De Schreudersstudieprijs is dé prijs voor een afstudeeronderzoek op het gebied van ondergronds bouwen. De prijs wordt 2021 weer uitgereikt aan een veelbelovende student. Hieronder ziet u wie er al meedingen.

  • Charlotte van der Woude, Academy of architecture Amsterdam
    Nature is under your feet
    Het project ‘Nature is Under your Feet’ is gesitueerd in Londen, waar twaalf voormalige zijarmen van de Theems rivier – weliswaar begraven onder lagen beton – nog steeds onder de stad stromen. Deze ondergrondse landschappen bieden kansen voor onbekende en kwetsbare biotopen. Het ontwerp verkent één van deze stromen: de voormalige rivieraftakking met de naam Fleet Sewer. Binnen het project wordt voorgesteld om het gemengde rioolstelsel te transformeren tot een gescheiden, schone waterloop met zes ‘natuurkamers’ waar boven- en onderwereld met elkaar worden verbonden. ‘Nature is Under your Feet’ onderzoekt of de verborgen structuur van de Fleet Sewer een kans biedt om ‘nieuwe natuur’ te creëren. Hiermee worden plekken in de stad voorzien voor een fragiele natuur die normaal gesproken niet in de stad kan overleven. Bedreigde plant- en diersoorten krijgen een rustige plek binnen het stedelijke leven en hiermee voegt het project een nieuwe dimensie toe aan de stad.
    >> Naar scriptie
  • Sergio Dias, Academie van Bouwkunst Amsterdam
    Sporen, een instituut voor de slavernij
    Sergio Dias heeft het West Indische pakhuis aan de Prins Hendrikkade op Rapenburg in Amsterdam geactiveerd als entree naar een nieuw integraal gebouw. Dit gebouw voegt zich onder de Prins Hendrikkade en bevat vaste en tijdelijke expositieruimtes, organisaties die onderzoek doen naar het slavernijverleden, een auditorium, archief, bibliotheek en restaurant/café. Het programma is gesitueerd rondom drie vides met reflecting pools die het gebouw verankeren aan locatie en beleving. De vides leggen connecties tussen maaiveld, gebouw en oosterdok. Ze sluiten aan op twee hoofdassen van het gebouw die je als bezoeker van donker naar licht, of andersom voert. Het gebouw heeft associaties met het ondergrondse, forten, bastions en de scheepvaart. Dit gebouw is gefundeerd op het idee dat het een historische connectie heeft met de plek waar het staat.
    >> Naar scriptie
  • Floor van Daatselaar, TU Delft
    The geotechnical bearing capacity of old timber piles
    In deze scriptie is onderzoek gedaan naar de geotechnische draagkracht van oude houten palen in Amsterdam. Op dit moment worden aannames gedaan bij het bepalen van de resterende draagkracht van oude houten palen. Terwijl het nauwkeurig bepalen van de resterende draagkracht juist van groot belang is voor de gigantische renovatieopdracht waarvoor de gemeente Amsterdam op dit moment staat. Het onderzoek combineert praktijk- en theoretisch onderzoek en bestaat dus uit twee delen. Het eerste deel betreft schuifproeven in het laboratorium op oude en nieuwe houten palen om te onderzoeken of er verschil ontstaat in de schachtwrijving door bacteriële aantasting. Het tweede deel is een Monte Carlo-analyse waarin de belangrijkste paalparameters worden gevarieerd op basis van datasets van Amsterdamse palen. De invloed van de parameters op de geotechnische draagkracht wordt bepaald voor twee representatieve sonderingen. Met de conclusies uit dit onderzoek kan een betere inschatting gemaakt worden van welke bruggen en kades in Amsterdam met de hoogste prioriteit hersteld moeten worden.
    >> Naar scriptie
  • Herman de Graaf, Avans+
    Veroudering van buisleidingen en het effect hiervan op de veiligheid en betrouwbaarheid
    In dit afstudeerproject is onderzoek gedaan naar de veroudering van buisleidingen en de effecten hiervan op de veiligheid en betrouwbaarheid en hoe deze voor de lange termijn inzichtelijk kunnen worden gemaakt en gehouden. Veroudering is binnen de branche een belangrijk onderwerp en staat volop in de aandacht. Enerzijds vanwege het feit dat buisleidingen langer worden gebruikt dan ‘vroeger’ voorzien, anderzijds door de energietransitie die steeds meer vorm krijgt. Naast veroudering wordt inzicht gegeven in veiligheid en betrouwbaarheid. Daarnaast is gekeken naar ontwikkelingen op de energiemarkt en in de maatschappij, de toepasbaarheid van lange termijn assetplanning en het gebruik van smart technologies. Uit het onderzoek blijkt dat veroudering van buisleidingen niet alleen wordt veroorzaakt door degradatiemechanismen zoals corrosie en vermoeiing, maar dat veroudering van kennis en organisaties hier ook een essentieel onderdeel van uitmaakt.
