Loading...

De Onderbreking

Verbinden

Verbinden

Slimmigheden in de sluiskiltunnel

Harderwijk, Parkeergarage Houtwal

Nieuwe kennis naar de praktijk

COB en Verbinden

Interactief met bodeminformatie

Onderbreking Verbinden

Kabels en leidingen en waterkeringen

Assen, Drents Museum

Zwemmen in een schuilkelder

Alle winst uit de ondergrond

Kennisbank

Verbinden

Uit de trends blijkt dat de complexiteit van ondergrondse opgaven alleen maar groeit. Complexiteit vraagt niet alleen om een integrale aanpak en een integraal ontwerp. Adaptief ontwikkelen en ontwerpen zal het uitgangpunt worden, naast het innovatief combineren van vakgebieden. Voor het COB betekent dit dat projecten gericht op het leren samenwerken en het ontwikkelen van ‘zachte vaardigheden’ nog belangrijker worden. Hierbij gaat het vaak om het combineren van sociale intelligentie en technische intelligentie. Zelfs vakgebieden die dicht naast elkaar werken, zoals de mensen van de ondergrond en de ruimtelijke ontwikkelaars, vinden en begrijpen elkaar niet zomaar, en vaak al helemaal niet in een vroeg stadium van gebiedsontwikkeling.

Daarnaast is er de zoektocht naar effectieve manieren om bestaande kennis vast te houden, nieuwe kennis te ontwikkelen en beide bij betrokkenen te laten doorwerken. Ook hier is verbinden het toverwoord: kennis moet ‘stromen’ om ervan te leren en als sector vooruitgang te boeken. Daarbij moet ook naar het buitenland worden gekeken; kennisontwikkeling stopt niet bij de landsgrenzen. Internationaal ervaringen uitwisselen en samenwerken draagt in alle landen bij aan een hoger kennisniveau. Het COB ziet zichzelf als dé partij om deze opgave voor het vakgebied ondergronds bouwen op te pakken en samen met het netwerk uit te werken.

Er ontstaan ook ‘verbindingsopgaven’ door de toenemende invloed van ICT. Niet alleen binnen tunnelveiligheid, maar ook op het gebied van kabels en leidingen moeten verschillende vakgebieden vaker met elkaar samenwerken. Alles heeft intelligentie, alles heeft sensoren; de rol van experts verandert. Gaat open source technologie zijn intrede doen in de sector? Er komt monitoringdata uit diepwanden, kabels en leidingen, tunnelboormachines, gebouwen en de ruimte: wie maakt van data kennis, waar leggen we ervaringen vast? Wat zou er gebeuren als we meer data gaan delen? Zowel op de TU Eindhoven als bij de UvA zijn hoogleraren Big data aangesteld. Welke kansen zien zij voor de wereld van het ondergronds bouwen? Het COB heeft de ambitie om het netwerk uit te breiden met participanten die niet rechtstreeks betrokken zijn bij ondergronds bouwen, maar er wel mee te maken hebben, zoals energiebedrijven. Op die manier kunnen de opgaven effectiever opgepakt worden.

Het verbinden van vakgebieden is een methode om een verbeterslag te maken. Er is veel interessante kennis binnen hele andere vakgebieden: kennis uit de medische wereld kan ons helpen omgaan met de complexiteit van kabels en leidingen, de landbouw is sterk in het snel doorvoeren van innovaties, chemische installaties leren ons hoe je risicomanagement professionaliseert. We denken dat het COB als belangrijke taak heeft om deze kennis en ervaringen te presenteren en ons netwerk te prikkelen er gebruik van te maken. We zijn ervan overtuigd dat ook hier de 80/20-regel geldt: tachtig procent van de kennis is er al (in andere vakgebieden) en wij moeten ons concentreren op de twintig procent unieke kennis die de wereld van het ondergronds bouwen nodig heeft.

KennisvraagDoel in 2020
Hoe zorgen we ervoor dat tunnels probleemloos opengaan?Er is wederzijds begrip, werkprocessen zijn opnieuw ingericht en het bouwen en beheren van tunnels is weer ‘business as usual’.
Hoe ziet het vakgebied ondergronds bouwen in de toekomst eruit? Of hoe zou dat eruit moeten zien?Er is een nieuwe leerstoel Ondergronds bouwen die aansluit op ontwikkelingen in de sector.
Hoe kunnen we ondergronds bouwen sneller en met minder hinder uitvoeren?Er is meer aandacht voor de ondergrond in projecten (vroegtijdig en continu); er zijn diverse methoden verzameld en ontwikkeld om hinderarm te bouwen.
Hoe zorgen we ervoor dat projecten zonder conflicten gerealiseerd worden?Partijen kunnen beter samenwerken; persoonlijke vaardigheden zijn verbeterd en organisaties zijn beter ingesteld op samenwerking.

Integrale aanpak leidt tot slimme oplossingen

Het westelijk tunnelgebouw van de Sluiskiltunnel staat niet zoals gebruikelijk op de breedte van de hele tunnel, maar alleen op de noordbuis. Die ingreep bespaart vier tot vijf maanden in het bouwproces. De excentrische plaatsing maakte het mogelijk dat eerder kan worden gestart met de tunneltechnische installaties. Het is een van de zichtbare effecten van de samenwerking tussen Koninklijke BAM Groep NV en TBI Holding NV.

Ontwerpmanager Chris Hakkaart bracht een groot aantal integrale oplossingen binnen het project in kaart. “We hebben het dan niet over uitvindingen of innovaties, maar over slim combineren”, aldus Hakkaart. “Het zijn oplossingen die voortkomen uit de wens om knelpunten in tijd en in de samenwerking tussen verschillende disciplines te ondervangen.”

Geen harmonica

“In een samenwerking tussen verschillende disciplines heb je ieder je eigen verantwoordelijkheid én een grijs gebied, waar dat niet altijd meteen duidelijk is. Dat vergt afstemming en de wil om jezelf steeds de vraag te stellen of de ander ook door kan met zijn werk. Zeker in een project als de Sluiskiltunnel is de planning geen harmonica die je naar believen verder in elkaar kunt drukken. Je moet afstemmen en met slimme oplossingen komen die het mogelijk maken dat meer werkzaamheden gelijktijdig kunnen plaatsvinden.

Ondanks dat er altijd de druk is om snel te handelen, moet je voor dit soort oplossingen af en toe even afstand kunnen nemen. Je hebt tijd voor reflectie nodig. Achterover leunen, ijsberen en jezelf de vraag stellen: ‘Kunnen we dit ook anders oplossen?’ Ruimte houden voor die reflectie vergt overigens wel volharding. Je moet blijven motiveren en overtuigen. Dat wordt me niet altijd in dank afgenomen, maar het is wel nodig als je partieel wilt ontwerpen.”

Het proces van partieel ontwerpen vergelijkt Hakkaart met het pellen van een ui. “Je pakt schil voor schil op en als je het over een schil eens bent, kun je door. Voor die aanpak heb je niet alleen je eigen organisatie, maar ook de opdrachtgever nodig. Dat is bij de Sluiskiltunnel gelukt, al was het in het begin soms moeilijk. Maar allengs groeit het vertrouwen en is er meer begrip voor elkaars discipline.”

Alles tegelijk

De slimme, tijd- en geldbesparende oplossingen zijn het rechtstreeks gevolg van de samenwerking tussen civiel en installatietechniek. Chris Hakkaart: “We hebben gewerkt vanuit één gecombineerd 3D-model waarin momenteel civiel, elektrotechniek en werktuigbouw zijn gecombineerd. We hebben alle disciplines in één gebouw bij elkaar gezet en meteen vanaf de start van het tunnelontwerp laten beginnen. Door partieel te ontwerpen kon de uitvoering vroegtijdig starten.”

De tunnelboormachine voor de Sluiskiltunnel is speciaal gebouwd voor het project. Het snijrad heeft een doorsnede van elf meter en is aangepast aan de Zeeuws-Vlaamse bodem. Per dag wordt zo’n tien meter tunnel aangelegd. (Foto: Harry Bijl)

Net als het draaien van het tunnelgebouw, dateert deze keuze al uit de tenderfase. Daar moesten beschikbare tijd, mankracht en kosten immers in balans worden gebracht. Verschillende slimme oplossingen hebben daaraan bijgedragen, zoals het meteen integreren van tegenlichtschermen in het ontwerp voor de toeritten, het intekenen van een apart, manshoog kanaal voor kabels en leidingen onder het wegdek van de tunnel en het integreren van de brandwerendheidseisen in het beton van de segmenten van de boortunnel, waarmee een tijdrovende afwerking met een brandwerende coating achteraf werd voorkomen.

Maar ook ‘onderweg’ bleken er nog tal van optimalisaties mogelijk. Omdat er geen tijd was om het beton van het dichtblok voor de tunnelboormachine lang genoeg te laten uitharden, werd het verhardingsproces gemonitord, waardoor tot snellere vrijgave besloten kon worden. Juist bij dit soort oplossingen heeft Chris Hakkaart het over ‘durven en doen’. “Er is niet altijd tijd om oplossingen tot de laatste snik uit te schrijven en aan te tonen. Je moet ook durven vertrouwen op ervaring. Je probeert iets nieuws met het vertrouwen dat het goed komt.”

Soms is het iets makkelijker. Bij de kruising van een aantal hoogspanningskabels moest een oplossing gevonden worden voor het mogelijkerwijs te veel opwarmen van die kabels als gevolg van het aan te brengen zanddek. Luchthappers in combinatie met gestapelde kratten, die normaal gesproken worden gebruikt voor wateropslag onder parkeerplaatsen, vormen een ondergronds ventilatiekanaal, waarmee wordt voorkomen dat de hoogspanningskabels te warm worden. Het gaat om een bestaand product waarvan de constructieve capaciteit al eerder is aangetoond.

“Dan is het nog een kwestie van het vergaren van alle informatie en afstemming met betrokken partijen”, vertelt Chris Hakkaart. “Aanvankelijk werd een betonnen overkluizing als oplossing aangedragen. Maar die zou je moeten funderen en dat is kostbaar. Dan komt het erop aan dat je doorvraagt. Toen bleek dat het om een ventilatieprobleem ging, kwamen de alternatieven. Met de krattenoplossing als resultaat.”

Niet altijd zichtbaar

Achteraf zijn slimme oplossingen vaak niet meer zichtbaar. Wie weet na de oplevering nog wat de reden was achter de locatie van het tunnelgebouw? Laat staan dat iemand zich afvraagt waarom er een ventilatiekanaal onder de weg doorloopt. Toch zijn het de slimme oplossingen die meehelpen een project binnen planning te realiseren. Nog een aantal voorbeelden (zie ook de Prezi hiernaast):

  • Boorterpen
    Om tot de kortste projectlengte met de langste boorlengte te komen, werden boorterpen aangelegd voor de start- en ontvangstschachten van de tunnelboormachine.
  • Omhulling gewipalen
    Potentiële vertraging bij het aanbrengen van gewipalen, als gevolg van de enorme kleefkracht van de Boomse klei terplaatse, werd opgelost door de palen met een losse kunststof buis te omhullen.
  • Brandwerendheid
    In de tunnelsegmenten zijn polypropyleenvezels verwerkt die een dure en tijdrovende later aan te brengen extra brandwerende laag overbodig maakte.
  • Tegenlichtschermen
    De tegenlichtschermen bij de toeritten van de tunnel zijn uit architectonische overwegingen meteen in de constructie van de toeritten opgenomen.

Parkeergarage Houtwal

Om in de binnenstad voldoende parkeergelegenheid te creëren zonder dat dit ten koste gaat van de leefbaarheid van het centrum, heeft de gemeente Harderwijk een nieuwe parkeergarage laten bouwen aan de Houtwal.

De garage is rond, heeft een diameter van 60 meter en biedt plaats aan 450 voertuigen. In het midden heeft hij een groot glazen dak, dat ervoor zorgt dat tot onderin – ruim 21 meter beneden het maaiveld – daglicht valt. De parkeerlagen hebben de vorm van een spiraal en liggen rond de lichtschacht die een doorsnede heeft van 12 meter. Op weg naar beneden komen bezoekers nergens een pilaar tegen. Voor het verlaten van de garage is een aparte rijbaan gemaakt rond de lichtschacht, die automobilisten zonder obstakels naar de uitgang voert.

Automobilisten rijden als in een kurkentrekker naar beneden. (Beeld: Gemeente Harderwijk)

Diepwanden

De garage is aanbesteed als design-and-constructcontract, en ontworpen en gebouwd door bouwcombinatie Houtwal. Voor de bouw zijn diepwanden gemaakt tot een diepte van 24,5 meter, waarbij elk paneel ongeveer 8 meter breed is en 1,2 meter dik. Een rubberen slab tussen de diepwanden zorgt voor een goede waterdichte afsluiting.

Nadat de ring van diepwanden gereed was, is het grootste deel van de grond hydraulisch ontgraven om overlast voor de omgeving door vrachtwagens te voorkomen. Het natte zand is opgezogen en via een persleiding naar een depot verpompt. De leidingen hiervoor zijn tijdelijk in het gemeentelijke riool aangebracht.

Tijdens graafwerkzaamheden zijn resten van een oude stadspoort ontdekt. Deze zijn gerestaureerd en staan tentoongesteld op de onderste verdieping van de parkeergarage.

Onderwaterbeton

De onderste vloer van de garage bestaat uit onderwaterbeton. Om opdrijven van deze vloer te voorkomen zijn ruim 400 GEWI-ankers aangebracht met een lengte van 34 meter. De paalpunten van deze ankers zitten 53 meter onder het maaiveld.

Voorafgaand aan het storten van het onderwaterbeton is een wapeningslaag van een meter dik aangebracht, die ervoor zorgt dat de vloer niet opbolt. Na uitharding van het onderwaterbeton bleek de aansluiting tussen de vloer en wanden nog niet volledig waterdicht. Daarom hebben duikers gaten door het beton geboord en met injectielansen een expanderende tweecomponentenhars geïnjecteerd tussen de vloer en de wanden. Toen de lekkage was verholpen, heeft de bouwcombinatie het water uit de bouwput gepompt en is begonnen met de afbouw.

Eerst is bovenop het onderwaterbeton een constructieve vloer gemaakt van 75 centimeter dik. Vervolgens zijn de middenkoker en de trappenhuizen gebouwd. Vanuit de trappenhuizen zijn de kolommen gesteld waarop de prefab betonnen parkeerdekken steunen. Het betreft acht betonnen kolommen voor de middenring en zestien voor de buitenring. Het niet-glazen deel van het dak bestaat uit ruim vijftig betonnen dakliggers met een gewicht van elk zestien ton. Het dak is voorzien van gras en het glas is beloopbaar om het gebied een parkachtige uitstraling te geven.

Sprinkler-installatie

De parkeergarage is voorzien van energiezuinige, dimbare led-verlichting. In totaal gaat het om 650 led-armaturen die vier standen hebben: 30, 25, 20 en 15 Watt. Verder is de garage uitgerust met een sprinklerinstallatie. Bij brand gaan de sprinklers nabij het vuur direct sproeien, zodat een brand geen kans heeft zich verder te ontwikkelen. Daardoor blijft de temperatuur bij een brand laag en blijft de bouwkundige constructie gespaard. Een ventilatiesysteem zorgt voor de afvoer van rook.

Hoe zorg je ervoor dat nieuwe kennis landt in de praktijk?

Vanuit het bedrijfsleven was prof. dr. ir. Timo Heimovaara intensief betrokken bij het TRIASonderzoek naar in-situ bodemsaneringstechnieken. Inmiddels is hij hoogleraar Geo-environmental Engineering aan de TU Delft en onderzoekt hij hoe natuurlijke processen actief kunnen worden ingezet voor het oplossen van geotechnische en civieltechnische vraagstukken. Een gesprek over zijn ervaringen en plannen met kennisontwikkeling en markttoepassing.

“Ik geloof niet dat er een standaardaanpak is die garandeert dat nieuw ontwikkelde kennis en technologie ook daadwerkelijk wordt toegepast”, stelt Heimovaara. “Een succesvolle stap van kennis naar markttoepassing vraagt in ieder geval de betrokkenheid van verschillende disciplines, zoals technici, bedrijfskundigen en mensen met marktkennis. Daarnaast zijn er probleembezitters nodig. Verder is het belangrijk dat de juiste persoon op het juiste moment zijn verantwoordelijkheid neemt. Los daarvan zijn er algemene factoren. Hoe worden projecten bijvoorbeeld aanbesteed? Als dat gebeurt via dichtgespijkerde bestekken is er weinig stimulans voor aanbiedende partijen om met slimme oplossingen te komen. En dat geldt ook als opdrachtgevers aanbiedingen uitsluitend op prijs beoordelen of alleen bewezen technieken accepteren. Een andere belangrijke factor is de cultuur binnen organisaties. Investeren ze in kennisontwikkeling om de eigen concurrentiekracht te vergroten en nieuwe markten te ontwikkelen of denkt het management ‘onze aanpak werkt al jaren goed, dus waarom zouden we het anders gaan doen’?”

