Na twee volle termijnen van vier jaar hebben Jan Willemsen (voorzitter) en Gert-Jan Vermeulen per 1 januari 2021 afscheid genomen van het bestuur van het COB. Acht jaar waarin het COB met behoud van de unieke eigen identiteit groeide van een ‘kenniscentrum voor tunnels’ naar een netwerk met een bredere scope van ondergronds ruimtegebruik met inbegrip van ondergrondse kabel- en leidingeninfrastructuur en internationale contacten. Een terugblik.

Links Gert-Jan Vermeulen, rechts Jan Willemsen. (Foto: Vincent Basler)

Jan: “Het bestuurslidmaatschap van het COB is zo leuk, dat je het zou willen blijven doen. Het COB is altijd een feestje. Na twee periodes van vier jaar vertrek ik niet uit vrije wil, maar het is ook goed dat er met nieuwe mensen weer nieuwe ideeën binnenkomen.”

Gert-Jan: “Eens. Het COB is een mooie mengeling van abstracte visie en concrete invulling. Het was mooi daar deel van uit te maken, maar het is ook mooi om het stokje na zo’n periode weer over te dragen.”

2012-2020

Jan: “Ik was het eerste bestuurslid uit de installatiesector. We hadden toen nog geen participanten uit de installatiehoek, behalve bedrijven die onderdeel uitmaakten van een groter concern.”

Gert-Jan: “Ik had net een achtjarige bestuursperiode civiele betonbouw bij Bouwend Nederland afgesloten en was op zoek naar iets nieuws. Bij het COB komen installatie, bouw, wetenschap, opdrachtgevers en kennisinstituten samen om het hele werkveld vooruit te brengen. Bij Bouwend Nederland ging het meer om belangen, bij het COB zijn zowel de inhoud als de vorm anders.”

Jan: “Dat is inderdaad de gave van het COB, iedereen is gelijk, het gaat over de inhoud. Jaren geleden heb ik een boek gelezen over open innovatie waarin werd gesteld dat je alleen vooruit kunt komen als je kennis deelt. En dat is precies zoals het bij het COB gaat.”

‘Iedereen is gelijk, het gaat over de inhoud.’

Gert-Jan: “Het COB was uniek bij ons aantreden en is dat nog steeds. Met de verbreding met installatie en kabels en leidingen heeft het COB die eigenheid vast weten te houden. Kabels en leidingen zitten dan weliswaar nog in de kraamkamer, maar de filosofie is hetzelfde. De wereld van kabels en leidingen is juist een werkveld waar een netwerkorganisatie ontbreekt en het COB vult die leemte op.”

Jan: “Het COB blijft weg van contractafspraken en dergelijke. Kennis delen is altijd de gemeenschappelijke factor. Ik heb voor dit vak gekozen vanwege de inhoud en dat zal voor de meesten gelden. Die aanpak is crisisbestendig gebleken. Ook nu stoomt het COB gewoon door.”

Gert-Jan: “De sfeer is heel belangrijk. Het COB hanteert het ‘safe haven’-principe. Je kunt over het vak praten zonder tegenstellingen. Dat biedt de ontspanning in de onderlinge relatie die nodig is om resultaten te boeken.”

Jan: “Het begint bij het team. Voor hen is iedereen gelijk, of je nu in het bestuur zit of in een werkgroep, ook dat maakt dat je je snel op je gemak voelt.”

Mijlpalen

Jan: “Door ondergronds bouwen als geheel te zien, komt het COB-netwerk tot verbetering en vernieuwing. Dat hebben we vanuit het bestuur gestimuleerd, maar we hebben ook gesproken over de vraag of je met bijvoorbeeld de internationale verbreding het COB niet opblaast. De conclusie was: Ga het wel doen, maar respecteer je grenzen. Als we het goed doen, is de internationalisering van toegevoegde waarde voor de Nederlandse partners. De kunst is om stapsgewijs te verbreden, zonder het karakter van de organisatie te beschadigen, en dat lukt heel goed.”

