Van object- naar systeemveiligheid

Grote ondergrondse projecten worden nog overwegend gezien als het realiseren van een geïsoleerd object met een eigen budget en tijdsplan, en niet als een systeemaanpassing of -uitbreiding. De componenten in dat systeem voldoen aan alle geldende veiligheidseisen maar veilig gebruik en veilig beheer van het systeem zelf is nog niet optimaal geregeld. Hoe kunnen we dit oplossen?

Aanleiding voor dit project zijn de ervaringen bij het afronden van de Noord/Zuidlijn in Amsterdam. “De nieuwe metrolijn voldoet aan de wet, laat dat duidelijk zijn”, zegt Ron Beij, projectleider bij het COB. “Alle besluiten over de metrolijn en de stations zijn echter voorafgaand aan de bouw, in de vorige eeuw, genomen. Dat betekent dat de toegepaste veiligheidsfilosofie twintig jaar oud is. Inmiddels denken we heel anders over risico’s en is er door de enorme ontwikkelingen op het gebied van ICT veel meer mogelijk. Ook hanteren we ondertussen andere uitgangspunten en zijn er modernere analyse-instrumenten beschikbaar. En dat is nog los van het feit dat wetgeving hoe dan ook altijd achterloopt op de actualiteit.” Ron Galesloot, adviseur bij de brandweer Amsterdam-Amstelland, vult aan: “Bestaande veiligheidsregelgeving houdt nauwelijks rekening met toekomstige ontwikkelingen en nieuwe risico’s. Er komen bijvoorbeeld steeds meer elektrische auto’s. Dat is goed voor het milieu, maar als een accu van een Tesla in een tunnel in brand vliegt, kunnen wij die als brandweer nu niet blussen.”

Dit voorbeeld illustreert dat de veiligheid van een ondergronds object grote invloed heeft op de veiligheid van de openbare ruimte. Er is behoefte aan een systeembenadering waarin projecten in hun samenhang en als onderdeel van het systeem worden beschouwd en het systeem zich aanpast aan de veranderende eisen en wensen van de maatschappij.

Plan van aanpak

Om na te gaan in welke mate het netwerk de vraagstukken deelt en eraan wil meewerken, zijn er gesprekken gevoerd met collega’s uit het netwerk. Deze gesprekken waren oriënterend en de gesprekspartners hebben bijgedragen op persoonlijke titel. Ook heeft er op het COB-congres 2018 een workshop plaatsgevonden.

Op basis van deze eerste verkenning zijn er drie sporen geformuleerd:

  1. Welke aspecten behoeven aandacht als we gaan kijken naar systeemveiligheid?
    • Meervoudig ruimtegebruik
    • Nieuwe risico’s (bv. nieuwe energiedragers, kunstmatige intelligentie)
    • Gekoppelde infrastructuur bestaande uit verschillende modaliteiten
    • Veilig gebruik
    • Veilig beheer
    • Wet- en regelgeving
  2. Hoe ontwerpen we ‘beter’ en toekomstbestendiger?
    • Nieuwe technieken, inzichten, risico’s
    • Adaptief (geplande wijziging)
    • Veerkrachtig (resilient, respons na een verstoring)
  3. Hoe werken we samen tijdens de gehele levenscyclus van een systeem?

Momenteel wordt in klein comité nader onderzoek gedaan naar de aard en omvang van de afzonderlijke sporen. Dit omvat het verzamelen en beschrijven van casussen en het analyseren van oorzaken. Wanneer er meer inzicht is in de prioriteit, samenhang en inhoud van de vraagstukken, zullen er meer specialistische deel-projectleiders worden gezocht voor de verdere uitwerking.