In-situ technieken

Na zijn promotieonderzoek en een postdocfunctie ging Heimovaara werken bij ingenieursbureau IWACO. Als milieuconsultant hield hij zich daar vooral bezig met in-situ bodemsaneringen en bodembeleid. Heimovaara: “De aanpak van bodemverontreinigingen stond in die tijd volop in de belangstelling. Vrij snel na de sanering van de woonwijk in Lekkerkerk werd duidelijk dat het volledig verwijderen van alle verontreinigingen niet haalbaar was en dat met biologische in-situ technieken ook goede resultaten mogelijk waren.”

“Toen we met in-situ saneringen begonnen, werd er in eerste instantie geen onderzoek gedaan naar de werking van deze technieken en de onderliggende processen. Na verloop van tijd kwamen allerlei kennisleemten in beeld en startte het TRIAS-onderzoeksprogramma, waarbinnen SKB, NWO en Delft Cluster samenwerkten met marktpartijen. Het programma telde twaalf vraaggestuurde onderzoeksprojecten, die grotendeels door PhD-studenten en postdocs werden uitgevoerd. Zelf heb ik toentertijd vanuit het ingenieursbureau, en later als expert bij een bodemsaneerder, vier of vijf van die promotieonderzoeken begeleid. Een belangrijke uitkomst was dat de theorie en de resultaten in het laboratorium vaak niet overeenkomen met de resultaten in het veld, en dat je voor goede praktijkresultaten al metend en monitorend je saneringssysteem moet ontwerpen en dimensioneren. Een uitkomst die volgens mij voor veel ingrepen in de bodem geldt.”

Praktijkrelevantie

“De TRIAS-onderzoeken waren op een aantal punten zeer succesvol. Door de betrokkenheid van bedrijven bij het onderzoek was er voortdurend oog voor de praktijkrelevantie. Het onderzoek leverde waardevolle inzichten op voor marktpartijen en maakte duidelijk wat wel en niet belangrijk was. Daarnaast kregen de betrokken bedrijven zicht op goede onderzoekers. Dat vonden we waardevol, want ons idee was dat een deel van de PhD-studenten na afloop in dienst zou treden bij de betrokken bedrijven. Op die manier zou de nieuwe hoogwaardige kennis daar een plek krijgen. Dat bleek niet zo te gaan. De meeste PhD-studenten waren buitenlanders en vertrokken na hun promotie weer.”

“Naar aanleiding van die ervaring ben ik gaan nadenken over de optimale opzet van vraaggestuurde onderzoeksprogramma’s. Volgens mij is dat een opzet waarbij wetenschap en marktpartijen samenwerken, onder meer om te zorgen dat de uitkomsten van theoretisch en fundamenteel onderzoek worden vertaald naar de bedrijfspraktijk. Verder zou het volgens mij ideaal zijn om de PhD-studenten die het onderzoek uitvoeren een vijfjarig contract te geven, waarbij ze vier jaar onderzoek doen en vervolgens een jaar bij een van de bedrijven werken om de nieuw ontwikkelde kennis in de praktijk toe te passen. Tot nu toe is het me niet gelukt om een onderzoeksprogramma op deze manier vorm te geven.”

Van 1995 tot 2015 is er vanuit SKB onderzoek gedaan naar bodem en ondergrond. De resultaten van het programma zijn te vinden in een uitgebreid online eindverslag. (Beeld: www.skbodem.nl)

Bodembacteriën

Na ruim tien jaar in het bedrijfsleven te hebben gewerkt, keerde Heimovaara in 2007 terug naar de academische wereld. In dat jaar begint hij als universitair hoofddocent Duurzame bodemsysteemdiensten bij de afdeling Geo-Engineering van de TU Delft, vijf jaar later wordt hij daar hoogleraar. “In 2011 zijn we gestart met het zogeheten BioGeoCivil-onderzoeksprogramma met ondersteuning vanuit STW. Binnen dit programma onderzoeken we onder meer hoe we bodembacteriën gericht kunnen inzetten voor het oplossen van geotechnische en civieltechnische vraagstukken. De bekendste techniek is waarschijnlijk biogrout, een techniek om zandige bodems te verstevigen. Daarnaast kijken we naar allerlei andere processen en technieken. We bestuderen bijvoorbeeld hoe we met micro-organismen de corrosie van stalen elementen in de bodem kunnen minimaliseren, doen onderzoek naar het verduurzamen van vuilstortplaatsen en onderzoeken hoe we biofilms kunnen gebruiken om de aantasting van hout te voorkomen.”

“Binnen BioGeoCivil werken we samen met allerlei andere kennispartijen. Bij de start van het onderzoeksprogramma was mijn hoofddoel om de verschillende ‘werelden’ bij elkaar te brengen en samen een nieuw onderzoeksdomein te ontwikkelen. Eventuele praktijktoepassingen stonden nog laag op mijn prioriteitenlijstje. Toen ik vorig jaar door verschillende marktpartijen werd benaderd met vragen over het minder doorlatend maken van zandpakketten, was ik dan ook aangenaam verrast. Heijmans en Movares vroegen bijvoorbeeld of we een zandlaag onder een dijk minder permeabel kunnen maken en het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard of we de bodem van een zwemplas waterdichter kunnen maken, zodat de waterkwaliteit op de lange duur kan worden gewaarborgd. En ook Tauw en de gemeente Rotterdam klopten met vergelijkbare vragen bij ons aan.”

Lees meer over de Waterontspanner (zie kader hiernaast) in het artikel Slimme oplossing voor instabiele rivierdijk van Heijmans en De oplossing voor de beperking van wateroverlast van Movares. (Beeld: via movares.nl)

Ondoorlatende laag

“Ik vind het een positieve ontwikkeling dat deze organisaties bereid zijn om zelf in kennisontwikkeling te investeren, dat ze inzien dat de innovaties die wij ontwikkelen passen bij hun ambities. Het lastige met nieuwe technologie is vaak dat marktpartijen haar pas willen toepassen als ze zich bewezen heeft in de praktijk. Als je dit combineert met het gegeven dat onderzoekers in het laboratorium heel moeilijk kunnen bepalen hoe je een nieuwe technologie in het veld moet dimensioneren, heb je een klassiek kip-of-eiprobleem. Daarom ben ik blij dat Heijmans, Movares en Waterschap Rivierenland willen meedoen aan een pilot (zie kader).”

“Nu ik weet dat er bedrijven en organisaties zijn die zelf willen investeren in kennisontwikkeling, probeer ik samen met bedrijven zoals Tauw en het ministerie van Infrastructuur en Milieu een groter onderzoeksproject van de grond te krijgen. Als we alle budgetten bij elkaar leggen, moet het met een bijdrage van twintig tot vijfentwintig procent van de overheid lukken om de ontwikkelde kennis generiek toepasbaar te maken, projectoverschrijdend, precompetitief onderzoek te doen en bijvoorbeeld alle meetdata met elkaar te delen. Verder wil ik proberen om binnen KIBO, het Kennis- en Innovatieprogramma Bodem en Ondergrond van het ministerie van IenM, een businesscase in-situ permeabiliteitsbeïnvloeding onder te brengen. Via al deze sporen moet het lukken om de nieuwe kennis straks echt te laten landen.”

Verbinden

KIS Maastunnel

KIS Maastunnel

Status: Gereed
Type: Platform - koplopergroep - expertteam

Vraagarticulatie
De gemeente Rotterdam wil de renovatie van de Maastunnel gunnen aan een partij die op hoog niveau kwaliteit, integraliteit en samenwerking kan leveren. Een team onder leiding van het COB concretiseert deze begrippen, zodat ze meegenomen kunnen worden in deze en toekomstige aanbestedingen.

Onderzoek
Er is eerst een projectspecifiek visiedocument opgesteld. Dit document is vertaald in concrete teksten die in de aanbestedingsdocumentatie zijn opgenomen. De voorzitter van het expertteam neemt deel aan de selectiecommissie. Na afronding van de aanbesteding heeft het expertteam het visiedocument en de resultaten van de aanbesteding vertaald in een openbaar document dat geschikt is voor andere tunnelprojecten.

Resultaat
Het rapport KIS Maastunnel is tijdens het COB-congres op 8 december 2016 gepresenteerd. Het is gratis te downloaden via de kennisbank van het COB.

Bijeenkomsten

13-06-2014 - Kickoff bijeenkomst

25-06-2014 - Terugkoppeling bevindingen expetteam aan Rotterdam


Deelnemers
Klik op het bedrijfslogo voor de deelnemende personen

Sunchar Beheer BV

Sunchar Beheer BV

Locatie: Den Haag, Josef Israelslaan 56
Jan Brouwer, rol: Lid

TU Delft Faculteit Civiele Techniek & Geowetenschappen

Locatie: Delft, Stevinweg 1
Marcel Hertogh, rol: Voorzitter
Hans Bakker, rol: Lid
Joannes Visser, rol: Student

TU Delft

Locatie: Delft, Jaffalaan 5
Herman Mooi , rol: Lid

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Karin de Haas, rol: Secretaris

Gemeente Rotterdam Stadsontwikkeling

Locatie: Rotterdam, Wilhelminakade 179
, rol: Opdrachtgever

NedMobiel

Locatie: Breda, Haagweg 1
Roel Scholten, rol: Secretaris

Sioo BV

Locatie: Utrecht, Newtonlaan 209
Ard-Pieter de Man, rol: Lid

Wederzijdse nieuwsgierigheid

www.kennisplatformtunnelveiligheid.nl/

Platform Veiligheid

Platform Veiligheid

Status: Lopend
Type: Platform - koplopergroep - expertteam

Vraagarticulatie
Het platform Veiligheid is september 2012 opgericht en komt drie tot vier keer per jaar bij elkaar. De deelnemers bespreken actuele onderwerpen, zoeken naar gezamenlijke opgaven en worden actief betrokken bij de discussies. Hieruit kunnen nieuwe projecten voortkomen, maar dat hoeft niet. Vaak is het delen en uitwisselen van kennis en ervaringen al zeer waardevol.

Onderzoek
De bijeenkomsten worden goed bezocht op steeds wisselende locaties en men is enthousiast over de levendige bijeenkomsten waar inhoudelijke onderwerpen op de agenda staan. Vaak zijn deze bijeenkomsten gekoppeld aan een bezoek van een tunnelproject.

Bijeenkomsten

22-11-2016 - Internationale tunnelprojecten

Internationale tunnelprojecten (vergelijk met tunnels in Nederland, in combinatie met historie en achtergronden veiligheidsrichtlijnen)


04-04-2017 - Geschiedenis Tunnelveiligheid /speeddaten junioren

Het programma voor deze bijeenkomst zal bestaan uit een lezing over ‘de geschiedenis van de tunnelveiligheid’, een aantal speeddate rondes om snel het netwerk van uw junior collegae een boost


27-06-2017 - Visie nieuwe tunnelveiligheidsbeambte

Locatie: Bouwcampus in Delft. Kennismaking en open discussie met de nieuwe tunnelveiligheidsbeamte Peter Kole en een presentatie over de Geschiedenis van Tunnelveiligheid door Evert Worm.


01-12-2017 - Platformbijeenkomst in Delft

Tijdens deze bijeenkomst komen de plannen voor 2018 en het tunnelprogramma van het COB aan bod. Ook wordt de paper over Virtueel testen gepresenteerd en uitgereikt aan de aanwezigen.


06-03-2018 - 1e Platformbijeenkomst 2018

Deze bijeenkomst zal voornamelijk in het teken staan van het nieuwe boekje ‘Al doende leert men’ (leren van oefenen en incidenten), dat op deze dag wordt gepresenteerd en uitgereikt.


22-06-2018 - 2e Platformbijeenkomst 2018 (tijdens COB-congres)

17-10-2018 - 3e Platformbijeenkomst 2018

04-09-2012 - 1e Platformbijeenkomst

15-01-2013 - Leren van (bijna) incidenten

26-03-2013 - Inpassing tunnels in stedelijk gebied

Locatie: Arcadis in Amersfoort


13-06-2013 - Voorlichting aan tunnelgebruikers

Locatie: Nedmobiel in Breda


19-11-2013 - Optimalisatie hulpverlening

Locatie: IFV in Arnhem


18-03-2014 - Veiligheidsfilosofie OB van het spoor (heavy rail)

Locatie: Spoorzone Delft


03-06-2014 - Veiligheidsfilosofie OB van het spoor (light rail)

Deze bijeenkomst betrof light rail, tram en metro en werd gehouden bij de Noord-Zuidlijn in Amsterdam


07-10-2014 - Veiligheidsaspecten bij tunnelrenovatie

Locatie: Movares in Utrecht


10-02-2015 - Veilige software en Cybersecurity

09-06-2015 - Opleiden, Trainen, Oefenen (OTO) wegtunnels

Locatie: Brandweer Amsterdam-Amstelland


20-10-2015 - RAMS

Locatie: Projectbureau A4 Delft/Schiedam


01-03-2016 - Platformbijeenkomst Thema; 3B ontwikkelingen

Locatie: Westerscheldetunnel. Na de inhoudelijke bijeenkomst over 3B ontwikkelingen met presentaties over vervanging van een bestaand systeem en ontwikkelingen van een systeem in een nieuwe t


17-05-2016 - Veiligheid in spoortunnels

Hoe veilig zijn spoortunnels, wat is er bekend omtrent de wetgeving in spoortunnels? Hierover werden presentaties gegeven door Hugo de Jong en Harm Akse m.b.t. de wetgeving lokaal spoor en Jef


20-09-2016 - Stapeling van veiligheidsfuncties

Stapeling van veiligheidsfuncties (e.g. Utrecht CS met treinsporen, winkels, kantoren, Nijverdal met spoor en wegtunnels, Michiel de Ruijtertunnel en CS Amsterdam, of Noord-Zuidlijn met metro



Deelnemers
Klik op het bedrijfslogo voor de deelnemende personen

ARCADIS Nederland BV

Locatie: Amersfoort, Piet Mondriaanlaan 26
Charlotte Boschloo, rol: Lid
Johan van der Gaag, rol: Lid

BAM Infra

Locatie: Gouda, H.J. Nederhorststraat 1
Rob Kisjes, rol: Lid
Michel Langhout, rol: Lid

Brandweer Amsterdam-Amstelland

Locatie: Amsterdam, Karspeldreef 16
Ron Beij, rol: Lid

ARCADIS Nederland BV

Locatie: Rotterdam, Lichtenauerlaan 100
Stefan Lezwijn, rol: Lid
Herman Rouwenhorst, rol: Lid
Koen Gideonse, rol: Lid
Evert Sonke, rol: Lid
Roeland Brouwer, rol: Lid

Antea Group

Locatie: Deventer, Zutphenseweg 31d
Henk-Jan Schuurman, rol: Lid
Jan Houwers, rol: Lid

ARCADIS Nederland BV

Locatie: Amersfoort, Piet Mondriaanlaan 26
Jasper Nieuwenhuizen, rol: Lid

Westerscheldetunnel N.V.

Locatie: Borssele, Westerscheldetunnelweg 1
Christian Braat, rol: Lid

Witteveen + Bos Raadgevende Ingenieurs

Locatie: Amsterdam, Hoogoorddreef 56-f
Aryan Snel, rol: Lid

Strypes Nederland

Locatie: Leersum, Broekhuizerlaan 3
Ranish Baboeram Panday, rol: Lid

Sweco Nederland B.V.

Locatie: De Bilt, De Holle Bilt 22
Erik Schermer, rol: Lid

Vialis BV Houten

Locatie: Houten, Loodsboot 15
Marco de Jong, rol: Lid
Jochem Kanbier, rol: Lid
Diego Meester, rol: Lid
Michiel Berkheij, rol: Lid
Erik Vinke, rol: Lid
Leo Speksnijder, rol: Lid
Gert-Jan Braas, rol: Lid

Westerscheldetunnel N.V.

