10-02-2012 | BRON: cpb.nl
Gisteren presenteerden Rijk, gemeente Amsterdam, de Stadsregio Amsterdam en de provincie Noord-Holland hun afspraken over het project ZuidasDok: de A10 wordt verbreed en gaat ter hoogte van het station ondergronds. Vandaag komt het CPB met hun second opinion. Hieruit blijkt dat de ondertunneling niet rendabel is. De baten van het deelproject zouden fors zijn overschat.
Het Centraal Planbureau (CPB) is gevraagd een second opinion te geven op de Maatschappelijke Kosten-Baten Analyse (MKBA) van het investeringsvoorstel ZuidasDok MLT van de projectorganisatie ZuidasDok. Zij onderzochten hiervoor vier deelprojecten:
Bovengrondse verbreding van de snelweg A10 Zuid inclusief ontvlechting van kruisende verkeersstromen bij de knooppunten Nieuwe Meer en Amstel
Ondertunneling van de (verbrede) snelweg ten hoogte van station Amsterdam Zuid en realisatie van een nieuwe bus/tram terminal op de tunneldaken,
Capaciteitsverhogende benuttinginvesteringen in station Amsterdam Zuid
Verplaatsen van het eindpunt van de binnenlandse Hoge Snelheidslijn (HSL) van Amsterdam Centraal naar Amsterdam Zuid.
Deelproject 4 wordt gezien als een rendabel project; de kosten zijn beperkt en er zijn exploitatiebaten door besparingen op treinmaterieel. Deelprojecten 1 en 3 zijn in potentie rendabel. Voor deze twee onderdelen geldt dat het kan lonen om naar optimalisatiemogelijkheden te kijken. Zo zou het ontwerp van deelproject 1 eventuele latere spooruitbreiding bij het treinstation Amsterdam Zuid mogelijk moeten maken. Het CPB adviseert voor deelproject 3 de kosteneffectiviteit van de vijf afzonderlijke investeringen onder de loep te nemen.
Deelproject 2, de ondertunneling, wordt als onrendabel beschouwd. Belangrijkste oorzaak is een correctie van het batenbedrag: het CPB verlaagt dit met – €240 miljoen, waarmee de baten/kostenverhouding uitkomt op 0.25. Hiermee is het plan niet langer rendabel.
Impressie van het projectgebied nadat de A10 Zuid onder de grond is verplaatst. (Beeld: CPB Notitie second opinion ZuidasDok)
Baten overschat
De MKBA waardeert de kosten van ondertunneling op € 440 miljoen NCW en de baten op € 350 miljoen NCW. Dit batenbedrag komt voornamelijk voort uit het effect op de ruimtelijke kwaliteit: zo zou het woongenot en de productiviteit toenemen door ondertunneling van de A10. Volgens het CPB is het batenbedrag echter flink overschat.
In 2006 heeft het CPB een MKBA uitgevoerd van een uitgebreidere projectvariant van ZuidasDok. Het geraamde effect op de ruimtelijke kwaliteit wordt in de nieuwe MKBA even groot geschat als toen. Het plan uit 2006 omvatte echter een veel grotere ruimtelijke ingreep. De huidige inschatting van het effect op de leefkwaliteit lijkt dan ook incorrect.
Drie oorzaken leiden tot nieuwe inschatting
Het CPB ziet een mogelijke oorzaak van de overschatting bij de berekeningswijze van de baten van ruimtelijke kwaliteit. Bij de rekenmethode in de MKBA is er namelijk toch een waardesprong door verbeterde ruimtelijke kwaliteit als er geen nieuw vastgoed wordt uitgegeven. Daarnaast gaat men er in de MKBA vanuit dat de waarde van kantoren en voorzieningen jaarlijks met 1.2% groeit en de waarde van woningen met gemiddeld 2.7%. Gezien de huidige vooruitzichten op de vastgoedmarkt beoordeelt het CPB deze percentages als onredelijk hoog.
De derde oorzaak van de overschatting ziet het CPB in het kengetal dat is gebruikt om de waardesprong te berekenen. De 5.5% van de vastgoedwaarde is volgens hen te hoog. Het CPB kijkt hiervoor naar de mogelijke mechanismen achter het effect van ruimtelijke kwaliteit. Van de vijf mechanismen die in 2006 van toepassing waren, gelden er nu nog maar twee – waarvan één slechts voor een deel. Er is bijvoorbeeld nagenoeg geen nieuwe vastgoedontwikkeling, waardoor dit effect niet meer meegenomen mag worden.
Mechanismen achter het effect ruimtelijke kwaliteit, 2006 en 2012. (Tabel uit CPB Notitie second opinion ZuidasDok)
Het CPB stelt dat het totaal aan genoemde zaken van aanzienlijke invloed is en veronderstelt daarom dat het effect op de ruimtelijke kwaliteit een derde is van het effect in 2006. Dat brengt het batenbedrag op € 120 miljoen: een negatieve correctie van € 240 miljoen op de baten van ondertunneling zoals deze in de MKBA 2012 zijn berekend.
Geld voor ruimte
Omdat de baat van de nieuwe openbare ruimte boven de tunnels een moeilijk waardeerbaar effect is, omgeven met grote onzekerheid, heeft het CPB de waardering in de MKBA op nog een manier benaderd. Het batenbedrag kan worden uitgedrukt in een geldbedrag per persoon die woont of werkt op Zuidas. Deze mensen profiteren immers van de nieuwe brede straten boven op de snelweg.
Uitgaande van gegevens in de MKBA, zijn er uiteindelijk (na 2030) 92 duizend wonenden en werkenden op Zuidas. Zij moeten elk tweehonderd euro per jaar over hebben voor de nieuwe openbare ruimte om aan het batenbedrag te komen. Zelfs als de waardering van passanten wordt meegerekend, gaat het nog om een bedrag van tachtig euro per jaar. Het CPB acht het niet aannemelijk dat inwoners, werknemers en passanten dit over zouden hebben voor de voorgestelde ruimtelijke ingreep.