Instandhouding zinkvoegen

Terug naar kennisbank
  • Document code: T330
  • Auteur: Berkhout et al.
  • Jaar: 2014

Samenvatting

In 1937 begon het met de Maastunnel en een van de meest recente is de Tweede Coentunnel (2009-2013). In Nederland zijn zinktunnels niet meer bijzonder. Toch komen er bij onderhoud en renovatie soms moeilijke vragen naar boven. Zo is er nog veel onduidelijkheid over het ontstaan van lekkages in zink- en sluitvoegen. Dit rapport geeft advies over de te nemen stappen bij tunnelonderhoud en -renovatie om de kans op lekkage te kunnen inschatten en de gevolgen te beheersen.

Doordat zink- en sluitvoegen niet of moeilijk inspecteerbaar zijn, is niet bekend of vast te stellen wanneer lekkage optreedt. Ook is niet bekend welke mechanismen zich daarbij voordoen en wat de gevolgen daarvan zijn. Dit rapport is een ondersteuning bij preventief onderhoud, maar ook in geval er op korte termijn acties gewenst zijn. Er worden achtergronden gepresenteerd en advies gegeven over wat er wél gedaan zou kunnen worden en wat er níet gedaan zou moeten worden. Het is geen kant-en-klaar kookboek – omdat elke tunnel uniek is in zijn details, blijft engineering judgement vereist – maar het vormt een goede basis voor nader onderzoek naar de risico’s op lekkage in de zink- en sluitvoegen.

Aanleiding voor dit rapport was een lekkage in de zinkvoegconstructie van de Eerste Coentunnel, die de Coentunnel Company moest oplossen tijdens de tunnelrenovatie. De oorzaak van de lekkage was niet eenduidig: wat is dan de beste aanpak? Dat is een vraag die waar veel tunnelbeheerders mee te maken zullen krijgen, gezien de hoge leeftijd van de meeste Nederlandse zinktunnels De Coentunnel Company en Rijkswaterstaat hebben het COB daarom benaderd om een gezamenlijk onderzoeksproject uit te voeren naar het voorkomen en beheersen van lekkages. Deskundigen van diverse participanten van het COB hebben aan deze preventieve studie meegewerkt.