Naar kennisbank
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

L400 – Eindrapport trillingshinder

Algemene informatie

Auteur C. Esveld et al.
Uitgever CUR/COB
Uitgavedatum 2000
Gepubliceerd 1 mei 2016

Toepassingen

Tunnels

Samenvatting

In de bebouwde omgeving kunnen trillingen schade of hinder veroorzaken. Daarom is in 1995 een onderzoek gestart om voor gebouwen een voorspelling mogelijk te maken van de te verwachten hinder of schade als gevolg van deze trillingen. De eerste fase van dit onderzoek heeft geleid tot een semi-empirisch modulair prognosemodel dat de trillingssnelheid in een gebouw voor de tertsbandmiddenfrequenties tussen 1 en 100 Hz berekent. Dit model is echter onvolledig en diende te worden uitgebreid met bron- en bodemmodulen. Tevens...

In de bebouwde omgeving kunnen trillingen schade of hinder veroorzaken. Daarom is in 1995 een onderzoek gestart om voor gebouwen een voorspelling mogelijk te maken van de te verwachten hinder of schade als gevolg van deze trillingen.

De eerste fase van dit onderzoek heeft geleid tot een semi-empirisch modulair prognosemodel dat de trillingssnelheid in een gebouw voor de tertsbandmiddenfrequenties tussen 1 en 100 Hz berekent. Dit model is echter onvolledig en diende te worden uitgebreid met bron- en bodemmodulen. Tevens dienden de empirische modellen te worden omgezet in fysische modellen. Door de snelle ontwikkeling in informatietechnologie en opslagmedia is het mogelijk gebleken de signaalverwerking te herzien en aan te passen aan de nieuwste technische inzichten en mogelijkheden.

In het kader van het project Ondergrondse Logistieke Systemen (OLS) is het L400-model uitgebreid met toepassingen voor ondergrondse transporttechnieken. Daartoe werd een database van metingen ontwikkeld, werden trillingsbeperkende maatregelen geanalyseerd en werd een module ter toetsing aan richtlijnen en normen ontwikkeld. De database en de toetsingsmodule zijn in het prognosemodel geïntegreerd. In het rapport worden aanbevelingen gedaan voor een vervolgtraject, waarbij het accent vooral zal liggen op het gebruikersvriendelijk maken van het prognosemodel.

De tweede fase van het onderzoek naar trillingshinder, waarvan dit rapport verslag doet, kenmerkt zich door het uitbreiden, verfijnen, verifiëren en valideren van de rekenkernen van het prognosemodel.

Het rapport besluit met enkele voorbeelden van praktijktoepassingen van het prognosemodel en een voorstel voor een procedure voor exploitatie van het prognosemodel.

Gerelateerde documenten

Trillingshinder door exploitatie van railinfrastructuur
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Trillingshinder door exploitatie van railinfrastructuur

Auteurs:
Bakker et al.
Uitgever: Centrum ondergronds bouwen
Uitgave: 3 november 2011 | Geüpload op: 8 september 2016

Ondanks een toename aan personen- en goederenvervoer moet de leefbaarheid rond het spoor op peil blijven. Op initiatief van ProRail heeft de COB-commissie T130 daarom onderzoek gedaan naar toepasbare maatregelen om trillingshinder bij het spoor te beperken. Het projectvoorstel is gebaseerd op een diepgaande analyse van de huidige kennis van zaken op het gebied van trillingshinder door onder andere Deltares, TU Delft en TNO.

Bekijk document
F530 – Aanbevelingen voor het ontwerp van bouwkuipen in stedelijke omgeving
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

F530 – Aanbevelingen voor het ontwerp van bouwkuipen in stedelijke omgeving

Auteurs:
M. Korff, R.P. Roggeveld et al.
Uitgever: COB
Uitgave: 2012 | Geüpload op: 1 mei 2016

In de rapportage worden opgedane ervaringen tezamen met bestaande rekenmethoden ter bepaling van de omgevingsbeïnvloeding gebundeld tot een praktisch bruikbaar boekwerk waarmee risico’s voor de omgeving van bouwkuipen beter inzichtelijk en beheersbaar kunnen worden gemaakt.

Bekijk document
L510 – Inventarisatie ontwerpmethoden boortunnels voor weg- en railverbindingen
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

L510 – Inventarisatie ontwerpmethoden boortunnels voor weg- en railverbindingen

Auteurs:
Commissie L510 (COB)
Uitgever: COB
Uitgave: 1996 | Geüpload op: 6 september 2016

Dit rapport bevat een inventarisatie van ontwerpeisen en bijbehorende ontwerpmethoden voor boortunnels onder Nederlandse omstandigheden.

Bekijk document
L400 – Module bodem: deel 4 tunnel als bron
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

L400 – Module bodem: deel 4 tunnel als bron

Auteurs:
J.P. Pruiksma, P Hölscher
Uitgever: CUR/COB
Uitgave: 25 oktober 1999 | Geüpload op: 1 mei 2016

Het transmissiemodel voor golfvoortplanting in een horizontaal gelaagde bodem is in dit rapport uitgebreid zodat ook golfvoortplanting uit een tunnel gesimuleerd kan worden.

Bekijk document
L400 Trillingshinder in de bebouwde omgeving
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

L400 Trillingshinder in de bebouwde omgeving

Auteurs:
-
Uitgever: Centrum ondergronds bouwen
Uitgave: 1999 | Geüpload op: 1 mei 2016

In de bebouwde omgeving kunnen trillingen schade of hinder veroorzaken. Daarom is in 1995 een onderzoek gestart om voor gebouwen een voorspelling mogelijk te maken van de te verwachten hinder of schade als gevolg van deze trillingen.

Bekijk document
Dynamische beschouwingen boortunnelmodel
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Dynamische beschouwingen boortunnelmodel

Auteurs:
A.J. Snethlage
Uitgever: Holland Railconsult
Uitgave: 10 mei 1999 | Geüpload op: 1 mei 2016

Tot op heden worden analyses bij boortunnels ten aanzien van krachten en verplaatsingen aan de lining bij Holland Railconsult statisch uitgevoerd. Met de in dit rapport opgenomen modellen is het dynamisch gedrag aan het maaiveld te bepalen.

Bekijk document
COB AI