Gert-Jan: “Van betonnen boortunnel naar ondergronds ruimtegebruik, dat is de weg die het COB met behoud van de eigen filosofie heeft afgelegd. Het is een kleine wendbare organisatie met een groot netwerk gebleven.”

Jan: “Een kleine basis en van daaruit gebruikmaken van participanten om projecten uit te voeren met goede sturing van een team dat keihard werkt. Daar komt het allemaal bij elkaar.”

Gert-Jan: “En sinds enige tijd ook met de wereld van kabels en leidingen erbij. Met Common ground voor ondergrondse infra zijn flinke stappen gemaakt. Het project heeft er ook toe geleid dat andere partijen tot het netwerk zijn toegetreden.”

Jan: “Het werkveld van kabels en leidingen moet van veel verder komen. Het is mooi om te zien dat Edith als projectleider sticks to the plan. Zij blijft uitstralen dat iedereen binnen het COB gelijk is. Dat leidt er onder andere toe dat opdrachtgevers in die hoek de voordelen van de COB-aanpak zien.”

Gert-Jan: “De aanpak op het gebied van kabels en leidingen heeft potentie om – net als die voor tunnels –een heel groot effect te krijgen. Dat geldt overigens ook voor verschuiving van bouw naar onderhoud en beheer, waardoor tunnelbeheerders aansluiten. Ook dat is in feite weer een nieuw speelveld.”

Jan: “Hetzelfde geldt voor de internationale activiteiten. Met Beyond a tunnel vision zien we dat het COB ook internationaal een generator is voor innovatie. De energieneutrale tunnel is een voorbeeld van een mede vanuit het COB geïnitieerde ontwikkeling die nu internationaal wordt opgepakt.”

Nalatenschap

Jan: “Aan mijn opvolger zou ik willen doorgeven wat Jan de Jong acht jaar geleden aan mij doorgaf. Zorg ervoor dat je de uitgangspunten van het COB respecteert. Dat is de kern. We hadden acht jaar geleden niet kunnen voorzien welke stappen er allemaal genomen zouden worden. Spar daarover met het team, bestuur niet op afstand, maar kies voor meedenken, juist dat is superleuk om te doen.”

‘We hadden acht jaar geleden niet kunnen voorzien welke stappen er allemaal genomen zouden worden.’

Gert-Jan: “Dat is inderdaad het belangrijkste. Op de website staat: ‘Het COB is een netwerkorganisatie gericht op het verzamelen, ontwikkelen en ontsluiten van kennis over en gerelateerd aan ondergronds ruimtegebruik. De organisatie zelf is klein en het netwerk groot: de kennisontwikkeling vindt altijd plaats in gezamenlijkheid, want alleen door samen te werken kunnen we de kwaliteit van ondergronds ruimtegebruik versterken.’ Als je die woorden als leidraad gebruikt, kom je er wel. Het bestuur is de hoeder van die uitgangspunten, stelt zo nu en dan kritische vragen en houdt financieel een vinger aan de pols.”

Jan: “Maar het team is echt de motor. Je hebt de hele auto nodig om vooruit te komen, maar dat kan niet zonder de inzet en creativiteit van het team. Dat zie je bijvoorbeeld aan hoe Karin en haar team in 2020, het jaar waarin het COB 25 jaar bestond, heel snel zijn overgeschakeld naar digitaal. Petje af daarvoor, want die aanpak komt echt voort uit de kracht van het team.”

Persoonlijk

Gert-Jan: “Ik heb op een andere manier kennisgemaakt met alle geledingen van het ondergronds bouwen en ervaren dat als je onderling de verbinding legt, je met dezelfde spelers verder komt. Nu klinkt dat vanzelfsprekend, maar acht jaar geleden had ik dit nog niet zo kunnen verwoorden. Wat met de omschrijving op de website wordt bedoeld, beleef ik nu ook echt.”

Jan: “Werken met het COB heeft aangetoond dat open innovatie – mijn droom sinds ik dat boek heb gelezen – echt werkt.”