Locatie: Borssele, Westerscheldetunnelweg 1
Patrick Dankaart, rol: Lid

Royal HaskoningDHV

Locatie: Amersfoort, Laan 1914 35
Rob Houben, rol: Lid
Thijs Ruland, rol: Lid

Siemens Nederland NV

Locatie: Den Haag, Prinses Beatrixlaan 800
Stef de Jong, rol: Lid
Renard Kox, rol: Lid
Peter van Duijvenbode, rol: Lid

Soltegro

Locatie: Capelle Aan Den Ijssel, Rivium Quadrant 159
Esther Bennett, rol: Lid
Bas van Duijnhoven, rol: Lid
Robin Rijkers, rol: Lid
André Stehouwer, rol: Lid

Rijkswaterstaat Centrale Informatievoorziening

Locatie: Delft, Derde Werelddreef 2
Jaap van Wissen, rol: Lid
Martin de Lange, rol: Lid

Rijkswaterstaat GPO Grote Projecten en Onderhoud

Locatie: Utrecht, Griffioenlaan 2
Ronald Mante, rol: Lid
Rob Souw, rol: Lid
Gerda Keereweer-de Jong, rol: Lid
William van Rijswijk, rol: Lid
Jan Verbrugge, rol: Lid

Royal HaskoningDHV

Locatie: Amersfoort, Laan 1914 35
Gerben Tornij, rol: Lid
Arnold Roozenbeek, rol: Lid

Movares

Locatie: Utrecht, Daalseplein 100
Rutger van Bemmel, rol: Lid
Jacco Kroese, rol: Lid
Gerard van der Geer, rol: Lid
Gea Kolk, rol: Lid
Jan Jonker, rol: Lid
Nils Lundgren, rol: Lid

NedMobiel

Locatie: Breda, Haagweg 1
Emilie van der Spil, rol: Lid
Corné van Iersel, rol: Lid
Omgevingsdienst NZKG

Omgevingsdienst NZKG

Locatie: Zaandam, Ebbehout 31
André Brons, rol: Lid
Regionale Brandweer Zuid-Limburg

Regionale Brandweer Zuid-Limburg

Locatie: Margraten, Holstraat 35
Hans Godding, rol: Lid

Gemeente Rotterdam Stadsontwikkeling

Locatie: Rotterdam, Wilhelminakade 179
Diederik van Zanten, rol: Lid

Gemeente Rotterdam Ingenieursbureau

Locatie: Rotterdam, Wilhelminakade 179
Jaap Nederlof, rol: Lid

Imagine Solutions BV

Locatie: Dordrecht, Berkenhof 3
Wim Baars, rol: Lid

Kimpro BV

Locatie: Soest, Schrikslaan 15
Jasper Kimstra, rol: Lid

Ministerie van IenW DG/RWS

Locatie: Den Haag, Rijnstraat 8
Peter Kole, rol: Lid

Ministerie van IenW

Locatie: Den Haag, Plesmanweg 1-6
Adri Legierse, rol: Lid
Michiel Dubbeldeman, rol: Lid

Movares

Locatie: Utrecht, Daalseplein 100
Rudolf van Aken, rol: Lid
Jan Faber, rol: Lid

ENGIE Nederland N.V.

Locatie: Dordrecht, Laan van Barcelona 800
Margrita Noordmans, rol: Lid
Co Koren, rol: Lid
Jim Halsey, rol: Lid
Jelmer Wittebol, rol: Lid

Feresor bv

Locatie: Rheden, Van Delenstraat 9
Ed van de Griend, rol: Lid

Gemeente Amsterdam Ingenieursbureau

Locatie: Amsterdam, Weesperstraat 430
Ed Bik, rol: Lid

Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte

Locatie: Amsterdam, Weesperplein 8
Rein de Haas, rol: Lid

Gemeente Amsterdam, Metro en Tram

Locatie: Amsterdam, Stationsplein 7
Hans Bronsveld, rol: Lid

Gemeente Den Haag p/a projectorganisatie

Locatie: Den Haag, Laan van Hoornwijck 80
Paul van Laviere, rol: Lid

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Arjan Verweij, rol: Lid

Covalent

Locatie: Amersfoort, Displayweg 3
Ronald Gram, rol: Lid
Freddie Wolff, rol: Lid
Machiel Mastenbroek, rol: Lid
Frank de Vries, rol: Lid
Siert Saes, rol: Lid

Croonwolter&dros

Locatie: Roosendaal, Ettenseweg 20
Ronald de Weerd, rol: Lid
Edwin Luijt, rol: Lid
Remmy Uffen, rol: Lid
Melle Holthuis, rol: Lid

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Caro Rietman, rol: Begeleider/Facilitator
Leen van Gelder, rol: Coordinator

COB-academy

COB-academy

Status: Lopend
Type: Bijeenkomst - evenement - excursie

Vraagarticulatie
De COB-academy dient als plek om uitkomsten van projecten te delen met het netwerk en verder te verdiepen. De kennis die is verzameld en vastgelegd wordt gekoppeld aan de praktijk, gebruikmakend van de kennis van de mensen die hebben meegwerkt aan het project, de trainers en de ervaring van de deelnemers.

Vakgebieden
COB-breed

Bijeenkomsten

05-03-2014 - Masterclass zorgvuldig afwegen Rotterdam

Met het lezen van ‘Zeven sleutels voor een waardevolle afweging’ heb je het afwegen niet direct in de vingers. Er was behoefte aan het met elkaar oefenen aan de hand van praktijvoorbeelden, om


18-03-2014 - Masterclass zorgvuldig afwegen Amsterdam

Met het lezen van ‘Zeven sleutels voor een waardevolle afweging’ heb je het afwegen niet direct in de vingers. Er was behoefte aan het met elkaar oefenen aan de hand van praktijvoorbeelden, om



Deelnemers
Klik op het bedrijfslogo voor de deelnemende personen

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Richard van Ravesteijn, rol: Projectleider

Ministerie van IenW DG/RWS

Locatie: Den Haag, Rijnstraat 8
Peter Kole, rol: Lid

Platform Beheer en onderhoud

Platform Beheer en onderhoud

Status: Lopend
Type: Platform - koplopergroep - expertteam

Vraagarticulatie
In samenwerking met Rijkswaterstaat en het COB-platform Niet-rijkstunnels worden mensen aan elkaar verbonden die beroepsmatig te maken hebben met het beheer, onderhoud of renovatie van ondergrondse infrastructuur. Onder meer beheerders van te renoveren tunnels kunnen hier gemeenschappelijke opgaven bespreken.

Onderzoek
COB heeft een brede uitvraag gedaan aan haar netwerk. Via deze weg krijgt het netwerk de mogelijkheid zich aan te sluiten bij dit platform. Daarnaast heeft het COB een 40 tal geïnteresseerden benaderd om aan te sluiten bij dit platform. De eerste bijeenkomst is op 5 november 2015 in Amsterdam geweest.

Bijeenkomsten

05-11-2015 - Eerste bijeenkomst platform Beheer en Onderhoud

Tijdens deze bijeenkomst maken we kennis met elkaar en gaan we kijken wat de agenda wordt voor het komende jaar.


26-01-2016 - Startbijeenkomst agendacommissie T400A

Op donderdag 5 november 2015 was de eerste bijeenkomst van de commissie Beheer en Onderhoud. Tijdens deze bijeenkomst is er een agendacommissie samengesteld. Op 26 januari 2016 komt de agendac


31-03-2016 - Tweede bijeenkomst platform Beheer en onderhoud

De agendacommissie heeft 3 thema’s voor het platform geïnventariseerd en geprioriteerd. Wij gaan op 31 maart met elkaar het thema: ‘Samenwerking tussen beheerder en markt’ behandelen. Beheer


21-06-2016 - Derde bijeenkomst Platform Beheer en onderhoud

Op 21 juni 2016 staat de derde bijeenkomst van het platform Beheer en onderhoud gepland. Het thema voor deze bijeenkomst is informatiemanagement: uitgangspunten, organisatie en werkwijze om co


29-09-2016 - Vierde bijeenkomst platform Beheer en onderhoud

Op 29 september 2016 staat de vierde bijeenkomst van het platform Beheer en onderhoud gepland. Het thema voor deze bijeenkomst is ‘Onderhoudsconcept als onderdeel van de langetermijnvisie op t


09-05-2017 - Vijfde bijeenkomst platform Beheer en onderhoud

In deze bijeenkomst kijken we naar het beheer en onderhoud van het ziekenhuis, en alles wat daar bij komt kijken – en hoe wij daar als tunnelbranche van kunnen leren!


07-12-2017 - Zevende bijeenkomst platform Beheer en onderhoud

Op 7 december kijken we met het platform naar de predictive maintenance, big data en de invloed op beheer en onderhoud van tunnels


22-06-2018 - Negende bijeenkomst platform beheer en onderhoud

Eén sessie van het COB-congres staat in het teken van het platform Beheer en onderhoud. De onderwerpen zijn nog niet gekozen, maar we houden u op de hoogte.


22-02-2018 - Minisymposium tunnellekkages

Op 22 februari 2018 organiseert het platform Beheer en onderhoud een minisymposium over tunnellekkages. Twee nieuwe publicaties staan centraal: een vervolg op het rapport Lekkages in tunnels v


22-03-2018 - Achtste bijeenkomst platform Beheer en onderhoud

Op 22 maart 2018 gaan de platformleden in de ochtend naar Fokker Techniek in Woensdrecht. Voor verschillende luchtvaartmaatschappijen worden op deze locatie vliegtuigen onderhouden of omgebouw


14-09-2017 - Zesde bijeenkomst platform Beheer en onderhoud

De platformleden zijn op 14 september 2017 bijeengekomen voor een sessie over ‘de schutting tussen projectrealisatie en –exploitatie’. De beleving is dat er gedurende de bouw of renovatie van



Deelnemers
Klik op het bedrijfslogo voor de deelnemende personen

Volker Rail Nederland BV

Locatie: Vianen, Lange Dreef 7
Marco Stouten, rol: Lid

Wegschap Tunnel Dordtse Kil

Locatie: Dordrecht, Provincialeweg 43-nr 102
Arie Bras, rol: Lid

Sogeti Nederland B.V.

Locatie: Vianen, Lange Dreef 17
Johan Beikes, rol: Lid
Stephan Luik, rol: Lid

Strukton Civiel BV

Locatie: Utrecht, Westkanaaldijk 2
Oscar Vos, rol: Lid
Carlos Bosma, rol: Lid

Sweco Nederland B.V.

Locatie: De Bilt, De Holle Bilt 22
Erik Schermer, rol: Lid
Mello Lindner, rol: Lid

Van der Worp Infra Consult B.V.

Locatie: Tull En 'T Waal, Waalseweg 76a
Jacco van der Worp, rol: Lid

Vialis BV Houten

Locatie: Houten, Loodsboot 15
Michiel Berkheij, rol: Lid
Marco Anker, rol: Lid

Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid

Locatie: Rotterdam, Boompjes 200
Willy Dekker, rol: Lid
Hans Lazeroms, rol: Lid

Royal HaskoningDHV

Locatie: Nijmegen, Jonkerbosplein 52
Peter Alink, rol: Lid
Gerben Tornij, rol: Lid
Pim Lodestijn, rol: Lid
Abel de Vries, rol: Lid
Geert Fuchs, rol: Lid

Siemens Nederland NV

Locatie: Zoetermeer, Werner von Siemensstraat 1
Harald Hofstede, rol: Lid
Chek Lee, rol: Lid
Waldeck Podgorski, rol: Lid

Provincie Noord-Holland

Locatie: Haarlem, Houtplein 33
Albert Kandelaar, rol: Lid

Rijkswaterstaat Zuid-Holland

Locatie: Rotterdam, Boompjes 200
Hendri van Muiswinkel, rol: Lid

Rijkswaterstaat Dienst Limburg

Locatie: Maastricht, Avenue Ceramique 125
Willy van Laanen, rol: Lid

Rijkswaterstaat GPO Grote Projecten en Onderhoud

Locatie: Utrecht, Griffioenlaan 2
Jan van der Sluis, rol: Lid
Mark Zwaan, rol: Lid
Giel Klanker, rol: Lid
Jan Verbrugge, rol: Lid
Ronald Mante, rol: Lid
Harry Dekker, rol: Lid

Rijkswaterstaat PPO Programma's, Projecten en Onderhoud

Locatie: Haarlem, Toekanweg 7
Hans Bruinsma, rol: Lid

Movares

Locatie: Utrecht, Daalseplein 100
Pieter Zijlmans, rol: Lid
Jan Jonker, rol: Lid

Nebest B.V.

Locatie: Vianen, Marconiweg 2
Jan Kloosterman, rol: Lid
Leo Leeuw, rol: Lid

NedMobiel

Locatie: Breda, Haagweg 1
Erwin Kamp, rol: Lid
Omgevingsdienst NZKG

Omgevingsdienst NZKG

Locatie: Zaandam, Ebbehout 31
Pascal Hoogewoonink, rol: Lid

Proficium B.V.

Locatie: Breukelen, De Corridor 14T
Johan Bel, rol: Lid
Bram ten Klei, rol: Lid

ProRail

Locatie: Utrecht, Moreelsepark 3
Dirk Jan Menger, rol: Lid

Gemeente Amsterdam Ingenieursbureau

Locatie: Amsterdam, Weesperstraat 430
Tjitse van Dijk, rol: Lid

Gemeente Amsterdam, Metro en Tram

Locatie: Amsterdam, Stationsplein 7
Erik Bijlsma, rol: Lid

Gemeente Rotterdam Stadsbeheer

Locatie: Rotterdam, Kleinpolderplein 5
Nabila Abdellaoui, rol: Lid
Anton Ruiter, rol: Lid

Heijmans Infra Techniek B.V.

Locatie: Rosmalen, Graafsebaan 67
Herman Pruisken, rol: Lid
ICT Business Development Manager

ICT Business Development Manager

Locatie: Barendrecht, Kopenhagen 9
Frans Lambregts, rol: Lid
MaxGrip Head Office

MaxGrip Head Office

Locatie: Utrecht, Papendorpseweg 100
Marcel Morsing, rol: Lid

Mobilis TBI infra Vestiging West

Locatie: Rotterdam, Fascinatio Boulevard 522
Jan de Waard, rol: Lid

Movares

Locatie: Utrecht, Daalseplein 100
Jacco Kroese, rol: Lid
Peter Overduin, rol: Lid

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Maarten van Riel, rol: Coordinator
Ronald Gram, rol: Adviseur

Covalent

Locatie: Amersfoort, Displayweg 3
Siert Saes, rol: Lid
Ad Rabenort, rol: Lid

Croonwolter&dros

Locatie: Rotterdam, Schiemond 20-22
Dolf van der Meij, rol: Lid
Celeste de Jong, rol: Lid

Deltares

Locatie: Delft, Boussinesqweg 1
Peter van den Berg, rol: Lid

ENGIE Nederland N.V.

Locatie: Dordrecht, Laan van Barcelona 800
Ton van Gageldonk, rol: Lid

Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte

Locatie: Amsterdam, Weesperplein 8
Wilco Renkema, rol: Lid
Jeroen Schrijver, rol: Lid

Altran Netherlands B.V.

Locatie: Utrecht, Herculesplein 24
Lambert Verhagen, rol: Lid
Jeroen Kersten, rol: Lid
Peter Hendriks, rol: Lid

ARCADIS Nederland BV

Locatie: Arnhem, Beaulieustraat 22
Gerben Quirijns, rol: Lid

BAM Infra

Locatie: Gouda, H.J. Nederhorststraat 1
Jaco Kreber, rol: Lid
Vincent van den Broek, rol: Lid

Besix Infra

Locatie: Schelle, Steenwinkelstraat 640
Jan Parmentier, rol: Lid

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Merten Hinsenveld, rol: Lid
Ellen van Eijk, rol: Begeleider/Facilitator

Platform Meerwaarde ondergrond

Platform Meerwaarde ondergrond

Status: Lopend
Type: Platform - koplopergroep - expertteam

Vraagarticulatie
Het platform Meerwaarde ondergrond is een praktijkgemeenschap gericht op het creëren van meerwaarde met de ondergrond. In de praktijk wordt veel gesproken over integrale gebiedsontwikkeling, maar men vergeet vaak de potentie van de bodem. De ondergrond kan een kwaliteitsimpuls geven aan de bovengrond; dat is waar het binnen dit platform om draait.

Onderzoek
De platformbijeenkomsten zijn altijd gericht op het uitwisselen en vergaren van kennis waar de praktijk om vraagt. Dagelijkse worstelingen krijgen zo een plek evenals het uitdiepen van strategisch relevante onderwerpen. Denk aan vraagstukken als: Welke waarde voegt ondergronds ruimtegebruik toe? Kunnen we die meerwaarde ook hard economisch neerzetten?

Resultaat
Het platform Meerwaarde ondergrond bedient een breed pallet van verschillende interesse en werkzaamheden van deelnemers. De een heeft interesse in beleid, de ander meer in uitvoering, de een in filosoferen, de ander in praktische tools. Het platform houdt daar rekening mee door bijeenkomsten te organiseren waar deze aspecten bij elkaar komen, of juist door bijeenkomsten gericht op specifieke onderwerpen.

Vakgebieden
Ordening en waarde

Bijeenkomsten

09-05-2017 - Bijeenkomst Platform Meerwaarde

Deze bijeenkomst ging over de vragen ‘wat betekent dan die omgevingswet, hoe pas ik dat in de paraktijd van alledag en wat kunnen overheden en de uitvoerende partijen van elkaar leren?


21-07-2017 - Museonder

De ondergrondse waarde van het Museonder en de nieuwe plannen van het park de Hoge Veluwe zijn na deze bijeenkomst geen geheim meer voor de gasten. Tijdens de middag is er volop gelegenheid vo


28-09-2017 - Wetenschap en praktijk komen in Leiden samen.

