De warmtetransitie vergt inzicht in de haalbaarheid en uitvoeringsaspecten van warmtenetten. Heijmans en The People Group hebben daarvoor een eerste versie van een datagedreven softwareoplossing ontwikkeld. Viktor de Haan en Marcel Simons roepen betrokken opdrachtgevers, energiebedrijven, ingenieursbureaus en aannemers uit het COB-netwerk op om samen tot een verdiepingsslag te komen.

De softwareoplossing (GeoSmartDesign Heat) is een tool voor het parametrisch ontwerpen van warmtenetten. Op basis van openbare data bepaalt een algoritme de optimale route voor het distributienet in een woonwijk. Eerder is al met algoritmes berekend welke wijken kansrijk lijken op basis van de warmtebehoefte en welke tracés in beginsel rendabel zijn. De resultaten van die eerste fase zijn via de hiervoor ontwikkelde QuickScan beschikbaar voor alle gemeentes. De tool voor parametrisch ontwerpen bevindt zich nog in de testfase.

“Zie de tool als een routeplanner voor warmtenetten”, zegt Marcel Simons van Heijmans. “Daarbij ligt de focus op inpassing van het netwerk in zijn omgeving, omdat uit deze raakvlakken de grootste risico’s voortvloeien. Daarbij moet je denken aan kruisende leidingen, bomen, bodemverontreiniging, verharding, enz. Al deze raakvlakken hebben grote gevolgen voor de kostprijs en worden vaak pas laat onderkend. Als aannemer zijn we uiteraard vooral geïnteresseerd in deze technische inpassingsaspecten.”

‘We staan voor de keuze om de warmtevoorziening all-electric, met warmtenetten of in een hybridevorm op te lossen.’

Viktor de Haan van The People Group benadrukt dat de warmtetransitie in deze fase vooral gebaat is bij flexibiliteit en inzicht in de voorbereidende fase om zo een goede scope voor een warmteproject te kunnen maken. “We staan voor de keuze om de warmtevoorziening all-electric, met warmtenetten of in een hybridevorm op te lossen. We zien dat gemeenten en initiatiefnemers met participatietrajecten met burgers beginnen op het moment dat zij nog onvoldoende inzichtelijk kunnen maken wat technische en financieel haalbaar is. Het snel visueel kunnen maken van verschillende opties kan enorm helpen in dat proces. Zo voorkom je dat je in het participatieproces verwachtingen wekt die je niet kunt waarmaken.”

Afweging

“Uit ons marktonderzoek blijkt dat er veel onduidelijk is met betrekking tot warmtenetten. Betrokken partijen hebben vaak onvoldoende idee van de kosten”, vervolgt De Haan. “Er gaat subsidie naar projecten in kader van Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) die niet haalbaar blijken, waardoor het draagvlak in de maatschappij afneemt. Als je kijkt naar de uitdagingen die we hebben in de energietransitie, is dat een grote zorg. Wij zijn daarom eerst maar ’s gaan kijken waar rendabele warmtenetten mogelijk zijn. Door het warmtegebruik te delen door de netwerklengte, reken je de lineaire warmtevraag uit. Met behulp van onze algoritmen hebben we dat voor elke wijk in heel Nederland uitgerekend. De resultaten maken we in de QuickScan visueel. In vergelijking met de projecten uit het PAW blijkt dat meer dan de helft van alle warmtenetprojecten bij voorbaat al niet rendabel was. Als initiatiefnemer kun je met behulp van de QuickScan in één minuut inzicht krijgen in welke wijken wél potentieel hebben, waarmee je voorkomt dat je op basis van verkeerde uitgangspunten van start gaat.”

‘We nodigen het COB-netwerk uit om de betaversie gratis te testen.’

TPG en Heijmans zijn nu zover dat er verder verdiept kan worden. Daar hebben zij de input van allerlei partijen uit de sector bij nodig. Simons over de oproep aan de COB-netwerk: “We willen GeoSmartDesign Heat breder inzetten en voorkomen dat we allemaal het wiel opnieuw moeten uitvinden. We nodigen het COB-netwerk uit om de betaversie gratis te testen (zie: warmtenetontwerp.nl), zodat de input van een grote groep gebruikers meegenomen kan worden in de doorontwikkeling. Zo ontstaat een tool waar de hele markt iets aan heeft. Het mooiste is als de markt volgens één standaard werkt en niet ieder voor zich met een aparte tool. Met deze applicatie kunnen we de branche gezamenlijk naar een hoger niveau brengen. Dat is in het belang van Heijmans én van alle andere betrokken partijen. Als wij de risico’s wel in kaart hebben en een ander niet, verliezen wij een aanbesteding op prijs, loopt degene die het werk wel krijgt tegen problemen aan en krijgt de opdrachtgever niet het gewenste resultaat.” De Haan vult aan: “We zorgen in de praktijk voor een gelijk speelveld waar het gaat om de data die je nodig hebt om tot goede afweging en inpassing te komen. We zien dat concurrentie hierin geen rol speelt. Iedereen heeft werk genoeg en heeft – mede vanwege de druk op de arbeidsmarkt – de behoefte om dingen samen slimmer te doen.”

