Verborgen eisen en de tunnel die terugpraat

29 oktober 2026
De Verdieping • 2026

“Bij beheer en onderhoud moet je rekening houden met alle eisen die aan je asset worden gesteld. Eisen uit het verleden én eisen als gevolg van veranderende omstandigheden of nieuwe inzichten. De vraag is of we genoeg weten om onze assets in stand te houden.” Bart Duijvestijn vat het doel van het wetenschappelijk deel van het tunnelprogramma samen, dat we onder de naam Future Proof Tunnels mogen uitvoeren met subsidie van TKI Deltatechnologie. Daarin doen nu vier PhD’ers en een postdoc fundamenteel onderzoek naar de mechanismen die de betrouwbaarheid, beschikbaarheid en het veiligheidsniveau van afzinktunnels bepalen.

 

 

Met een praktijkvoorbeeld licht Bart toe waarom fundamenteel onderzoek hard nodig is. “Bij een eerdere renovatie van de IJ-tunnel is de tunnelbekleding weggehaald. De bevestiging was niet veilig en is niet meer teruggebracht. Men wist toen niet dat die bekleding ook een isolerende functie had. Doordat de IJ-tunnelelementen op palen zijn gefundeerd, zou meer krimp van de elementen optreden, zo wisten de ingenieurs bij de bouw. De bekleding voorkwam extra krimp en daarmee invloed op de tunnelvoegen. We moeten nu uitzoeken hoever die invloed reikt.”

Verborgen eisen

“Ik noem dat verborgen eisen. Ze waren ooit belangrijk, maar we weten niet altijd waarom ze zijn gesteld en keuzes zijn gemaakt. De vraag is hoe je er wel rekening mee houdt. Dat kan met reverse engineering. Door terug te redeneren en historisch onderzoek te doen, ontdekken we welke eisen er bij de bouw gesteld zijn, ook als niet alle informatie beschikbaar is. ­Tegelijkertijd kijken we naar faalmechanismen die eerder niet bekend waren, waaronder verbrossing van voorspanstaal onder invloed van waterstof of het zogeheten oprupsen van tunnels, waarbij mootvoegen steeds breder worden onder invloed van omstandigheden zoals temperatuurwisselingen.” 

Kritische factoren

“In het wetenschappelijk onderzoek kijken we naar aspecten die kritisch zijn in de levensduur. Wat er gebeurt in een tunnel willen we kunnen verklaren op basis van wat we meten. We willen weten waar schade of degradatie vandaan komt en of we kunnen ontdekken of dit voorkomen had kunnen worden. Kunnen we zo voorspellen wat ons te wachten staat en bepalen wat de restlevensduur is? En waar ligt de grens? Wanneer weten we genoeg om effectief te kunnen handelen? We willen tunneleigenaren handelingsperspectief kunnen bieden. Daarvoor moeten zij de status van hun tunnel kennen en weten wat zij kunnen doen om schadelijke invloeden tegen te gaan of te beperken. We helpen rationele en kosteneffectieve ­beslissingen te nemen voor het onderhoud en de renovatie van tunnels.”

Onderzoekers, een dataplatform en een proefopstelling

Binnen het wetenschappelijke programma Future Proof Tunnels zijn momenteel vier PhD’ers en een post-doc actief. Daarnaast is er een dataplatform voor tunnels en wordt gewerkt aan een proefopstelling waarin degradatie van voegprofielen onder waterdruk in de praktijk kan worden getest. 

Bart is positief over de vorderingen tot nu toe. “We sturen op Action Based Research. Dat betekent dat we een korte aansluiting op de praktijk en de markt nastreven. Dat is anders dan onderzoek dat in afzondering binnen de universiteitsmuren wordt gedaan. De interactie met de praktijk is mooi om te zien. We hebben senior-adviseurs met ervaring en doorleefde praktijkkennis en onderzoekers met verse kennis van digitalisering, AI en modellen. In het samenwerkingsproces hebben ze allebei iets te brengen. Daarmee is meer dan vroeger sprake van gelijkwaardigheid waarbij van beide kanten kennis wordt ingebracht. Dat maakt het voor de onderzoekers ook leuker om de fijne kneepjes van het vak te leren.”