Hoe leer je als techneuten en planvormers elkaars taal spreken. Centraal hierbij staat de praktijkcasus in het stationsgebied Leiden waar Fransje Hooimeijer (TU) met haar studenten informatie


10-10-2017 - werkgroep informatie en omgevingswet

Op 9 mei heeft het platform onderwerpen benoemd waar we verder aan gaan werken, informatie (data) is er daar een van.


22-06-2018 - Platformbijeenkomst op het COB-congres

Eén sessie van het COB-congres staat in het teken van het platform Meerwaarde Ondergrond. Het onderzoeksproject de waarde van ondergronds bouwen, zal hier de resultaten met de gasten delen.


06-09-2018 - Platformbijeenkomst Meerwaarde ondergrond

De impact van de energietransitie voor ondergrondse ruimte staat op de agenda. De inpassing van ondergrondse functies in dynamisch stedelijk gebied in momenteel al een hele opgave, straks als



Deelnemers
Klik op het bedrijfslogo voor de deelnemende personen

SPIE NEDERLAND Voorheen Ziut Installatietechniek

Locatie: Arnhem, Nieuwe Plein 1b
Irene Bruines, rol: Lid
Joop Weijenbarg, rol: Lid

Triple Bridge B.V.

Locatie: Utrecht, Nieuwegracht 32
Lidwien Besselink, rol: Lid

Universiteit Utrecht Faculteit Geowetenschappen

Locatie: Utrecht, Heidelberglaan 2
Jasper Griffioen, rol: Lid

Witteveen+Bos Raadgevende Ingenieurs

Locatie: Deventer, Leeuwenbrug 8
Jasper Lackin, rol: Lid

ProRail

Locatie: Utrecht, Moreelsepark 3
Paul Siderius, rol: Lid
Provincie Zuid-Holland Dienst Beheer Infrastructuur

Provincie Zuid-Holland Dienst Beheer Infrastructuur

Locatie: Den Haag, Koningskade 40
Kees Bergen, rol: Lid
Taco Querens, rol: Lid

Provincie Zuid-Holland

Locatie: Den Haag, Zuid-Hollandplein 1
Rogier Pronk, rol: Lid
Werncke Husslage, rol: Lid

Rijkswaterstaat Leefomgeving Bodem+

Locatie: Rijswijk, Lange Kleiweg 34
Nicole Hardon, rol: Lid
Remco de Boer, rol: Lid
Jan Frank Mars, rol: Lid

Rijkswaterstaat WVL Water Verkeer en Leefomgeving

Locatie: Utrecht, Griffioenlaan 2
Edwin van der Wel, rol: Lid

Saxion Hogeschool

Locatie: Deventer, Handelskade 75
Geert Roovers, rol: Lid

Gemeente 's-Hertogenbosch

Locatie: 'S-hertogenbosch, Wolvenhoek 1
Ine Flinkers, rol: Lid
Harke Tuinhof, rol: Lid

Gemeente Utrecht Dienst Stadsontwikkeling

Locatie: Utrecht, Rachmaninoffplantsoen 61
Marianne Langenhoff, rol: Lid

Heijmans Integrale Projecten B.V.

Locatie: Rosmalen, Graafsebaan 67
Leendert de Bruin, rol: Lid

Movares

Locatie: Utrecht, Daalseplein 100
Ron de Puy, rol: Lid
Maarten van Riel, rol: Lid

Movares regio Noordwest

Locatie: Amsterdam, Rhijnspoorplein 36
Nienke van de Lune, rol: Lid
Omgevingsdienst Midden-Holland

Omgevingsdienst Midden-Holland

Locatie: Gouda, Thorbeckelaan 5, Midden-Hollandhuis
Bernd van den Berg, rol: Lid

ProRail

Locatie: Utrecht, Moreelsepark 2- de Tulpenburgh
Jan Willem Lammers, rol: Lid

Gemeente Den Haag Dienst Stadsbeheer

Locatie: Den Haag, Spui 70
John Nieuwmans, rol: Lid

Gemeente Den Haag Dienst Stedelijke Ontwikkeling

Locatie: Den Haag, Spui 70
Nico van den Heuvel, rol: Lid

Gemeente Dordrecht

Locatie: Dordrecht, Spuiboulevard 300
Rob Mank, rol: Lid

Gemeente Haarlem Afdeling Milieu

Locatie: Haarlem, Zijlvest 39
Marc van Someren, rol: Lid

Gemeente Haarlem Stedelijke Ontwikkeling

Locatie: Haarlem, Zijlvest 39
Rolf Tjerkstra, rol: Lid

Gemeente Katwijk

Locatie: Katwijk, Koningin Julianalaan 3
Jeroen Brouwer, rol: Lid

Gemeente Rotterdam Stadsontwikkeling

Locatie: Rotterdam, Wilhelminakade 179
Petra van der Lugt, rol: Lid
Stanley Tjan, rol: Lid
Joost Martens, rol: Lid
Jo Janssen, rol: Lid

Dunea NV Duin & Water

Locatie: Zoetermeer, Plein van de Verenigde Naties 11
Mark Janssen Lok, rol: Lid
Ans Groenewegen, rol: Lid

Enexis B.V.

Locatie: 'S-hertogenbosh, Magistratenlaan 116
Jos Lemmens, rol: Lid

Gemeente Alphen aan den Rijn

Locatie: Alphen Aan Den Rijn, Stadhuisplein 1
Sytze Fokkema, rol: Lid
Ab van der Schans, rol: Lid
Martin Groen, rol: Lid

Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte

Locatie: Amsterdam, Weesperplein 8
Michiel Wentholt, rol: Lid

Gemeente Amsterdam Ingenieursbureau

Locatie: Amsterdam, Weesperstraat 430
Paul Elzenaar, rol: Lid
Leendert Flier, rol: Lid

Antea Group

Locatie: Oosterhout, Beneluxweg 125
Léon Verhoeven, rol: Lid

ARCADIS Nederland BV

Locatie: Arnhem, Beaulieustraat 22
Willy Theunissen, rol: Lid
Edwin van der Knoop, rol: Lid

Brandweer Amsterdam-Amstelland

Locatie: Amsterdam, Karspeldreef 16
Ron Beij, rol: Lid

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Edith Boonsma, rol: Projectleider
Gijsbert Schuur, rol: Coordinator

Croonwolter&dros

Locatie: Roosendaal, Ettenseweg 20
Harry Engwirda, rol: Lid

Deltares

Locatie: Delft, Boussinesqweg 1
Derk van Ree, rol: Lid

Dunea NV Duin & Water

Locatie: Zoetermeer, Plein van de Verenigde Naties 11
Jurgen Bosch, rol: Lid
Provincie Zuid-Holland Dienst Beheer Infrastructuur

Provincie Zuid-Holland Dienst Beheer Infrastructuur

Locatie: Den Haag, Koningskade 40
Theo Verstege, rol: Lid

Carrousel Ondergrond en Ordening

Carrousel Ondergrond en Ordening

Status: Gereed
Type: Platform - koplopergroep - expertteam

Vraagarticulatie
Het COB heeft tot en met 2016 onder de naam Carrousel Ondergrond en Ordening een community of practice voor integrale vraagstukken rond de ruimtelijke ordening en ontwikkeling van de ondergrond georganiseerd. Inmiddels is deze community samengegaan en gaat nu verder onder de naam platform eerwaarde ondergrond.

Resultaat
De carrousel en het platform ordening en waarde zijn per januari 2017 samengevoegd in het Platform Meerwaarde ondergrond (O75).

Vakgebieden
Ordening en waarde

Bijeenkomsten

16-04-2015 - Opzet en programma voor 2015

30-06-2015 - Belangen: afwegen, onderhandelen en/of fuseren?

Binnen STRONG (programma Bodem en Ondergrond) is een afwegingssystematiek ontwikkeld. De eerste ervaringen in de praktijk zijn inmiddels opgedaan. Een cruciale stap in de systematiek is ‘ambit


03-09-2015 - De kost gaat voor de baat uit.

Dat geldt zeker voor investeringen in ruimtelijke kwaliteit. En voor ondergrondse investeringen. Hoe daarmee om te gaan? De economen Walter Manshanden en Olaf Koops (Netherlands Economic Obser


12-11-2015 - Afstemmen en samenwerken binnen eigen organisatie.

Afstemmen en samenwerken gaat niet vanzelf. Zeker niet binnen de eigen organisatie. Hoe lopen de hazen? Waar zitten de ratten? De gemeente ’s-Hertogenbosch geeft de aftrap voor nieuwe inzichte


21-01-2016 - Flexival

Het jaarlijkse congres dat net even anders is dan alle andere congressen. Een dag lang bieden we alle ruimte om met elkaar in gesprek te gaan over zaken die ertoe doen. De verbindende factor i


20-01-2015 - Flexival 2015: Bodembeats

Op het Flexival gaat het net altijd even iets anders dan op reguliere bijeenkomsten, sessies en congressen. Net wat losser, leuker en levendiger. Maar dat zonder verlies aan inhoudelijke kwali


24-11-2016 - Carrouselbijeenkomst


Deelnemers
Klik op het bedrijfslogo voor de deelnemende personen

Provincie Zuid-Holland

Locatie: Den Haag, Zuid-Hollandplein 1
Clemens Kester, rol: Lid

Rijkswaterstaat Leefomgeving Bodem+

Locatie: Rijswijk, Lange Kleiweg 34
Irma Kerkhof-de Vos, rol: Lid
Jan Frank Mars, rol: Lid

Gemeente Nijmegen Gemeentehuis

Locatie: Nijmegen, Korte Nieuwstraat 6
Henk Jan Nijland, rol: Lid

Gemeente Rotterdam Stadsontwikkeling

Locatie: Rotterdam, Wilhelminakade 179
John de Ruiter, rol: Lid
Joost Martens, rol: Lid

Gemeente 's-Hertogenbosch

Locatie: 'S-hertogenbosch, Wolvenhoek 1
Harke Tuinhof, rol: Lid
Ine Flinkers, rol: Lid

H2Ruimte B.V.

Locatie: Rotterdam, Schiekade 189
Henk Werksma, rol: Begeleider/Facilitator
Interprovinciaal Vakberaad Bodem

Interprovinciaal Vakberaad Bodem

Locatie: 'S-hertogenbosch, Postbus 90151
Astrid Slegers, rol: Lid
Omgevingsdienst Midden-Holland

Omgevingsdienst Midden-Holland

Locatie: Gouda, Thorbeckelaan 5, Midden-Hollandhuis
Bernd van den Berg, rol: Lid

Provincie Zeeland Directie Ruimte, Milieu en Water

Locatie: Middelburg, Het Groene Woud 1
Walter Jonkers, rol: Lid

Provincie Zuid-Holland

Locatie: Den Haag, Zuid-Hollandplein 1
Werncke Husslage, rol: Lid

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Edith Boonsma, rol: Lid

Gemeente Den Haag Dienst Stadsbeheer

Locatie: Den Haag, Spui 70
John Nieuwmans, rol: Lid

Gemeente Dordrecht

Locatie: Dordrecht, Spuiboulevard 300
Rob Mank, rol: Lid

Gemeente Haarlem Afdeling Milieu

Locatie: Haarlem, Zijlvest 39
Marc van Someren, rol: Lid

Gemeente Haarlem Stedelijke Ontwikkeling

Locatie: Haarlem, Zijlvest 39
Rolf Tjerkstra, rol: Lid

Gemeente Katwijk

Locatie: Katwijk, Koningin Julianalaan 3
Jeroen Brouwer, rol: Lid

Platform Kabels en leidingen

Platform Kabels en leidingen

Status: Lopend
Type: Platform - koplopergroep - expertteam

Vraagarticulatie
Binnen het platform Kabels en leidingen komen participanten van het COB bij elkaar om actuele onderwerpen en (toekomstige) vraagstukken te bespreken. De deelnemers zoeken naar gezamenlijke opgaven en initiëren projecten. Ook worden projecten er geëvalueerd.

Onderzoek
Dit platform richt zich op het bevorderen van samenwerking tussen partijen uit verschillende sectoren: energie en nuts-voorzieningingen, ruimtelijke ordening, vastgoed en overheid.

Resultaat
Het platform komt gemiddeld vier keer per jaar bij elkaar en bestaat uit een grote groep enthousiaste en vaste deelnemers. Veel diverse onderwerpen komen tijhdens de bijeenkomsten aan bod, waarvan er sinds de oprichting in 2003 al vele zijn opgepakt.

Vakgebieden
Kabels en leidingen

Bijeenkomsten

06-12-2018 - Platformbijeenkomst kabels en leidingen

10-09-2014 - Platformbijeenkomst bij Enexis in Den Bosch

13-02-2014 - Platformbijeenkomst bij Gemeente Amsterdam

13-05-2014 - Platformbijeenkomst gehouden bij COB

14-01-2015 - Platformbijeenkomst bij Gemeente Rotterdam

10-04-2013 - Platformbijeenkomst bij Hobas in Tiel

12-09-2013 - Platformbijeenkomst bij Dunea in Scheveningen

26-11-2013 - Platformbijeenkomst bij LSNed in Roosendaal

22-09-2015 - Platformbijeenkomst, locatie Zuidas Amsterdam

Bijeenkomst met onder andere een bezoek aan de expositie Zuidas Ondergronds onder het WTC in Amsterdam. De verdere bijeenkomst vindt plaats in de Thomaskerk waar gesproken wordt over Plastic R


03-12-2015 - Platformbijeenkomst bij Liander in Duiven

Donderdag 3 december is het platform kabels en leidingen op bezoek geweest bij Liander in Duiven. Geïnspireerd door deze locatie waar circulair bouwen hét centrale thema’s was van de herontwik


09-03-2016 - Platformbijeenkomst bij het COB in Delft

Deze bijeenkomst is goed bezocht door 26 platformleden die met elkaar spraken over de volgende onderwerpen:1 De tussenstand rondom de nieuwe richtlijnen voor zorgvuldig grondroeren (Richard va


31-05-2016 - Platformbijeenkomst bij de Gemeente Alphen ad Rijn

Op de agenda staan onder andere de pilot Mantelbuizen-put-constructie/ het verbeteren van de rol van bodem en ondergrond in ruimtelijke afwegings- en besluitvormingsprocessen/de handreiking aa


05-10-2016 - Platformbijeenkomst

17-11-2017 - Maak kennis met….

De nieuwe coordinator, de onderwerpen die aan bod komen, onze gastheer DNV-GL en veel meer…..


22-06-2018 - Platformbijeenkomst op het COB-congres

Tojdens het COB-congres wordt een speciale sessie ingericht voor het platform Kabels en leidingen



Deelnemers
Klik op het bedrijfslogo voor de deelnemende personen

Siers Infraconsult B.V

Locatie: Oldenzaal, Schuttersveld 22
Harry Moek, rol: Lid

Sweco Nederland B.V.

Locatie: De Bilt, De Holle Bilt 22
John Driessen, rol: Lid
Berno Lievers, rol: Lid

Tauw bv

Locatie: Utrecht, Australiëlaan 5
Frank van Gennip, rol: Lid

Tauw bv

Locatie: Deventer, Handelskade 37
Thijs Wessels, rol: Lid

TU Delft Faculteit Civiele Techniek & Geowetenschappen

Locatie: Delft, Stevinweg 1
Wout Broere, rol: Lid

Visser & Smit Hanab B.V.

Locatie: Papendrecht, Rietgorsweg 6
Dennis in 't Groen, rol: Lid

VolkerWessels Telecom Infra

Locatie: Amersfoort, Modemweg 33
Theo Ellenbroek, rol: Lid

Netbeheer Nederland

Locatie: Den Haag, Anna van Buerenstraat 43
Henk van Bruchem, rol: Lid

ProRail

Locatie: Utrecht, Moreelsepark 2- de Tulpenburgh
David Elbers, rol: Lid
John Sandbrink, rol: Lid
Mahesh Ghoerbien, rol: Lid
Ted Slump, rol: Lid

Rijkswaterstaat GPO Grote Projecten en Onderhoud

Locatie: Utrecht, Griffioenlaan 2
Dick Beentjes, rol: Lid
Rick van Vliet, rol: Lid

Rijkswaterstaat WVL Water Verkeer en Leefomgeving

Locatie: Utrecht, Griffioenlaan 2
Jasper Snippe, rol: Lid

Saxion Hogeschool

Locatie: Deventer, Handelskade 75
Geert Roovers, rol: Lid

Kragten B.V.

Locatie: Herten, Schoolstraat 8
Thijs Pepels, rol: Lid
Hub Diederen, rol: Lid
Carel Peeters, rol: Lid
Liandon

Liandon

Locatie: Duiven, Dijkgraaf 2-4
Bart Noordhoek, rol: Lid

LievenseCSO Infra B.V.