Versnellen en verbeteren

De Haan: “Met de QuickScan geven we partijen meer inzicht in waar een warmtenet rendabel kan zijn. De echte meerwaarde van de applicatie zit in de vervolgfase, het versnellen en verbeteren van het beslisproces en daarmee de gehele warmtetransitie. Om inzicht te krijgen in wat daarvoor nodig is, zijn al heel veel gesprekken gevoerd met beleidsmakers en adviseurs, energiepartijen, bouwers en ingenieurs. Op basis daarvan is een lijst gemaakt van uitvoeringsaspecten die in de applicatie verwerkt zouden kunnen worden om meer inzicht te krijgen in de uitvoeringskosten. In de volgende ontwikkelingsstap willen we bepalen welke aspecten werkelijk relevant zijn in welke fase. Kortom, waar zien partijen wel/niet de meerwaarde van in? En in welke fase van je project heb je welke informatie nodig? Zo heb je in een schetsontwerp nog niet zoveel aan informatie over de diepteligging van kabel- en leidingentracés die je moet kruisen. Dat is een typische aannemersvraag voor de uitvoeringsfase. Maar je wilt in je schetsontwerp al wel op basis van de KLIC weten welke conflicten en risico’s je kunt verwachten, zodat je daar in je tracékeuze op kunt anticiperen. In het kader van de CROW500 wordt het immers steeds belangrijker om dergelijke risico’s in een vroeg stadium te identificeren. De informatie die we met het beschikbaar stellen van de betaversie willen ophalen, moet daarbij helpen.”

‘De kernvraag is: wat wil je bereiken? En wat levert de applicatie op?’

De insteek van Heijmans is praktijkgericht. Simons: “De kernvraag is: wat wil je bereiken? En wat levert de applicatie op?” Vooraf hebben we binnen Heijmans een concreet doel geformuleerd om naartoe te werken: in een uur een realistische offerte maken. Vanuit de energietransitie zien wij een enorme hoeveelheid werk op ons afkomen tegen de achtergrond van een tekort aan goed geschoold personeel, zowel in de uitvoering als het ontwerp en de voorbereidende fase. Samen met The People Group hebben we onderzocht hoe we het ontwerpproces kunnen automatiseren. Daarbij is voor deze applicatie gebruikgemaakt van het GeoSmartDesignplatform van TPG waarop vergelijkbare applicaties draaien voor glasvezel (Geofiber) en water (Geowater). Het partnerschap met TPG is in eerste aanleg gericht op die brede maatschappelijke opgave. In deze fase ontwikkelen we de applicatie verder door gebruik te maken van generieke prijzen en kengetallen. Daarmee creëren we een pre-concurrentieel model, dat een aannemer zelf kan invullen om tot een offerte te komen.”

Simons: “We zien in de praktijk dat op academisch niveau ontworpen warmtenetten zijn gericht op de dimensionering van de warmteleiding. Maar de kosten zitten in de omgevingsfactoren en daar zijn wij als aannemer veel meer in geïnteresseerd. Welke andere netwerken moet je kruisen? Werk je onder bestrating of asfalt? Welke verkeersmaatregelen moet je treffen? Er zijn zo nog veel meer aspecten die van invloed zijn op de kosten van de technische inpassing. We hebben die opgave willen aanvliegen vanuit de behoefte om klanten duidelijk en snel inzicht te geven. Dat is niet alleen ons belang, maar ook relevant voor alle partijen die betrokken zijn bij de het ontwerp en de aanleg van warmtenetten. Het gaat in dit traject dus niet om het proces van Heijmans: het doel is een voor iedereen bruikbare tool. We gebruiken nu onze data om het model te toetsen. Maar het gaat er uiteindelijk om dat de grote gemene deler erin komt, de basisdata waarmee alle partijen kunnen werken. Daarom hebben we nu het idee gelanceerd om de betaversie gratis ter beschikking te stellen aan partijen onder voorwaarde dat zij hun bevindingen terug melden.”

Top-10

“In de praktijk zien we dat gemeenten hun beleid baseren op aanbevelingen van adviseurs voor de technische inpassing van een warmtenet. Daarom betrekken we gemeenten niet in het ontwikkeltraject van GeoSmartDesign Heat, maar wel de top 10-netbeheerders, ingenieursbureaus en aannemers. De applicatie vereenvoudigt hun werk. Je kunt in korte tijd meer scenario’s doorrekenen en op basis daarvan tot een gerichter advies aan de klant komen. Doordat je ook tijdens het proces variabelen kunt toevoegen en de consequenties daarvan snel kunt doorrekenen, ontstaat meer flexibiliteit en daarmee de kans om optimalisaties door te voeren. Overigens hebben we het voor gemeentes wel mogelijk gemaakt om inzicht te krijgen in haalbare projecten in hun gemeente. Deze kunnen ze eenvoudig inzien in de QuickScan.”