    >> Naar scriptie
  • Mart-Jan Hemel, TU Delft
    Submerged floating tunnel. The dynamic response due to fluid-structure interaction
    Een van de nieuwste ontwikkelingen in de bouw is het conceptueel idee van een Submerged Floating Tunnel (SFT), ook bekend als Archimedes brug. De SFT wordt ondersteund door zijn drijfvermogen en op zijn plek gehouden door kabels die in de bodem verankerd zijn. In deze thesis is een dynamisch model ontwikkeld om het effect van golven en stromingen op het dynamische karakter van de tunnel te onderzoeken. Daartoe is een supplement van de klassieke Morison-theorie ontwikkeld. Het model is gevalideerd met lab-experimenten en de uitkomsten zijn veelbelovend. Tunnelbewegingen, snelheden en versnellingen, maar ook kabelkrachten kunnen accuraat voorspeld worden. Het model is snel, waardoor duizenden tunnelconfiguraties doorgerekend kunnen worden, hetgeen belangrijk is in een conceptfase.
    >> Naar scriptie
  • Natalia Vilanova Hanusaik, TU Delft
    Analysis and optimization of transverse post-tensioning in concrete immersed tunnels
    Dit afstudeeronderzoek analyseert de implementatie van dwarsvoorspanning in afgezonken tunnels. De toepassing van dwarsvoorspanning kan de verkeerscapaciteit van afgezonken tunnels vergroten. De fase waarin de constructie wordt voorgespannen (constructiefase) en de fase waarin de tunnel is afgezonken (definitieve fase) zijn met elkaar vergeleken. In de constructiefase is de grond- en waterdruk nog niet aanwezig, in de uiteindelijke fase wel. De tijdelijke opwaartse buiging die ontstaat leidt tot scheurvorming aan de buitenzijde van de tunnel. Met een parameteranalyse en een eindige-elementenanalyse en een casestudy brengt dit onderzoek in kaart wanneer voorspannen kan en zou moeten worden toegepast. Tevens brengt het onderzoek inzicht in de beperkende factoren voor de implementatie van deze techniek. Geconcludeerd is dat voorspanning met succes kan worden toegepast om de capaciteit van afgezonken tunnels te vergroten.
    >> Naar scriptie
  • Niels van Schie, Avans+
    Leidt het toepassen van flexibele RVS warmteleidingen tot lagere kosten en een hogere productiviteit?
    Het aansluiten van eindgebruikers op een warmtenet, om de warmtetransitie in de gebouwde omgeving mogelijk te maken, vraagt om infrastructuur van warmtenetten. Dat betekent dat de bestaande warmtenetten moeten worden verdicht, uitgebreid en verzwaard en dat hele nieuwe warmtenetten moeten worden uitgerold. Door de krapte van technisch uitvoerend personeel kan de gewenste productie niet behaald worden om versneld de warmtenetten aan te leggen. Hierin schuilt een potentieel gevaar voor de groeidoelstelling uit het klimaatakkoord. Om de productie te vergroten, zal de doorlooptijd van het ontwerpen en aanleggen van warmteleidingen verkort moeten worden. Technologische innovaties bieden wellicht de mogelijkheid om de doorlooptijd te verkorten, waardoor de productiviteit kan toenemen. Een voorbeeld is de flexibele roestvaststalen (RVS) leiding, als alternatief voor de traditionele Staal-PUR-PE-leiding. Daarom is onderzocht welk effect het toepassen van een RVS leiding heeft.
    >> Naar scriptie
  • Lisa Swaalf, TU Delft
    Reliability analysis of Submerged Floating Tunnels
    Een Submerged Floating Tunnel (SFT) drijft onderwater en kan een oplossing zijn voor oversteken van een diepe of brede waterweg. De tunnelbuis wordt met ankerkabels bevestigd aan de zeebodem of aan drijvende pontons. Dit onderzoek richt zich op de betrouwbaarheid van de variant met ankerkabels. Om de SFT probabilistisch te ontwerpen is een geschikt betrouwbaarheidsniveau bepaald. Er is kalibratie uitgevoerd met de algemene partiële veiligheidsfactoren van de Eurocode. Belangrijke faalmechanismen zijn gedefinieerd. Een eerste-orde betrouwbaarheidsmethode (FORM) en een Monte Carlo-simulatie (MC) bepaalden de grenstoestanden van deze mechanismen. Verder is de robuustheid van de constructie geanalyseerd aan de hand van scenario’s. De toegepaste methode is bruikbaar voor toekomstige betrouwbaarheidsanalyses van de SFT.