Proefopstelling

Er wordt een modulaire, multifunctionele fysieke opstelling van een hoek van een zinkvoeg gemaakt. Daarmee kan de afdichtingsconstructie fysiek worden getest. De testopstelling maakt het mogelijk om fundamentele kennis naast praktische testresultaten te vergelijken. Hiermee wordt extra inzicht gekregen in het verouderingsproces van voegen, zodat we beter in staat zijn de technische toestand van deze kritische onderdelen van zinktunnels te voorspellen. 

Dataplatform

Vanuit het tunnelprogramma komt veel kennis en (monitorings)data rondom ­civiele tunnelconstructies beschikbaar. Die data moet actueel inzicht in de ­status van de tunnel verschaffen en het mogelijk maken de restlevensduur beter te voorspellen. Het doel is dat de tunnel als het ware terug kan praten. Met andere woorden, de data geven real time inzicht in de status van de tunnel én maken het ook mogelijk data tussen verschillende tunnels te vergelijken.
Bij afwijkingen in de ene tunnel willen we op basis van data van andere tunnels beter kunnen voorspellen welk gedrag wordt verwacht. Op die manier helpt data per tunnel het collectief om beter inzicht te krijgen en te kunnen voorspellen.”

PhD’er Jacob Pantin

onderzoekt sinds begin 2026 het­ ­interactiegedrag tussen tunnels en de grond. Hij ontwikkelt een gedetailleerd 3D-interactiemodel om het gedrag van de tunnels op de lange termijn te beschrijven.

Dit model kan ook de impact van andere omgevingsfactoren, zoals seizoens­gebonden temperatuurschommelingen en getijdeneffecten, op tunnelvervormingen voorspellen.

PhD’er Namrata Mohan

onderzoekt vervorming en mogelijke faal­­mechanismen van zinkvoegen in bestaande afgezonken tunnels. De nadruk ligt op het gedrag van de GINA-rubberdichting en het omegaprofiel onder langdurige ­vervormingen, zettingen, cyclische belastingen en mogelijke grondindringing
in de voegopening.

Het onderzoek heeft als doel beter te begrijpen hoe deze mechanismen zich in de tijd ontwikkelen en hoe zij eventueel de waterdichtheid en constructieve prestaties van zinkvoegen beïnvloeden. Daarmee wordt inzicht verkregen in grenswaarden van het functioneren van de voegen.

PhD’er Ian Pierce

ontwikkelt een monitoringstrategie om tunnelvervormingen continu met minimale gebruikshinder te meten. De monitoringsdata van twee tunnels, de Noordtunnel en de Willemsspoortunnel, worden al langere tijd 24/7 verzameld en geanalyseerd om het structurele gedrag van de constructies beter te begrijpen.

Op basis hiervan voert hij een vervolg­onderzoek uit naar het langetermijngedrag van beide tunnels en de mogelijke gevolgen daarvan voor hun structurele integriteit
en veiligheid.

Postdoc Ali Ghaderiaram

ontwikkelt praktische monitoringsmethoden om degradatie en mogelijke schade in een vroeg stadium te detecteren en onderhoud beter voorspelbaar te maken. Hij richt zich daarbij op veroudering, waterbelasting, corrosie en mechanische vervormingen
van componenten zoals coatinglagen op de klemstrips van de Omega-profielen.

PhD’er Arne de Jong

PhD’er Arne de Jong identificeert de belangrijkste omgevingsoorzaken voor vervorming. Hij doet dat voor verschillende tunnels in verschillende scenario’s. Hij combineert historische en nieuwe gegevens over geotechnische locatie-­omstandigheden en externe belasting tot een 3D-bodem-structuur-interactiemodel.

Bart Duijvestijn is coördinator van het wetenschappelijke deel van het COB-tunnelprogramma en Business Unit Leader Structures, bridges & tunnels bij Arcadis.

COB AI