Locatie: Breda, Tramsingel 2
Gert Jan ter Haar, rol: Lid
Tjeerd van der Laag, rol: Lid

MH Poly Consultants & Engineers bv

Locatie: Bergen Op Zoom, Peter Vineloolaan 46b
Dennis Hut, rol: Lid
Marco Buijsen, rol: Lid

Movares

Locatie: Utrecht, Daalseplein 100
Mark Koningen, rol: Lid
Wessel Arnold, rol: Lid

HOBAS Benelux B.V.

Locatie: Tiel, Marconistraat 11-10
Duco van Rijsbergen, rol: Lid
Rob Schrijver, rol: Lid
George van Halteren, rol: Lid
Erik Niks, rol: Lid

Hogeschool Utrecht

Locatie: Utrecht, Nijenoord 1
Ursula Backhausen, rol: Lid

Hompe & Taselaar

Locatie: Amsterdam-duivendrecht, Van Marwijk Kooystraat 1
Frans Taselaar, rol: Lid
Richard van Ravesteijn, rol: Lid
Ingrid Bavelaar Management ondersteuning

Ingrid Bavelaar Management ondersteuning

Locatie: Leiderdorp, Hoofdstraat 174
Ingrid Bavelaar, rol: Secretaris

Kragten B.V.

Locatie: Herten, Schoolstraat 8
Peter van den Akker, rol: Lid

Gemeente Rotterdam Stadsontwikkeling

Locatie: Rotterdam, Wilhelminakade 179
Stanley Tjan, rol: Lid

Gemeente Rotterdam Stadsbeheer

Locatie: Rotterdam, Kleinpolderplein 5
Henk van der Maas, rol: Lid
Micha van Engelen, rol: Lid

Gemeente Utrecht Dienst Stadsontwikkeling

Locatie: Utrecht, Rachmaninoffplantsoen 61
Sieb van der Weide, rol: Lid

GPKL Gemeentelijk Platform K&L

Locatie: Ede, Galvanistraat 1
Berry Kok, rol: Lid
Enrico van den Bogaard, rol: Lid

Havenbedrijf Rotterdam N.V.

Locatie: Rotterdam, Wilhelminakade 909
Sjaak Verburg, rol: Lid

Heijmans Infra Techniek B.V.

Locatie: Rosmalen, Graafsebaan 67
Paul de Koning, rol: Lid

Heijmans NV

Locatie: Rosmalen, Graafsebaan 67
René Frinks, rol: Lid

Enexis B.V.

Locatie: 'S-hertogenbosh, Magistratenlaan 116
Jos Lemmens, rol: Lid
Evides Waterbedrijf

Evides Waterbedrijf

Locatie: Rotterdam, Schaardijk 150
Hein Herbermann, rol: Lid
Christian Kivit, rol: Lid

Gemeente Alphen aan den Rijn

Locatie: Alphen Aan Den Rijn, Stadhuisplein 1
Taco Noordenbos, rol: Lid
Martin van Vianen, rol: Lid
Ed Wesenaar, rol: Lid
Hugo Hoenders, rol: Lid

Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte

Locatie: Amsterdam, Weesperplein 8
Michiel Wentholt, rol: Lid

Gemeente Amsterdam Ingenieursbureau

Locatie: Amsterdam, Weesperstraat 430
Paul Elzenaar, rol: Lid

Gemeente Den Haag Dienst Stadsbeheer

Locatie: Den Haag, Spui 70
Hans Meijer, rol: Lid

Alliander N.V.

Locatie: Duiven, Dijkgraaf 4
Ben Lambregts, rol: Lid

Antea Group

Locatie: Almere, Monitorweg 29
Pedro Kooistra, rol: Lid
Mark Deuring, rol: Lid

Bilfinger Tebodin

Locatie: Den Haag, Laan van Nieuw Oost-Indië 25
Stanley Hunte, rol: Lid

Bouwend Nederland

Locatie: Zoetermeer, Zilverstraat 69
Edgar van Niekerk, rol: Lid

Deltares

Locatie: Delft, Boussinesqweg 1
Henk Kruse, rol: Lid

DNV GL

Locatie: Arnhem, Utrechtseweg 310
Wim Boone, rol: Lid

Dunea NV Duin & Water

Locatie: Zoetermeer, Plein van de Verenigde Naties 11
Mark Janssen Lok, rol: Lid

Dura Vermeer Infra landelijke projecten

Locatie: Hoofddorp, Taurusavenue 100
Jeroen Baars, rol: Lid

Programma bodem en ondergrond

Kennis- en innovatieprogramma Bodem en ondergrond

Een juist gebruik van bodem en ondergrond biedt kansen bij het oplossen van maatschappelijke opgaven. Met het kennis- en innovatieprogramma Bodem en ondergrond (KIBO) wil het ministerie van Infrastructuur en Milieu ervoor zorgen dat deze kansen beter worden benut. Veel stakeholders maken deel uit van het COB-netwerk. Daarom heeft het COB samen met de participanten in juli 2015 een plan ingediend voor het kennisproject Duurzaam assetmanagement van kleine ondergrondse infrastructuur.

Voor een samenhangend beleid voor de ondergrond is actuele kennis nodig over het ruimtegebruik. Hiervoor ontwikkelt het ministerie van IenM het kennis- en innovatieprogramma Bodem en ondergrond. Het doel is om op het vlak van klimaatverandering, gezonde leefomgeving, water, energie, infrastructuur, grondstoffen en voedselveiligheid en -zekerheid beter gebruik te maken van de kansen die bodem en ondergrond bieden.

Voor KIBO heeft het COB in 2014-2015 samen met de participanten een projectplan opgesteld gericht op kleine ondergrondse infrastructuur (kabels en leidingen), zie hieronder. Helaas bleek na de indiening dat KIBO niet ingericht was op de beoordeling van ingediende voorstellen en het koppelen van voorstellen aan verschillende, mogelijke financieringsbronnen. Inmiddels heeft het ministerie besloten om een nieuwe richting in te slaan en de toekenning van financiering vanuit het Bodemconvenant (in totaal tien miljoen euro) te laten verlopen via een publieke aanbesteding in vijf tranches. Hierbij zijn slechts vier van de negen thema’s van de Kennisagenda Bodem en ondergrond geselecteerd, waardoor er geen aansluiting meer is met de onderwerpen in het COB-voorstel.

De consequentie is dat er op korte termijn geen zicht is op een financiële bijdrage aan het COB-voorstel vanuit KIBO. Ook is onduidelijk of bij de volgende KIBO-aanbestedingstranches de relevante onderwerpen aan bod zullen komen. Het COB werkt daarom op andere manieren verder aan (onderdelen van) het projectplan en houdt de ontwikkelingen rondom KIBO in de gaten met het oog op eventuele aansluiting.

Kennisproject

Betrouwbare netwerken voor gas, elektriciteit, drink- en afvalwater en datacommunicatie vormen de levensaders van onze moderne maatschappij. Ze hebben dan ook een grote maatschappelijke en economische waarde. En doordat de ondergrond vol is, zeker in stedelijk gebied, ontstaan er steeds dringender opgaven rondom kabels en leidingen. Voor het slim inpassen van de infrastructuur en het voorkomen van overlast, is goed overheidsbeleid en samenwerking tussen eigenaren van netwerken nodig.

Overheidsbeleid staat bovendien niet stil. Hoewel weinig overheden specifiek voor de ondergrond beleid maken, maken zij wel beleid dat consequenties heeft voor ondergrondse netwerken. Verduurzaming is bijvoorbeeld een onderwerp dat bij zowel centrale als decentrale overheden hoog op de agenda staat. De invulling hiervan, met onder meer collectieve warmtenetten, decentrale productie van elektriciteit en (groen) gas, en initiatieven rond ‘smart cities’ leidt tot andere eisen voor kabels en leidingen.

Het ingediende kennisproject van het COB sluit nauw aan bij kennisvragen rond het beheer en de toekomstige ontwikkeling van ondergrondse netwerken. Wat het COB-netwerk wil bereiken:

Zekerheid, betrouwbaarheid, veiligheid
Nu en in de toekomst
De hoogste maatschappelijke waarde met minimale kosten

Werkpakketten

In overleg met COB-participanten en andere stakeholders zijn de doelstellingen vertaald in drie samenhangende werkpakketten.

Werkpakket 1: Slim beheer bestaande netwerken

Veel bestaande kabels en leidingen zijn zo’n vijftig jaar oud. Dit betekent volgens de gangbare inzichten en modellen voor de technische levensduur dat ze in de komende jaren aan vervanging toe zijn: een kostenpost van meer dan honderd miljard euro. Maar kloppen de inzichten en modellen wel? Bij sommige leidingen die zijn vervangen, bleek achteraf dat ze eigenlijk nog een tijd hadden kunnen meegaan. Er kunnen bovendien onverwachte storingen en breuken optreden. Een probleempunt bij het beheer van ondergrondse netwerken is dat niet altijd bekend is wat waar in de ondergrond ligt. In recente jaren is de registratie van de ligging van kabels en leidingen sterk verbeterd, maar van veel oude infrastructuur is de locatie nooit vastgelegd. Er wordt nog weinig gebruikgemaakt van detectie. Deels komt dit doordat de toepassing voor grotere gebieden relatief duur is en de betrouwbaarheid nog niet bewezen. Daarnaast is er een gebrek aan bereidheid bij stakeholders om te investeren in de ontwikkeling van technieken en het beheer van de verkregen data.

Typerend voor deze onderwerpen is dat er al veel projecten lopen of zijn afgerond, maar dat echte doorbraken uitblijven vanwege de gefragmenteerde ontwikkeling. Het COB-kennisproject brengt een groot aantal partijen samen die bereid zijn om kennis te delen en samen kansrijke onderwerpen hebben gekozen voor verdere ontwikkeling.

Het ingediende kennisproject richt zich op twee vraagstukken: enerzijds het ontwikkelen van betrouwbare lokaliseringstechnieken voor ondergrondse kabels en leidingen, anderzijds het verbeteren van de voorspellingsmodellen voor de restlevensduur van leidingen. Voor het eerste wil het COB aanhaken bij de ontwikkeling van een geavanceerde grondradar door ProRail. Het tweede vereist uitgebreider vooronderzoek. Er zal eerst een inventarisatie gemaakt worden van de verschillende modellen en hun sterktes en zwaktes. Vervolgens zullen ervaringen uitgewisseld worden in een expertgroep. Daarnaast zal er worden gekeken naar het koppelen van modellen en gegevens, en het inschatten van de risico’s van falende leidingen. De resultaten zullen gebundeld worden in praktische handreikingen en rapportages.

Werkpakket 2: Netwerken van de toekomst

Er zijn verschillende maatschappelijke trends die hogere en andere eisen stellen aan de ondergrondse kleine infrastructuur. Bijvoorbeeld de verstedelijking: hierdoor zijn er op een beperkt oppervlak meer voorzieningen nodig, waardoor het risico dat die voorzieningen elkaar hinderen, stijgt. Daarnaast is er voor zowel energie als water een verschuiving van centrale naar decentrale activiteiten. Dit betekent dat er geen grote vertakte netwerken met een centraal punt nodig zijn, maar kleine regionale netwerken, die soms onderling verbonden moeten zijn om schommelingen in vraag en aanbod te kunnen compenseren.

Naar aanleiding van deze trends wil het COB-netwerk via het kennisproject ten eerste ruimtegebruik verbeteren door bundeling van kabels en leidingen. Deze aanpak is al een aantal jaren onderwerp van onderzoek en experimenten. Stakeholders blijken echter te weinig bereidwillig om actief mee te werken. De knelpunten (technisch en niet-technisch) zullen aan de hand van praktijkcases in kaart worden gebracht. Pilotprojecten moeten uitwijzen hoe en onder welke voorwaarden kleine ondergrondse infrastructuur met bundeling goedkoper en zonder hinder aan te leggen, te beheren, te onderhouden en weer af te breken is.

De tweede onderzoeksrichting is de transitie naar ‘netwerken van de toekomst’. De ontwikkeling van toekomstige netwerken is gekoppeld aan verschillende doelstellingen, waaronder flexibiliteit. Als gebieds(her)ontwikkeling leidt tot andere eisen aan nutsvoorzieningen, zou het idealiter mogelijk moeten zijn de ondergrondse infrastructuur met behoud van efficiency en met minimale transitiekosten aan te passen. Wat betekent dit voor de inrichting? In welke mate moeten netwerken gekoppeld zijn? Aan de hand van praktijkcases zullen een aantal kennisvragen onderzocht worden. De geleerde lessen zullen vertaald worden in handreikingen voor overheden en marktpartijen die nieuwe netwerken willen ontwikkelen.

Werkpakket 3: Maximale waarde tegen minimale kosten

Bij investeringen in kleine ondergrondse infrastructuur (zowel voor aanleg als beheer) zijn stakeholders betrokken die vanuit verschillende belangen keuzes moeten maken. Dit is een complex proces, waarbij inzicht nodig is in kosten en baten. Wanneer helder is wie de baathouders zijn, kan er een goede toedeling van kosten gemaakt worden. Dat draagt eraan bij dat investeringen vanuit de overheid verdedigbaar en politiek acceptabel worden, doordat duidelijk is wanneer de maatschappelijke baten groter zijn dan de private. Het COB-onderzoek Verdienstelijke netwerken wees echter uit dat het speelveld bij het aanleggen en beheren van kabels en leidingen dermate complex is, dat het lastig is een goede maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) te maken.

Doelstelling van het kennisproject van het COB is een evenwichtig afwegingshulpmiddel te ontwikkelen dat breed inzetbaar is bij de besluitvorming rond kleine ondergrondse infrastructuur. Praktijkcases uit de andere werkpakketten dienen daarvoor als basis. Daarnaast zal er gebruikgemaakt worden van kennis van en ervaring met MKBA’s voor grote ondergrondse infrastructuur.

Mantelbuizenputconstructie

Mantelbuizenputconstructie

Status: Gereed
Type: Pilot - praktijkonderzoek - evaluatie

Vraagarticulatie
Gemeente Alphen a/d Rijn ontwikkelt in een pilotproject een zogeheten mantelbuizenputconstructie voor het droog, gebundeld, veilig en ondergronds aanbrengen en beheren van kabels en leidingen. Een evaluatie onder leiding van het COB moet duidelijk maken of de constructie in aanleg en beheer op deze locatie werkt. Ook wordt er bekeken onder welke voorwaarden het systeem als een van de geaccepteerde standaard K&L-oplossingen toepasbaar is.

Onderzoek
In juni 2016 is de aanleg van deze constructie gestart. het COB zal door middel van intervieuws met de betrokkenen dit project evalueren.

Resultaat
Een uitwerking van de intervieuw en de daarbij komende leer en knelpunten zijn in werksessies besproken, en zijn daarna gepubliceerd. De publicatie is in 2017 opgeleverd.

Vakgebieden
Kabels en leidingen

Bijeenkomsten

08-01-2015 - bijeenkomst KIBO Mantelbuizen-putconstructie


Deelnemers
Klik op het bedrijfslogo voor de deelnemende personen

J. van Toorenburg Adviesbureau voor warmte, koel en Electrotechniek

Locatie: Den Haag, De Perponchersraat 134-136
Richard van Toorenburg, rol: Lid

Movares

Locatie: Utrecht, Daalseplein 100
Maarten van Riel, rol: Lid

Netbeheer Nederland

Locatie: Den Haag, Anna van Buerenstraat 43
Henk van Bruchem, rol: Lid

Oasen N.V.

Locatie: Gouda, Nieuwe Gouwe O.Z. 3
Ed Vergunst, rol: Product geïnterviewd
Reggefiber group

Reggefiber group

Locatie: Rijssen, Reggesingel 12
Paul Hosselet, rol: Product geïnterviewd
Gerard Somhorst, rol: Product geïnterviewd
RPS advies- en ingenieursbureau B.V.

RPS advies- en ingenieursbureau B.V.

Locatie: Leerdam, Prins Mauritsstraat 17
Henk-Jan Mebius, rol: Product geïnterviewd

VolkerWessels Telecom Infra

Locatie: Amersfoort, Modemweg 33
Theo Ellenbroek, rol: Lid

Witteveen + Bos Raadgevende Ingenieurs

Locatie: Den Haag, Alexanderstraat 21
Ingrid Bolier, rol: Adviseur
ZITAconsulting

ZITAconsulting

Locatie: Amersfoort, Gerrit van Stellingwerfstraat 84
Zita van Aggelen-Veldkamp, rol: Lid

Gemeente Alphen aan den Rijn

Locatie: Alphen Aan Den Rijn, Stadhuisplein 1
Martin van Vianen, rol: Product geïnterviewd
Taco Noordenbos, rol: Product geïnterviewd
Aad van Klaveren, rol: Product geïnterviewd
Hugo Hoenders, rol: Product geïnterviewd
Ed Wesenaar, rol: Lid

Gemeente Amsterdam Ingenieursbureau

Locatie: Amsterdam, Weesperstraat 430
Paul Elzenaar, rol: Lid

Gemeente Rotterdam Stadsontwikkeling

Locatie: Rotterdam, Wilhelminakade 179
Hugo Witteveen, rol: Lid

HOBAS Benelux B.V.