    >> Naar scriptie
  • Brian Brongers, TU Delft
    Shear behaviour of tunnels subjected to fire
    In dit afstudeerproject is er gekeken naar de dwarskrachtcapaciteit van tunnels, en wat de gevolgen van brand hierop zijn. De focus is gelegd op de Heinenoordtunnel, waar geen dwarskrachtwapening is toegepast. Uit recent onderzoek is gebleken dat de huidige normen de dwarskrachtcapaciteit van beton overschatten. Proefstukken uit dit onderzoek zijn met behulp van numerieke rekenmethoden geanalyseerd om in kaart te brengen in hoeverre dit schaaleffect reproduceerbaar is. Op basis van de resultaten zijn modellen opgesteld van de Heinenoordtunnel waarmee de dwarskrachtcapaciteit getest wordt in de situatie zonder brand en met brand. Deze resultaten zijn vervolgens ook vergeleken met de uitkomsten van een analytische rekenmethode.
    >> Naar scriptie
  • Slavenko Grabovac, Avans+
    Bepaling van het inspectie-interval voor de transportleidingen in Nederland
    In deze studie is onderzocht hoe het inspectie-interval kan worden bepaald van de door corrosie aangetaste buisleiding voor het vervoer van de gevaarlijke stoffen, om het veiligheidsniveau op gelijke hoogte te houden. In twee casestudies zijn de inspectie-intervallen deterministisch bepaald en de faalkansen berekend met probabilistische sterkteanalyse en Monte Carlo-simulaties. Het onderzoek heeft onder meer aangetoond dat de probabilistische methodes zich sterk verhouden tot het veiligheidsniveau, in tegenstelling tot de deterministische methoden. Hieruit volgt bijvoorbeeld dat er hoge risico’s kunnen ontstaan door het uitvoeren van leidingreparatie op basis van een deterministische methode.
    >> Naar scriptie
  • Daniel Dobrovinsky, TU Delft
    Bored tunnel lining behaviour in discontinuous rock
    In dit afstudeerproject is het gedrag van een geboorde tunnelconstructie gelegen in zeer abrupt wisselende geologie onderzocht. Uit resultaten van gevalideerde en gekalibreerde Plaxis-analyses is gebleken dat de krachtswerking in de tunnel significant reduceert door het gedrag van boogwerking in breukzones op een ingenieuze wijze te beschouwen. De geotechnische ingenieur kan in een vroeg ontwerpstadium, gebruikmakend van een makkelijk op te stellen grondmodel, de invloed van het nadelig werkende gedrag van een breukzone op de tunnel reduceren of zelfs uitsluiten. Deze aanpak draagt bij aan een optimalisatie van het boortunnelontwerp.
    >> Naar scriptie
  • Oscar Terheijden, TU Delft
    Veilig afhandelen van procesverstoring tijdens het tunnelboorproces
    Op basis van wetenschappelijke modellen geeft dit afstudeeronderzoek aanbevelingen om het tunnelboorproces veiliger te maken en daarmee ongevallen te voorkomen. Als er een procesverstoring in het boorproces optreedt, moeten medewerkers op de tunnelboormachine ingrijpen. Hierbij wordt de veiligheidsbarrière ‘afstand’ opgeheven en wordt een medewerker blootgesteld aan een gevaar. Tijdens het tunnelboorproces van de Rotterdamsebaan zijn de procesverstoringen gedetailleerd in kaart gebracht en vergeleken met ongevallenonderzoeken. Hierdoor werd het mogelijk om toekomstige ongevalsscenario’s te voorspellen en aanbevelingen te doen om ongevallen in de toekomst te voorkomen.
    >> Naar scriptie
  • Inge de Wolf, TU Delft
    The observational method for building pits in soft soil conditions
    Dit afstudeeronderzoek stelt een methodiek voor om observatiedata (damwandverplaatsingen) op een statistisch verantwoorde manier te verwerken via zogeheten Bayesiaanse updating. Deze methodiek wordt gedemonstreerd aan de hand van reeds uitgevoerde diepe ontgravingen in Nederland. De methodiek brengt aan het licht welke beperkingen er zijn in de huidige ontwerpmethodiek en rekenmethoden, en biedt een andere perceptie op het belang van een integrale ontwerpmethodiek en het opstellen van een monitoringsplan.
