Tunnels en luchtkwaliteit

Terug naar kennisbank
  • Document code: T118-10-01
  • Auteur: J.W. Huijben en B. van Rangelrooij
  • Jaar: 2011

Samenvatting

Voor het bepalen van de bijdrage van verkeersemissies aan de concentraties bij wegen zijn in Nederland rekenmethoden voorgeschreven in de Regeling Beoordeling Luchtkwaliteit 2007. Men kan er ook voor kiezen om – in plaats van of in aanvulling op de berekeningen – schaalmodelonderzoek in een windtunnel te doen. Zoals te verwachten valt, zijn er verschillen in de uitkomsten tussen schaalmodelonderzoek en berekeningen. Deze verschillen staan vooral ter discussie wanneer de ene uitkomst onder de norm voor luchtkwaliteit ligt en de andere erboven.

Het loont dus om de luchtkwaliteit nabij tunnelmonden nauwkeuriger te bepalen. De DC-COB-commissie T118 onderzocht in hoeverre dit mogelijk is. Het rapport gaat in op de vier deelonderzoeken:

1. Het verzamelen van binnenlandse en buitenlandse kennis over de wijze van verspreiding van verkeersemissies bij tunnelmonden.

2. Het doen van een praktijkmeting bij een bestaand tunnelportaal. De informatie die daarmee wordt verkregen moet inzicht geven op de vraag of verhoogde emissieconcentraties bij tunnelmonden inderdaad optreden. Dat blijkt het geval te zijn.

3. Het uitvoeren van schaalmodelonderzoek aan vijf tunnelportalen waarbij per tunnelportaal meerdere varianten zijn beschouwd. De tunnelportalen maken deel uit van in de toekomst geplande tunnels in het hoofdwegennet. Het doel was om een beter begrip te krijgen van de verspreiding van luchtverontreiniging bij tunnels. Een tweede doel was de effecten van passieve maatregelen die tot extra verdunning in de lokale omgeving bijdragen te bestuderen.

4. Er is een vergelijking gemaakt tussen de praktijkmeting bij de Wijkertunnel en een CFD-analyse voor de Wijkertunnel. Tevens is een vergelijking gemaakt tussen een schaalmodelmeting aan de Tunnel in de A4 Delft-Schiedam en een CFD-analyse voor deze tunnel.