Locatie: Tiel, Marconistraat 11-10
Duco van Rijsbergen, rol: Lid

Hompe & Taselaar

Locatie: Amsterdam-duivendrecht, Van Marwijk Kooystraat 1
Frans Taselaar, rol: Lid
Richard van Ravesteijn, rol: Coordinator
4KANT Advies B.V.

4KANT Advies B.V.

Locatie: Apeldoorn, Kruizemuntstraat 96
Raymond Krukkert, rol: Projectleider

ABT B.V.

Locatie: Delft, Delftechpark 12
Ruud Arkesteijn, rol: Lid

Alliander N.V.

Locatie: Duiven, Dijkgraaf 4
Klaas van der Maas, rol: Lid

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Richard van Ravesteijn, rol: Opdrachtgever
Elan Wonen

Elan Wonen

Locatie: Haarlem, Meester Lottelaan 301
Chris Schaapman, rol: Initiatiefnemer

Slimme regie bij warmtenet Den Haag

Regie op de ondergrond: Warmtenet Den Haag

De gemeente Den Haag wil de handreiking Slimme regie op de ondergrond inzetten bij het uitbreiden van het warmtenet, om zo aan te sturen op integrale projecten en met beperkte financiële middelen waardecreatie te genereren.

Veel gemeenten worstelen met de druk op de ondergrond. Steeds meer partijen willen de ondergrondse ruimte benutten: hoe kunnen de activiteiten op een slimme, verantwoorde manier op elkaar worden afgestemd? Gemeente Den Haag wil hierin voortouw nemen door de handreiking Slimme regie op de ondergrond toe te passen in de praktijk. De gemeente denkt dat de aanpak hen in staat stelt om op plekken die kansrijk zijn voor het uitbreiden van het warmtenet meer waarde te creëren zonder extra financiële middelen. Slimme regie kan ervoor zorgen dat verschillende opgaven (ook van andere partijen!) aan elkaar geknoopt worden, zoals herstructurering, verduurzaming woningen, vervangen cv-ketels (opgave voor woningcorporatie), aanpassing riolering en openbare ruimte, en de verandering van gasnet naar warmtenet (netbeheerders en energiemaatschappijen).

Daarnaast geldt dat de gemeente door de nieuwe aanpak bouwt aan een constructievere samenwerking met andere partijen, wat belangrijk is voor de duurzame ontwikkeling van de stad Den Haag. Deze samenwerking komt op dit moment moeizaam van de grond, niet alleen in Den Haag, maar ook bij andere gemeenten. De handreiking Slimme regie op de ondergrond kan hierbij uitkomst bieden, terwijl het gedachtegoed tegelijkertijd wordt doorontwikkeld.

(Foto: Den Haag Marketing)

Monitoring

Monitoring

Status: Gereed
Type: Onderzoek - commissie - werkgroep

Vraagarticulatie
In praktijkprojecten zijn grote sprongen gemaakt op het gebied van monitoring, maar veel kennis verdwijnt met het verdwijnen van de kennisdragers in het project. Hoe houden we die kennis vast?

Onderzoek
Het COB heeft een werkgroep samengesteld om voor drie grote praktijkprojecten - Noord/Zuidlijn, Spoorzone Delft en A2 Maastricht - vijf aspecten te beschrijven: (1) ontwerp- en (2) monitoringsfilosofie, (3) gemaakte predicties, (4) verzamelde meetdata en (5) aanpassingen bouw- en/of monitoringsproces. Hiermee worden de praktijkervaringen inzichtelijk gemaakt.

Resultaat
Op maandag 27 juni 2016 is het rapport gepresenteerd in een workshop met de betrokken experts. De gasten kregen korte presentaties over de drie praktijkprojecten en konden daarna met de experts om tafel om hun vragen, dilemma’s en suggesties op het gebied van monitoring te bespreken.

Thema's
Verbinden

Bijeenkomsten

19-06-2015 - Voorstel scope deelonderzoek

Het COB wil graag 3 projecten (Noord-Zuidlijn, Spoorzone Delft en A2 Maastricht) monitoren.


10-09-2015 - Vervolg monitoring

Het COB wil graag 3 projecten (Noord-Zuidlijn, Spoorzone Delft en A2 Maastricht) monitoren.


29-01-2016 - Bespreken final drafts monitoring

Er zijn vier drafts geschreven. Deze worden geevalueerd tijdens de vergadering.


18-03-2016 - Monitoring concept teksten bespreken

Er zijn vier drafts geschreven. Uit de laatste vergadering is gebleken dan Bouwputten als vierde project wordt toegevoegd. De final drafts worden verder uitgescheven tot een eerste concept tek


24-05-2016 - Laatste bespreking voordat rapport wordt gedrukt

Eindredactie van het rapport. Alle hoofdstukken worden nogmaals besproken en op inhoud nagekeken.


27-06-2016 - Workshop Monitoring

Wij ontvangen u met een lunch, aansluitend vier presentaties van onze experts. Na de pauze kunt u kiezen uit vier tafels. Per tafel zit één expert om al uw vragen, dilemma’s en suggesties te b



Deelnemers
Klik op het bedrijfslogo voor de deelnemende personen

Joustra Consultancy & Project Management B.V.

Locatie: Leidschendam, Prinses Beatrixlaan 15
Joost Joustra, rol: Lid

Sweco Nederland B.V.

Locatie: Eindhoven, Zernikestraat 17
Bjorn Vink, rol: Lid

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Karin de Haas, rol: Coordinator
Ellen van Eijk, rol: Begeleider/Facilitator

Deltares

Locatie: Delft, Boussinesqweg 1
Thomas Bles, rol: Lid
Mandy Korff, rol: Lid

DIMCO bv

Locatie: Dordrecht, Kilkade 2
Hans Mortier, rol: Rapporteur

Geobest B.V.

Locatie: Vianen, Marconiweg 2
Erwin de Jong, rol: Lid

www.geoimpuls.org/

Cyber security

Cyber security

Status: Lopend
Type: Onderzoek - commissie - werkgroep

Vraagarticulatie
Vanwege hun centrale positie in onze economie moet cyber security ook bij tunnels en andere ondergrondse infrastructuur expliciete aandacht krijgen. Vanuit het Platform Veiligheid heeft het COB een werkgroep opgericht, waarin kennis en documentatie op dit vlak gedeeld en ontwikkeld kan worden.

Onderzoek
Het COB heeft in samenwerking met het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) een werkgroep opgericht. Dit \'information sharing and analysis center\' (ISAC) komt bijeen om onderling ervaringen uit te wisselen, en om te leren van de aanpak tegen cybercrime vanuit andere sectoren (havens, luchthavens etc).

Resultaat
De werkgroep Cybersecurity ISAC-tunnels werkt aan een handboek om het bewustzijn inzake cyber security van tunnels te verhogen en praktijklessen en -ervaring te delen met de sector.

Thema's
Verbinden

Bijeenkomsten

18-05-2018 - Kennisdag Cybersecurity

De bevindingen van de werkgroep worden breed gedeeld en het boek wordt digitaal gepresenteerd


09-09-2015 - 1e bijeenkomst cyber security

Dit was een verkennende bijeenkomst waarin werd gesproken over de invulling van deze werkgroep, over de invulling van de ISAC richtlijnen en welke partijen er toegevoegd moesten worden aan dez


12-01-2016 - 2e bijeenkomst Cyber security

Diverse betrokken partijen zijn aangeschoven deze 2e bijeenkomst. In deze bijeenkomst zijn de ISAC richtlijnen besproken en aangepast. Ook is gesproken over de inhoud van het boekje dat zal wo


15-03-2016 - 3e bijeenkomst cyber security

In deze bijeenkomst heeft een medewerker van RWS CIV een presentatie gegeven over de aanpak van cyber security . Tevens is de geheimhoudingsverklaring voor deelname aan deze werkgroep ondertek


21-06-2016 - 4e bijeenkomst cyber security

In deze bijeenkomst worden de voorstellen voor een inhoudsopgave van het op te stellen rapport / boekje besproken.


06-09-2016 - 5e bijeenkomst ISAC Tunnels, cyber security

In deze bijeenkomst worden de taken verdeeld voor het schrijven van de hoofdstukken voor het handboekje wat samengesteld wordt over Cyber security en tunnels.


20-09-2017 - 6e bijeenkomst werkgroep Cybersecurity

Deze bijeenkomst is bedoeld om een doorstart te maken met het schrijven van het boekje


10-01-2018 - Werkgroepbijeenkomst Cybersecurity

Tijdens deze bijeenkomst worden de opmerkingen door de schrijvers verwerkt en onderling teruggekoppeld en afgestemd.



Deelnemers
Klik op het bedrijfslogo voor de deelnemende personen

Siemens Nederland NV

Locatie: Zoetermeer, Werner von Siemensstraat 1
Bob van den Bosch, rol: Lid

Soltegro

Locatie: Capelle Aan Den Ijssel, Rivium Quadrant 159
André Stehouwer, rol: Voorzitter

Wegschap Tunnel Dordtse Kil

Locatie: Dordrecht, Provincialeweg 43-nr 102
Arie Bras, rol: Lid

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Caro Rietman, rol: Begeleider/Facilitator
Intiv

Intiv

Locatie: Lelystad, Bingerden 81
Marco Joosten, rol: Lid

Kimpro BV

Locatie: Soest, Schrikslaan 15
Jasper Kimstra, rol: Lid

Ministerie van IenW DG/RWS

Locatie: Den Haag, Rijnstraat 8
René van der Helm, rol: Lid

Movares

Locatie: Utrecht, Leidseveer 10
Jos Renkens, rol: Lid

Rijkswaterstaat Centrale Informatievoorziening

Locatie: Delft, Derde Werelddreef 2
Turabi Yildirim, rol: Lid
Mark van Leeuwen, rol: Lid
Jaap van Wissen, rol: Lid

Siemens Nederland NV

Locatie: Zoetermeer, Werner von Siemensstraat 1
Harald Hofstede, rol: Lid
ABB BV

ABB BV

Locatie: Etten-leur, Mon Plaisir 40
Arnold Kroon, rol: Lid
Cuno van den Hondel, rol: Lid

Antea Group

Locatie: Heerenveen, Tolhuisweg 57
Jan Houwers, rol: Lid

Brandweer Amsterdam-Amstelland

Locatie: Amsterdam, Karspeldreef 16
Ron Beij, rol: Lid

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Leen van Gelder, rol: Coordinator

Internationale samenwerking renoveren

Internationale samenwerking renoveren

Status: Lopend
Type: Onderzoek - commissie - werkgroep

Vraagarticulatie
Wereldwijd is de renovatieopgave voor tunnels enorm. De Belgische ingenieursvereniging ie-net en het COB hebben de handen ineen geslagen om praktische vraagstukken samen aan te pakken.

Onderzoek
Als eerste stap is er op 30 mei 2017 een gezamenlijke studiedag georganiseerd. Opdrachtgevers, opdrachtnemers, studie- en adviesbureaus, vergunningverleners en tunnelbeheerders bij elkaar om vanuit verschillende perspectieven kennis en ervaringen te delen op basis van concrete (praktijk)voorbeelden en best practices.

Bijeenkomsten

30-05-2017 - Studiedag Grenzeloos renoveren i.s.m. ie-net


Deelnemers
Klik op het bedrijfslogo voor de deelnemende personen

TU Delft Faculteit Civiele Techniek & Geowetenschappen

Locatie: Delft, Stevinweg 1
Carolina Lantinga, rol: Product schrijver

Westerscheldetunnel N.V.

Locatie: Borssele, Westerscheldetunnelweg 1
Jan Verbrugge, rol: Spreker
Christian Braat, rol: Spreker

Witteveen + Bos Raadgevende Ingenieurs

Locatie: Amsterdam, Hoogoorddreef 56-f
Aryan Snel, rol: Spreker

Rijkswaterstaat GPO Grote Projecten en Onderhoud

Locatie: Utrecht, Griffioenlaan 2
Johan Naber, rol: Spreker

Rijkswaterstaat PPO Programma's, Projecten en Onderhoud

Locatie: Haarlem, Toekanweg 7
Ilkel Taner, rol: Spreker
Leo Maas, rol: Product schrijver
Martin Bouma, rol: Spreker
Theo van Maris, rol: Spreker

Rijkswaterstaat WVL Water Verkeer en Leefomgeving

Locatie: Utrecht, Griffioenlaan 2
Cees Brandsen, rol: Spreker

SPIE Nederland BV

Locatie: Breda, Huifakkerstraat 15
Jan Arends, rol: Financier

TEC Tunnel Engineering Consultants

Locatie: Amersfoort, Laan 1914 No 35
Brenda Berkhout, rol: Spreker

TU Delft

Locatie: Delft, Stevinweg 1
Esther Wever, rol: Product schrijver

Motion Consult B.V.

Locatie: Amersfoort, Vlasakkerweg 3b
Marene Enk van den, rol: Spreker
Roland Broekhuizen, rol: Spreker
NP Bridging

NP Bridging

Locatie: Antwerpen, Rijnkaai 101
Chris Poulissen, rol: Spreker
Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn advocaten en notarissen

Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn advocaten en notarissen

Locatie: Den Haag, Bezuidenhoutseweg 57
Liesbeth Schippers, rol: Spreker

Peter Juijn teksten

Locatie: Utrecht, Kwartelstraat 43
Peter Juijn, rol: Product schrijver

Rijkswaterstaat GPO Grote Projecten en Onderhoud

Locatie: Utrecht, Griffioenlaan 2
Willem Zandvliet, rol: Spreker
Harry de Haan, rol: Spreker
Dick van Klaveren, rol: Spreker
Harry Dekker, rol: Spreker
Dick van Klaveren, rol: Financier
IE-net vzw

IE-net vzw

Locatie: Antwerpen, Desguinlei 214
Francis Cools, rol: Contactpersoon
Christine Mortelmans, rol: Contactpersoon
Jan van Steirteghem, rol: Coordinator

iNFRANEA

Locatie: Antwerpen, Klokstraat 12
Johan Kuppens, rol: Financier
Johan Kuppens, rol: Spreker
Jan De Nul N.V.

Jan De Nul N.V.

Locatie: Aalst, Tragel 60
Jo Roelants, rol: Financier

Mobilis TBI infra Vestiging West

Locatie: Rotterdam, Fascinatio Boulevard 522
Jan de Jong, rol: Financier
Jacco Groen, rol: Spreker

Motion Consult B.V.

Locatie: Amersfoort, Vlasakkerweg 3b
Ronald Jansen, rol: Spreker

Croonwolter&dros

Locatie: Roosendaal, Ettenseweg 20
Benjamin Mooijaart, rol: Spreker
Jan Willemsen, rol: Financier
CRS Consultancy

CRS Consultancy

Locatie: Zoetermeer, Loosduinenstraat 8
Cynthia Sewbalak, rol: Spreker

Deltares

Locatie: Delft, Boussinesqweg 1
Adam Bezuijen, rol: Spreker

Dura Vermeer Infra landelijke projecten

Locatie: Hoofddorp, Taurusavenue 100
Rutger de Jong, rol: Financier

Gemeente Amsterdam Ingenieursbureau

Locatie: Amsterdam, Weesperstraat 430
Paul van Rossum, rol: Financier
Paul van Rossum, rol: Spreker

Gemeente Den Haag p/a projectorganisatie

Locatie: Den Haag, Laan van Hoornwijck 80
Paul van Laviere, rol: Spreker

Gemeente Rotterdam Stadsontwikkeling

Locatie: Rotterdam, Wilhelminakade 179
Wilbert Jansen, rol: Spreker

Harry Bijl Communicatie

Locatie: Montfoort, Julianalaan 27
Harry Bijl, rol: Product schrijver
Brussels hoofdstedelijk gewest

Brussels hoofdstedelijk gewest

Locatie: Brussel, Koning Albert II-laan 20, bus 4
Dimitri Strobbe, rol: Spreker

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Edith Boonsma, rol: Contactpersoon
Merten Hinsenveld, rol: Deelnemer
Maarten van Riel, rol: Product schrijver
Marije Nieuwenhuizen, rol: Product schrijver
Caro Rietman, rol: Contactpersoon
Karin de Haas, rol: Coordinator
Karin de Haas, rol: Spreker
Combinatie Hyacint V.O.F. Dura Vermeer, BESIX en SPIE

Combinatie Hyacint V.O.F. Dura Vermeer, BESIX en SPIE

Locatie: Velsen-noord, Concordiastraat 84
Hugo Kruk, rol: Spreker
Armand Ellsworth, rol: Spreker

Aannemingsbedrijf K. Dekker BV

Locatie: Warmenhuizen, Oudevaart 91
Alex Kirstein, rol: Spreker

BAM Infra

Locatie: Gouda, H.J. Nederhorststraat 1
Ton Buijink, rol: Financier
Bam Nuttall Compound

Bam Nuttall Compound

Locatie: Heathrow, Old Police Station Compound
Jon Daley, rol: Spreker

Besix Nederland bv

Locatie: Barendrecht, Trondheim 22-24
Thomas Vandenbergh, rol: Spreker
Marie-José Knape, rol: Spreker
Jeroen Philtjens, rol: Financier

Socratisch gesprek

Socratisch gesprek

Gesprekken over samenwerking (maar evengoed over andere onderwerpen) verzanden regelmatig in abstracte uitspraken als ‘we moeten transparant zijn’ en ‘je moet elkaar iets gunnen’. Wat wordt er werkelijk bedoeld, en waar reageren we op? De socratische gespreksmethode is erop gericht dit helder te krijgen.

