veugen (Universiteit Utrecht), Giel Sengers (Academie van Bouwkunst), Tomas Weeda (TU Delft), Jan-Peter Pilon (Hogeschool van Amsterdam), Rens Pater en David-Jan Smeenge (Windesheim). (Foto: Vincent Basler)

Genomineerden

Er waren dit jaar veertien inzendingen, waarvan de jury na toetsing aan de uitgangspunten van de Schreudersstudieprijs er uiteindelijk tien beoordeelde: zes technische en vier conceptuele projecten. Naast de twee winnaars werden de volgende inzendingen genomineerd:

Rens Pater en David-Jan Smeenge – Hogeschool Windesheim

Nominatie in de categorie techniek voor onderzoek naar de invloed van aardbevingen op spooronderdoorgangen. Met in het achterhoofd de maatschappelijke onrust als gevolg van de aardbevingen in Groningen en het grote programma voor onderdoorgangen dat op stapel staat, wordt de vraag zeer relevant. Volgens de jury kan de studie eraan bijdragen dat onderdoorgangen in de toekomst niet onmogelijk worden als gevolg van aardbevingen.

Jan-Peter Pilon – Hogeschool van Amsterdam

Nominatie in de categorie techniek voor een studie gericht op de mechanica van bouwkuipen als gevolg van aardbevingen. Voor de jury een relevante studie om ook tijdens de bouwfase te begrijpen welke dynamische effecten kunnen optreden en welke risico’s daarmee worden gelopen. In de studie worden concrete suggesties gedaan voor maatregelen bij bouwkuipen, die eenvoudig kunnen worden doorgevoerd.

Sabina Pruis – Universiteit Utrecht

Nominatie in de categorie conceptueel. In haar bachelorthesis verkent Sabina Pruis ondergronds bouwen vanuit het perspectief van systeeminnovatie. Ze stelt vast dat ‘system building’ (omschreven als een radicale innovatie gebaseerd op ‘doing good by doing new things with others’) bijzondere kansen biedt om vernieuwingen op het gebied van ondergronds bouwen ruim baan te geven. Ze laat volgens de jury nieuwe horizonten zien die mogelijk leiden tot een ondergrondse planologie.

Roy Veugen – Universiteit Utrecht

Nominatie in de categorie conceptueel voor een naar het oordeel van de jury interessante studie, uitgevoerd om de verschillen in omgevingsbelasting te bepalen tussen een ondergrondse en bovengrondse supermarkt. De omgevingsbelasting is beschouwd op basis van de levensduur. Naast de energetische effecten van het ondergronds bouwen is met name een uitgebreide analyse gedaan van de gebruikte materialen en de productiekosten van het gebouw. De jury heeft waardering voor de inspanning om op inzichtelijke wijze de verschillen te duiden.