Nederland ligt er mooi ingericht bij, maar zijn we niet iets vergeten?

“Nederland is een mooi ingericht stadspark”, zei eens een landschapsarchitect tegen mij. Ik kon het niet ontkennen. Ja, onze zichtbare zijde is goed ingevuld. We springen zorgvuldig met ruimte om en vullen het zo goed en natuurlijk mogelijk in. Maar doen we dat ook ondergronds?

Nee, daar laten we echt nog veel mogelijkheden liggen. Is het omdat we het niet zien en er dan niet aan denken? Wat ik wel weet, is dat ondergronds ruimtegebruik veel extra’s oplevert. Denk aan de entreehal van het Rijksmuseum, de uitbreiding van het museum Ons’ Lieve Heer op Solder of parkeergarage St.-Jan in Den Bosch. Zomaar een greep uit slimme ondergrondse oplossingen die én ruimte opleverden waar het nodig was én bovengronds spaarden wat moest blijven.

Waarom doen we dat niet vaker? Dat probeert Stichting A.M. Schreuders voor elkaar te krijgen. Ab Schreuders richtte deze stichting op om prijzen toe te kennen aan studenten en organisaties die inventieve ondergrondse oplossingen stimuleren. Het ene jaar reiken we aan de studenten twee prijzen uit op het gebied van techniek en vormgeving. Het andere jaar kennen we de Schreudersprijs toe aan een prestatie van bedrijven. Winnaars zijn bijvoorbeeld de Hubertustunnel, de A2-tunnel in Maastricht en het Rijksmuseum.

Al twintig jaar zetten we ons op deze wijze in om aandacht te geven aan ondergronds bouwen. De prijzen worden toegekend door enthousiaste en zeer bekwame deskundigen op het gebied van architectuur, met ontwerpervaring in civiele techniek en universitaire kennis. Een combi die er al jaren voor zorgt dat de beste wint. De beste in het beheersen van risico’s, benutten van de ruimte en het oplossen van een heikel omgevings- of inrichtingsprobleem.

Nederland in 2100 heeft veel meer slimme ondergrondse oplossingen nodig. Het openbaar vervoer, de energievoorzieningen, onze fietsen, winkelcentra en nog veel meer, verlangen betere oplossingen en ruimte die er bovengronds niet meer is. Er is de afgelopen twintig jaar veel geleerd aan bouwtechnieken, risicobeheersing en energiebesparing waardoor ondergrondse oplossingen kosten-concurrent zijn geworden. Onze demografie en ruimtegebruik dwingen ons om meer ondergronds te gaan denken. Ja, het is uitdagend, maar we gaan voor het succes van de oplossing. Denk maar aan de impact van de tunnel in Maastricht of die in Delft. Wie pakt de handschoen op?

Cees Brandsen is hoofdingenieur-directeur van Rijkswaterstaat Water, verkeer en leefomgeving. Eerder was hij HID Grote projecten en onderhoud. Sinds 2010 is Cees bestuursvoorzitter van Stichting A.M. Schreuders.