Samenwerking vereist helder denken, helder taalgebruik en een systematische manier van communiceren. Het socratisch gesprek is hiervoor een goed instrument. De methode dwingt de gespreksdeelnemers om uitgangspunten en maatstaven te toetsen. Er wordt in beeld gebracht welke opvattingen mensen hebben en hoe ze die uitspreken in taal. Het waarheidsgehalte wordt bekeken. Door het inzicht in de achterliggende prinicipes van waaruit de deelnemers denken, handelen en oordelen, wordt voorkomen dat mensen vanuit aannames praten.

Het COB organiseerde op 10 december 2015, voorafgaand aan het COB-congres, een seminarDe kunst van het vragen stellen‘. U kon hierin oefenen met het socratisch vragen stellen, een techniek om erachter te komen wat je nu werkelijk bedoelt door beweringen uit te lokken en systematisch te toetsen op hun waarheidsgehalte.

Evaluatie Sluiskiltunnel

Interactief met bodeminformatie

Wie de haalbaarheid en opbrengst van een nieuwe aardwarmte-installatie wil weten, moet nu een heel rijtje informatiebronnen raadplegen. In veel gevallen is één blik in de BodemTool straks voldoende. De onlineapplicatie die in opdracht van SKB is gemaakt, combineert bodem- en omgevingsinformatie uit verschillende bronnen, maakt er een 3D-kaart van en laat zien wat de effecten van een maatregel zijn

SKB, voluit Stichting Kennisontwikkeling en Kennisoverdracht Bodem, beschikt over een schat aan informatie over de bodem. Via de website Soilpedia wordt een deel daarvan ontsloten, maar veel diepgaande achtergrondinformatie wordt nooit door de lezers bereikt. Een consortium bestaande uit Ambient/RO2 en StrateGis kreeg daarom de opdracht een slim systeem te ontwikkelen dat bodeminformatie op een geïntegreerde en gebruiksvriendelijke manier toegankelijk maakt. En zo ontstond de BodemTool.

David van den Burg, partner bij Ambient/RO2: “De BodemTool is inmiddels veel méér dan een toegangspoort naar kennis van SKB. Informatie over de ondergrond staat op allerlei verschillende plekken. Het Kadaster beheert bijvoorbeeld gegevens over de bebouwde omgeving, het DINOLoket bevat data over grondlagen, gemeenten hebben informatie over kabels en leidingen, en SKB heeft achtergrondinformatie over WKO-installaties. Dat heeft natuurlijk zijn redenen, maar een eindgebruiker wil deze informatie gebundeld bekijken. De BodemTool biedt deze mogelijkheid.”

Interactief

De gebruiker begint met het kiezen van een gebied. Momenteel zijn er voor Rotterdam Centrum en Leidschendam de meeste data beschikbaar, maar de gebruiker is vrij om zelf een gebied binnen Nederland te selecteren. Vervolgens verschijnen er een 3D-kaart en een toolbox. Met de visualisatiegereedschappen kun je informatie zichtbaar en onzichtbaar maken: wel of geen bebouwing, wel of geen kabels en leidingen, wel of geen bodemverontreiniging, etc. Ook bestemmingsplannen staan erin, evenals drinkwatergebieden, archeologie en ondergrondse bouwwerken.

Screenshot van de BodemTool. (Beeld: Ambient/RO2)

“De BodemTool bevat voor iedere locatie in ieder geval informatie uit het Kadaster, het DINOLoket, de Basisregistratie adressen en gebouwen (BAG) en . De gebruiker krijgt zo inzicht in de stand van zaken, zowel fysiek als beleidsmatig”, vertelt Van den Burg.

Tot zover lijkt de BodemTool op de Atlas Leefomgeving, een website die milieu- en gezondheidsinformatie geïntegreerd aanbiedt. Het grote verschil is de interactiviteit. Waar de gebruiker bij de Atlas alleen informatie kan uitlezen, kan de BodemTool ook reageren op input van de gebruiker. Van den Burg: “Je kunt in de BodemTool maatregelen nemen en kijken wat het effect daarvan is. Wanneer je bijvoorbeeld een waterberging of parkeergarage een gebied in sleept, geeft het systeem aan in hoeverre er conflicten ontstaan en welke impact de maatregel heeft. Er wordt gekeken naar effecten binnen de vijf P’s: people, planet, profit, project en public. Je ziet dus wat de maatregel oplevert qua geld, maar ook wat de consequenties zijn voor de bewoners en het milieu. Uiteindelijk zal dit een belangrijke functionaliteit worden, want als een gemeente bijvoorbeeld een windmolen wil plaatsen, dan kost een haalbaarheidsonderzoek nu veel tijd en geld. Met de BodemTool zou je binnen een dag een vrij goed beeld hebben van geschikte locaties, de knelpunten en de kosten en baten van een dergelijke maatregel. Hiervoor werken we echter nog aan de gebruiksvriendelijkheid.”

“De meeste gebruikers zijn nu goed in staat om met de tool een gebied te onderzoeken. Je merkt daarbij verschil tussen doelgroepen: beleidsmedewerkers ruimtelijke ordening vinden de informatie bijvoorbeeld nuttig en compleet, maar vrij complex, terwijl bodemspecialisten zeggen dat het systeem niet gedetailleerd genoeg is. Naar ons idee hebben we het dus precies goed gedaan,” meent Van den Burg, “maar het kan natuurlijk altijd beter.”

Denkwerk
De BodemTool bestaat grofweg uit twee delen: de interface waarin de gebruiker werkt (de website) en een systeem achter de schermen dat alle gegevens aan elkaar knoopt en er zinnige informatie van maakt. Van den Burg: “Hiervoor worden bestaande modellen gebruikt, waarin we de kennis van SKB hebben verweven. Ook TNO heeft meegewerkt. Zij hebben binnen hun concept Urban Strategy rekenmodellen ontwikkeld om de gevolgen van planologische ingrepen inzichtelijk te maken.”

In het kader rechtsboven is te zien wat de consequenties zijn van het installeren van een hoge temperatuuropslag op deze locatie. (Beeld: Ambient/RO2)

“In Dordrecht is de tool toegepast in een praktijkproject. De gemeente is daar op zoek naar een optimaal tracé voor een mogelijke spoortunnel. Met behulp van de BodemTool kon de gemeente snel zien wat er op verschillende locaties mogelijk is en welke effecten ondergronds bouwen daar zou hebben. Het tracé dat je zo bepaalt, moet je natuurlijk nog nader onderzoeken, maar je hebt vast een goede indicatie”, aldus Van den Burg.

Wenkend perspectief

Omdat de tool nog in ontwikkeling is, zijn SKB en de makers tot nu toe terughoudend geweest met promotie. Er worden kleine bijeenkomsten georganiseerd voor de beoogde gebruikers om te vertellen wat er allemaal mee kan. “Ook vragen we waar nog behoefte aan is, zodat we daar in volgende versies op in kunnen spelen”, zegt Van den Burg. Ondertussen kan iedereen de BodemTool bekijken en gebruiken via www.bodemtool.nl.

Van den Burg ziet de applicatie nu vooral als een ‘wenkend perspectief’: “De basis van het systeem is er: de data zitten erin, er is een methodiek om meer data toe te voegen en er zijn modellen die gegevens aan elkaar koppelen en als informatie ontsluiten. We zijn in principe in staat om binnen een halve dag de relevante data van een nieuwe bronhouder (zoals gemeente, waterschap, provincie) in te lezen en correct te integreren. Ook kun je al spelen met maatregelen. De tool is daardoor al heel bruikbaar in een verkennende fase van een project; het maakt de communicatie gemakkelijker. Maar uiteindelijk zou de tool gebruikt kunnen worden bij het opstellen van (ondergrondse) structuurvisies of het (her)inrichten van een gebied. Dat zie ik over een aantal jaar gebeuren.”

Zinkvoegen

Over de levensduurverwachting van zinkvoegen in tunnels in Nederland blijkt veel onzekerheid te bestaan. Het COB-netwerk heeft daarom een commissie ingesteld om onderzoek te doen. Op 10 december 2014 is de eerste rapportage opgeleverd. Daarna is de commissie verder gegaan met praktijkonderzoek. Inmiddels is duidelijk dat de opgaven breder zijn. De commissie is daarom opgenomen in het tunnelprogramma.

Zinkvoegen in tunnels in Nederland zijn nauwelijks inspecteerbaar en niet vervangbaar. Lekkage van de voegconstructies kan echter leiden tot onverwachte en langdurige afsluiting van rijstroken van de tunnels, met grote economische schade en hoge herstelkosten voor de tunnelbeheerders tot gevolg.

Tunnelprogramma

Omdat de instandhoudingsopgave zich niet beperkt tot zinkvoegen, is het onderzoek naar de levensduur van ondergrondse constructies onderdeel geworden van het tunnelprogramma. Binnen de ontwikkellijn Civiel anders (ver)bouwen wordt de commissie uitgebreid en anders ingericht. Er komen subcommissies over drie onderwerpen: voegen, deformaties van tunnels en degradatie van materialen. Daarboven komt een overkoepelende stuurgroep die de samenhang en kwaliteit van het onderzoek borgt.
>> Lees meer

In mei 2013 werd de Tweede Coentunnel opengesteld voor verkeer. Direct daarna is gestart met de renovatie van de Eerste Coentunnel. De Coentunnel Company is via een DBFM-contract tot en met 2037 verantwoordelijk voor het onderhoud van beide Coentunnels. (Foto: Beeldbank RWS/Aerophoto Schiphol)

Eerste fase

De Coentunnel Company benaderde in 2013 het COB om het probleem – in samenwerking met het netwerk – structureel te analyseren en beheersbaar te maken. Er is gekozen voor een gefaseerde aanpak waarbij op basis van een beperkt budget binnen een redelijke termijn de eerste resultaten kunnen worden bereikt. In de eerste fase gaat het niet om die ene volledig uitgewerkte optimale oplossing, maar om het bepalen van kansrijke oplossingsrichtingen en het komen tot onderzoeksvoorstellen.

Na de uitvraag in augustus 2013 zijn er zestien experts uit het COB-netwerk aangesteld. Op 30 september 2013 kwamen zij voor het eerst bij elkaar, onder leiding van COB-coördinator Brenda Berkhout. Tijdens de startbijeenkomst is er direct inhoudelijk naar het probleem gekeken. Alex Kirstein van de Coentunnel Company vertelde over hun onderzoek naar de zinkvoegconstructies in de Eerste Coentunnel en Leo Leeuw, voormalig uitvoeringsingenieur bij Rijkswaterstaat en nu adviseur bij Nebest, gaf een presentatie over zijn onderzoek naar dilatatievoegen (zie rapport rechts).

Vervolgens is bepaald waar het huidige onderzoek zich op moest richten: het stoppen van bestaande lekkages en het voorkomen van nieuwe. Hiervoor is meer inzicht in het aantastingsmechanisme nodig en moet er een analyse komen van incidenten. Wanneer is interventie noodzakelijk? Welke monitorings- en inspectietechnieken zijn geschikt? Het afdichtingsysteem moet worden bekeken, evenals de wapening van de tandconstructie.

Het doel was niet om alle voegen in alle tunnels in beeld te hebben, maar te kijken naar de tunnels waarvan er informatie binnen de werkgroep beschikbaar is. Dit waren bijvoorbeeld tekeningen, details en conserveringsinformatie. De leden hebben deze informatie meegenomen naar de werksessies en met elkaar doorgenomen. Daarnaast hebben de werkgroepleden contact opgenomen met collega’s om extra informatie in te winnen.

Na diverse werksessies in 2013 en 2014 is op 10 december 2014 de rapportage Instandhouding zinkvoegen opgeleverd. Het rapport omvat de probleemanalyse, oplossingen of oplossingsrichtingen op basis van de beschikbare kennis en voorstellen voor nader onderzoek.

Praktijkonderzoek

Ter aanvulling op het rapport uit 2014 is extra endoscopisch onderzoek uitgevoerd bij vier tunnels: de Drechttunnel, de Noordtunnel, de Kiltunnel en de Vlaketunnel. In februari 2015 zijn de resultaten hiervan opgeleverd. Op basis hiervan is de commissie verdergegaan met praktijkonderzoek. Zo is een aantal voegen van de Heinenoordtunnel onderzocht. De onderzoeksresultaten bevestigen het beeld dat tijdens de eerdere onderzoeken in de Drecht-, Noord, Vlake- en Kiltunnel verkregen is. Daarbij is onder andere in alle voegen water aangetroffen dat van de weg afkomstig is. In een aantal gevallen is corrosie op de klemlijsten en bouten van de klemverbinding waargenomen. In de Kiltunnel is bij één bout een forse staalafname gemeten, waarbij zowel vóór als achter de klemstrip onderzoek is verricht. Vraag is nu in hoeverre hier sprake is van een probleem. Functioneert het Gina-profiel nog en zo ja, voor hoe lang? Hoeveel staalafname is toelaatbaar? Zijn we in staat om bouten en klemlijsten te vervangen?

Op 9 oktober 2015 heeft Nebest, samen met RWS, endoscopisch onderzoek uitgevoerd in de Kiltunnel in Dordrecht. (Foto: COB)

Deelnemers

Klik op het bedrijfslogo voor de deelnemende personen

BAM Infra

Locatie: Gouda, H.J. Nederhorststraat 1
Nhut Nguyen, rol: Lid

BESIX S.A.

Locatie: Brussel, Avenue des Communautés 100
Jan van Steirteghem, rol: Lid

COB

Locatie: Delft, Van der Burghweg 1
Ellen van Eijk, rol: Begeleider/Facilitator

DIMCO

Locatie: Brussel, Herrmann-Debrouxlaan 42
Lode Franken, rol: Lid

DIMCO bv

Locatie: Dordrecht, Kilkade 2
Hans Mortier, rol: Lid
Ruben van Montfort, rol: Secretaris

Elumint

Locatie: Zoetermeer, Lenastroom 3
Harry de Haan, rol: Lid

Gemeente Rotterdam Stadsontwikkeling

Locatie: Rotterdam, Wilhelminakade 179
Kees Blom, rol: Lid

Havenbedrijf Rotterdam N.V.

Locatie: Rotterdam, Wilhelminakade 909
Egbert van der Wal, rol: Lid

MH Poly Consultants & Engineers bv

Locatie: Bergen Op Zoom, Peter Vineloolaan 46b
Bard Louis, rol: Lid

Mobilis TBI infra

Locatie: Apeldoorn, Landdrostlaan 49
Gerard van den Berg, rol: Lid

Movares

Locatie: Utrecht, Daalseplein 100
Jan Jonker, rol: Lid
Peter Hoogen, rol: Lid

Nebest B.V.

Locatie: Vianen, Marconiweg 2
Jan Kloosterman, rol: Secretaris
Leo Leeuw, rol: Lid

ProRail

Locatie: Rotterdam, Delfseplein 27j
Edwin Westerduijn, rol: Lid

Rijkswaterstaat GPO Grote Projecten en Onderhoud

Locatie: Utrecht, Griffioenlaan 2
Ad Nieuwenhuyzen, rol: Lid
Carolien Nieuwland, rol: Lid
Gerrit Wolsink, rol: Lid
Harry Dekker, rol: Opdrachtgever
Martijn Blom, rol: Lid

Rijkswaterstaat PPO Programma's, Projecten en Onderhoud

Locatie: Haarlem, Toekanweg 7
Stephan van der Horst, rol: Lid
Theo van Maris, rol: Lid

Royal HaskoningDHV

Locatie: Amersfoort, Laan 1914 35
René Kuiper, rol: Lid

Strukton Immersion Projects B.V.

Locatie: Utrecht, Westkanaaldijk 2
Nico Vink, rol: Lid

TEC Tunnel Engineering Consultants

Locatie: Amersfoort, Laan 1914 No 35
Hans de Wit, rol: Lid

Trelleborg Ridderkerk B.V.