    >> Naar scriptie
  • Ivanka van Berkom, TU Delft
    An automated system to determine constitutive model parameters from in situ tests
    In dit afstudeerproject is een geautomatiseerd systeem ontwikkeld om constitutieve parameters voor een grondmodel direct af te leiden uit veldgegevens. Speerpunten zijn daarbij transparantie (de resultaten zijn verfieerbaar) en flexibilieit (het systeem is uitbreidbaar). Het doel is de betrouwbaarheid van de verkregen constitutieve modelparameters, die nodig zijn voor numerieke analyses in geotechnische toepassingen, te verhogen. Daarbij krijgt de gebruiker van het systeem, de geotechnische ingenieur, volledig inzicht en controle over het systeem waardoor nauwkeuriger en sneller gewerkt kan worden.
    >> Naar scriptie
  • Kasper Tijs, TU Delft
    Enriching the maintenance and operation of Dutch Tunnels
    In dit afstudeerwerk zijn de mogelijkheden verkend van het gebruik van digitale tweelingen voor het onderhoud en de exploitatie van tunnels. In het literatuuronderzoek is onderzocht wat een digitale tweeling eigenlijk is in de wetenschappelijke wereld, zonder focus op een specifieke sector. Vervolgens is bepaald wat eindgebruikers van tunnels (maintenance managers) nodig hebben, maar ook graag zouden willen zien in een dergelijke nieuwe technologie. In de analyse is de link gelegd tussen wat mogelijk is en wat er gevraagd wordt. Hieruit zijn thema’s naar voren gekomen waarin veel potentie zit voor digitale tunneltweelingen, zoals energiemanagement, systeemafhankelijkheden en planningsmanagement.
    >> Naar scriptie
  • Dictus Deutekom, Hogeschool van Amsterdam
    De waterveiligheid van ondergrondse algemene voedingspunten in het elektriciteitsnet
    In dit afstudeeronderzoek is onderzocht hoe de waterveiligheid van ondergrondse algemene voedingspunten (transformatorhuisjes) bepaald kan worden. Transformatorhuisjes staan meestal bovengronds en nemen met name in steden veel openbare ruimte in beslag. De vraag naar elektriciteit neemt toe, dus zullen er ook steeds meer algemene voedingspunten bijkomen. Daarom moet worden gekeken naar alternatieve locaties hiervoor, mogelijk ook ondergronds. Na een literatuuronderzoek naar de invloeden van wateroverlast (regenval, dijkdoorbraak, gesprongen waterleidingen, etc. ) is een tool ontwikkeld die de kans per jaar op uitval van het algemeen voedingspunt bepaald als gevolg van wateroverlast. Hiermee kan een keuze worden gemaakt om het algemeen voedingspunt op een locatie boven- of ondergronds te plaatsen.
    >> Naar scriptie
  • Emma de Bloois, The Hague university of applied science
    Biomimicry of cables and pipes in the subsurface of Rotterdam
    Voor dit afstudeerproject is er gekeken naar de ruimtelijke inpassing van kabels en leidingen in de ondergrond van Rotterdam, en in hoeverre biomimicry hierbij kan helpen. De problemen worden naast elkaar uitgelegd om vervolgens de omgeving te beschouwen als een ecosysteem, om zo op innovatief niveau een oplossing te bedenken.
    >> Naar scriptie
  • Mark van der Heijden, TU Delft
    Bescherming van Noordzeekanaal-tunnels tegen scheepvaartcalamiteiten – Casus Velsertunnels
    In dit afstudeeronderzoek is gekeken naar de constructieve veiligheid van de Noordzeekanaal-tunnels bij calamiteitsbelastingen veroorzaakt door scheepvaart. Het onderzoek is uitgevoerd middels een casestudie op de Velsertunnels (spoor- en autotunnel). In het eerste deel van het onderzoek wordt een methodiek gegeven voor de beoordeling van de constructieve veiligheid van een tunnel gelegen onder de vaarweg. Het tweede deel gaat in op potentiële oplossingen voor het verhogen van de constructieve veiligheid en de minimalisatie van dikte van de tunnelbescherming. Uit het onderzoek volgt dat door toepassing van een beschermende constructie, als alternatief voor de huidige tunneldekking, zowel de constructieve veiligheid kan worden vergroot als dat de dikte van de tunnelbescherming kan worden geminimaliseerd.
    Afstudeeronderzoek nog tot eind maart 2023 onder embargo.