Locatie: Ridderkerk, Verlengde Kerkweg 15
Frans Melchers, rol: Lid
Joel van Stee, rol: Lid

TU Delft Faculteit Civiele Techniek & Geowetenschappen

Locatie: Delft, Stevinweg 1
Wout Broere, rol: Lid

Van Hattum en Blankevoort

Locatie: Vianen, Lange Dreef 13
Sallo van der Woude, rol: Lid

Wegschap Tunnel Dordtse Kil

Locatie: Dordrecht, Provincialeweg 43-nr 102
Arie Bras, rol: Lid

Witteveen + Bos Raadgevende Ingenieurs

Locatie: Rotterdam, Willemskade 19-20
Brenda Berkhout, rol: Voorzitter

(Foto: Vincent Basler)

Waterschap Hollandse Delta, Movares en het COB willen werken aan kennisverbreding van kabels en leidingen in, om en nabij waterkeringen. Albert de Beijer, projectmanager bij waterschap Hollandse Delta, en Arie Verwoert, ontwerper, adviseur en kostendeskundige voor ondergrondse infrastructuur bij Movares, bespreken de problematiek en verkennen de verbetermogelijkheden.

Op onnoemelijk veel plaatsen in Nederland kruisen kabels en leidingen waterkeringen. Bij aanleg, beheer en onderhoud van die kabels en leidingen komen de betrouwbaarheid van de waterkering en de veiligheid van de kabels en leidingen samen, en komen veel vakgebieden bij elkaar. In de praktijk is de kennisdeling tussen de betrokken vakgebieden niet optimaal. Ook zijn oplossingen uit de praktijk niet per definitie voor het hele werkveld beschikbaar. Een nieuw COB-initiatief beoogt onderling begrip te vergroten en samenwerking te verbeteren. Het doel is om vanuit waterveiligheidsprojecten de ontwikkeling en verspreiding van kennis over kabels en leidingen te borgen, om zo kansen te benutten, faalkosten te voorkomen en meer waarde te genereren.

Het probleem begint bij onderschatting. Betrokken partijen hebben vaak pas in een laat stadium in de gaten dat kabels en leidingen een rol spelen. Veelal is dat op een moment dat ontwerpbeslissingen al zijn genomen en de planning en budgetten zijn bepaald. Mitigerende maatregelen voor knelpunten zijn hierdoor onnodig kostbaar. Deze problematiek doet zich voor bij zowel inpassing of verleggen van kabels en leidingen bij dijkversterkingswerken in het kader van het Hoogwaterbeschermingsprogramma, alsook bij beheer en onderhoud en werkzaamheden als gevolg van calamiteiten.

Arie Verwoert heeft in de praktijk ondervonden welke kansen er ontstaan op het moment dat betrokken partijen in een vroeg stadium gaan samenwerken: “We hebben vanuit Movares twee jaar lang meegewerkt aan het dijkversterkingsprogramma in Limburg. Daar hebben we gezien dat bijvoorbeeld een dijkverplaatsing tot zeer lastige en dure oplossingen voor kabels en leidingen kan leiden. Er was daar vanwege de aanwezigheid van kabels en leidingen extra versterking van het dijklichaam nodig om te voorkomen dat de dijk wegspoelt bij een leidingbreuk. Die versterking is gerealiseerd met een damwandprofiel in het dijklichaam. Als de dijk hoger en aan de voet breder zou zijn gemaakt, had de kruisende leiding met het dijkprofiel mee kunnen lopen (omgekeerde zinker) en hadden we met een veel lichtere damwand kunnen volstaan. Met andere woorden, als we eerder samen naar het probleem hadden gekeken, zouden we een beter beheersbare oplossing hebben gevonden.”

Op tijd gaan praten

Albert de Beijer: “Het gaat erom wat je, gegeven alle bijbehorende normen en voorzorgen, gezamenlijk kunt doen om tot een zo goed mogelijke oplossing te komen. Dat kan alleen als je de tijdsdruk waarmee je in de praktijk altijd te maken hebt, kunt vermijden. Dat betekent dat je al in de schetsontwerpfase met elkaar moet gaan praten. Maak het plan even leeg. Kijk niet alleen naar je eigen probleem, maar ook naar het belang van de ander. Dan heb je een basis voor samenwerking en kom je tot een betere oplossing. Van daaruit kun je algemeen geldende oplossingen ontwikkelen die je landelijk kunt uitdragen. Iedereen is geholpen met meer begrip voor elkaar. Voor netbeheerders is het belangrijk te weten dat de waterschappen – vanuit hun rol om te zorgen voor veiligheid – hogere normen dan NEN hanteren. De waterschappen zijn geholpen met kennis over nieuwe technieken. Je ziet nu bijvoorbeeld dat in allerlei situaties boogboringen worden uitgevoerd. Die techniek is nog niet toegepast in waterkeringen. Het zou mooi zijn als je in een pilot gezamenlijk kunt uitzoeken wat er allemaal nodig is om toepassing van zo’n techniek te laten slagen.”

“Het gaat erom wat je, gegeven alle bijbehorende normen en voorzorgen, gezamenlijk kunt doen om tot een zo goed mogelijke oplossing te komen.”

Arie Verwoert onderschrijft de noodzaak om kennis te delen: “Bij Movares weten we met ons team alles van kabels en leidingen, en kennen we de richtlijnen van de netwerkbeheerders heel goed. Vanuit mijn ervaring bij de Betuweroute en de HSL ken ik alle netwerkpartijen en hun belangen. Met die kennis kunnen we in een vroeg stadium problemen voorkomen. Maar werken in waterkeringen, zeker daar waar het gaat om dijkversterkingen, is een apart vak. Daar heb je te maken met heel specifieke eisen. In de samenwerking met waterschap Hollandse Delta hebben we al veel van elkaar kunnen leren. Die kennis willen we breder delen.”

Samenwerking

Er is al decennialang sprake van samenwerking tussen waterstaatkundigen. Het inzicht groeit dat die kennisdeling breder moet worden opgepakt. Albert: “Het Expertisenetwerk Leidingen in Waterstaatswerken (ELW) heeft al in de jaren zestig van de vorige eeuw de Pijpleidingcode ontwikkeld, de voorloper van de NEN 3650-serie. Later zijn we ook binnen het Hoogwaterbeschermingsprogramma projectoverstijgende informatie en inzichten gaan delen. Steeds is de verbinding ontstaan vanuit de gedeelde zorgen van mensen die verantwoordelijk zijn voor waterstaatkundige werken. Nu gaat het erom dat we ook aannemers erbij betrekken. Iedereen realiseert zich dat we op elkaar zijn aangewezen en dat we elkaars belangen moeten kennen en respecteren.”

Albert verwacht dat het proactief delen van reeds gevonden oplossingen structurele samenwerking dichterbij brengt: “Onlangs is een stuk van dertig meter gasleiding uit een dijklichaam getrokken. Die techniek is nog niet vaak toegepast. Wat we daar geleerd hebben, willen we graag delen met de BV Nederland. Er waren vier partijen bij betrokken, Gasunie, het waterschap, de aannemer en het bureau van het Hoogwaterbeschermingsprogramma: die kunnen allemaal een rol spelen in de kennisdeling.”

Expertisenetwerk Leidingen in Waterstaatswerken

Het Expertisenetwerk Leidingen in Waterstaatswerken (ELW) verzamelt en deelt kennis over ontwerp, aanleg, beheer en onderhoud van pijpleidingen die waterkeringen doorsnijden binnen het netwerk van beheerders van waterstaatswerken in Nederland. Met deze activiteiten draagt het netwerk bij aan borging van de primaire, waterkerende functie van waterkeringen. Aan de orde zijn de integriteit van de waterkering (voorkomen verzakkingen) én die van de kabels en leidingen (voorkomen breuk als gevolg van grondzettingen).

Het ELW, tegenwoordig ondergebracht bij STOWA, was onder meer verantwoordelijk voor de Pijpleidingcode, later opgenomen in de normenserie NEN 3650. Het ELW is vertegenwoordigd in de NEN-commissie Transportleidingen en borgt zo de inhoudelijke inbreng bij actualisatie en verdere ontwikkeling van de norm. Verder is het ELW een kennisbank voor beheerders van waterstaatswerken en betrokken deskundigen, dient het als klankbord en forum voor deze groep specialisten en heeft het zich ten doel gesteld andere betrokken partijen te informeren over de waterstaatkundige aspecten van kabels en leidingen in waterkeringen.

 

Assen, Drents Museum

Op 16 november 2011 heeft Hare Majesteit Koningin Beatrix het vernieuwde Drents Museum geopend. Het museum in Assen onderging een metamorfose en kreeg er een ondergrondse vleugel bij.

 

Het jaar 2011 was een bijzonder jaar voor het Drents Museum. Het museum
was sinds augustus 2010 gesloten voor een grote verbouwing en de bouw van
een prachtige nieuwe museumvleugel, ontworpen door de gerenommeerde
architect Erick van Egeraat.

Nieuwe vleugel Drents Museum (Foto: J. Collingridge)

In het ontwerp zijn oud en nieuw op een verrassende wijze met elkaar verbonden. Een koetshuis uit de achttiende eeuw werd één meter boven het maaiveld opgetild en voorzien van een glazen plint, waardoor daglicht de nieuwe ondergrondse ruimte kan binnenstromen.

De museumvleugel wordt gebruikt als expositieruimte voor de grotere (inter)nationale tentoonstellingen. Op de nieuwbouw is een tuinlandschap aangelegd. Van Egeraat: “De verspringende, beplante dakvlakken van de nieuwe expositievleugel verbinden de bestaande tuinen en parken in de stad.”

Aanleg daktuin (Foto: Drents Museum)

Sterk staaltje

In de Onderbouwing van december 2010 (zie hiernaast) legde projectmanager en opdrachtgever Gerben Saalmink van de provincie Drenthe uit dat de nieuwbouw een grote technische uitdaging was. “Wat hier gebeurt, is een waar huzarenstukje. Deskundigen uit heel Nederland komen kijken.” Het oude koetshuis werd ingepakt, vierentwintig meter verplaatst en na het aanleggen van de kelderbak weer teruggezet.

Om het project tijdig af te ronden, is in de laatste fase met man en macht gewerkt door de aannemer en andere betrokkenen. Vorst, sneeuw en regen leverden zes weken vertraging op, maar die is in de loop van het bouwproces ingehaald door in weekenden en ’s nachts door te werken. Het hele project werd uiteindelijk binnen de begroting en planning gerealiseerd.

Zwemmen in een schuilkelder

De Finse hoofdstad Helsinki beschikt sinds 2010 over een integraal ondergronds masterplan. Het plan brengt de bestaande ondergrondse toepassingen in kaart en voorziet in reserveringen voor toekomstig gebruik. Volgens Ilkka Vähäaho, hoofd van de geotechnische divisie van Helsinki en voorzitter van de Finse tunnelassociatie, is het plan een onmisbaar hulpmiddel voor duurzame ontwikkeling van de stad en zijn ondergrond.

Vähäaho: “Het masterplan voor de ondergrond is bijvoorbeeld het fundament voor de bijdrage van de ondergrond aan een duurzaam en esthetisch acceptabel landschap en behoud van ontwikkelmogelijkheden voor toekomstige generaties. Zo speelt het masterplan een belangrijke rol in de ruimtelijke ordening.”

Het ondergrondse masterplan voor Helsinki brengt zowel de bestaande als toekomstige ondergrondse ruimten, tunnels en vitale ondergrondse onderlinge verbindingen in kaart. In het plan zijn reserveringen opgenomen voor nu nog onbekende toekomstige ondergrondse toepassingen. Op basis van uitgebreid geologisch onderzoek is bepaald welke plekken in de ondergrond geschikt zijn. Daarbij is vooral gekeken welke nog niet benutte ondergrondse capaciteit in de toekomst een bijdrage kan leveren aan het verminderen van de druk op het stadscentrum. Anders dan in Nederland, waar de meeste ondergrondse bouwwerken ‘stand-alone’ zijn, ontwikkelt de ondergrond van Helsinki zich door het verbinden van bestaande en nieuwe ondergrondse toepassingen steeds meer tot een aaneengesloten ondergrondse stad.

De integrale aanpak biedt extra voordelen boven op die van het sec ondergronds gaan. Er is sprake van multifunctioneel ondergronds ruimtegebruik, zoals bij het ondergrondse zwembad in Itäkeskus, dat in tijden van nood kan worden omgevormd tot schuilkelder. Een datacenter onder een kathedraal wordt via een ondergronds buizenstelsel gekoeld met zeewater. De restwarmte gaat – ook weer ondergronds – naar de stadsverwarming.

Er zijn grote voordelen verbonden aan multifunctionele leidingentunnels. Ilkka Vähäaho geeft aan dat het masterplan ook een bijdrage levert aan een betrouwbare energievoorziening en optimalisatie van energie-opwekking. Kosten kunnen worden gedeeld door meerdere gebruikers. Bovengronds ontstaat ruimte voor nieuwe initiatieven, en het uiterlijk en imago van de stad worden verbeterd. Onderhoud is eenvoudiger en goedkoper en de impact van werkzaamheden aan ondergrondse leidingen op het dagelijks leven bovengronds is beperkt. Bovengronds komt ruimte vrij voor andere doeleinden.

Lange historie

Helsinki heeft een lange historie van ondergronds bouwen. De stad kent nu al meer dan vierhonderd ondergrondse bouwwerken, zestig kilometer tunnels voor technisch onderhoud en tweehonderd kilometer multifunctionele leidingentunnels voor verwarming, koeling, elektriciteit en water. De watervoorziening van de stad is gegarandeerd door middel van een honderd kilometer lange ondergrondse tunnel die in de periode 1972-1982 werd gerealiseerd tussen Lake Päijanne en Helsinki.

Naast voor de hand liggende toepassingen als tunnels, parkeergarages en multifunctionele leidingentunnels voor onder andere stadsverwarming kent Helsinki ook tal van andere toepassingen, zoals muziekcentrum en een zwembad. Ook het bedrijfsleven gaat ondergronds, onder andere met opslag of het eerder genoemde ondergrondse datacenter.

In het masterplan is rekening gehouden met tweehonderd reserveringen voor ondergronds gebruik en nog eens veertig reserveringen zonder vooraf bepaalde bestemming. De gemiddelde oppervlakte van die reservering is dertig hectare, optellend tot een totaal van veertien honderd hectare, ofwel 6,4% van de oppervlakte van Helsinki. In 2011 werd berekend dat er voor elke honderd vierkante meter bovengrondse ruimte een vierkante meter ondergrondse ruimte werd benut. De huidige reserveringen vertegenwoordigen dus nog een enorm ondergronds potentieel.

Bovengrondse kwaliteit

Uitgangspunt is dat wat niet bovengronds hoeft, net zo goed ondergronds kan. Burgemeester Jussi Pajunen daarover in een documentaire van CNN: “Functies die niet gezien hoeven te worden, stoppen we onder de grond. Het is relatief goedkoop, dus waarom zou je er geen gebruik van maken.” De kwaliteit van de bovengrondse ruimte blijkt in veel gevallen de belangrijkste drijfveer. Ilkka Vähäaho: “Niet-Finse deskundigen beweren wel dat de gunstige eigenschappen van het bedrockgesteente en de zeer strenge winterklimatologische omstandigheden de belangrijkste drijfveren voor deze ontwikkeling zijn geweest. Maar er zijn belangrijker argumenten. Finnen hebben een sterke behoefte aan open ruimten, zelfs in de stadscentra, en Helsinki is klein. Het is qua inwoners de grootste stad van Finland, maar behoort qua oppervlakte tot de kleinste.”

Zero-land-use-thinking

Helsinki kent al sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw een toewijzingsbeleid voor ondergronds ruimtegebruik. Begin deze eeuw ontstond het idee voor een integraal ondergronds masterplan. De eerste voorbereidingen startten in 2004. De gemeenteraad van Helsinki keurde het masterplan in december 2010 goed. Ilkka Vähäaho noemt het een voorbeeld van ‘zero-land-use-thinking’. Met andere woorden, het uitgangspunt dat nieuwe functies in de stad niet tot extra bovengronds ruimtebeslag mogen leiden.

Hij illustreert dat met een doorsnede van het Katri Vala Park (zie figuur hiernaast). Daar werden sinds de jaren vijftig ondergronds achtereenvolgens opslagruimten, een multifunctionele leidingentunnel, een tunnel voor gezuiverd afvalwater en een warmtepompstation gerealiseerd. In het masterplan is onder dezelfde locatie ook nog ruimte gereserveerd voor toekomstig ondergronds gebruik. Het park is in al die tijd onaangetast gebleven.

 

 

Geotechniek voor Ondergrondse Ruimteontwikkeling

Voor het in kaart brengen van geschikte locaties voor toekomstig ondergronds gebruik heeft de geotechnische dienst van Ilkka Vähäaho uitgebreid onderzoek gedaan. Er is onderzoek gedaan naar locaties waar de mogelijk grote aaneengesloten ruimten kunnen worden gerealiseerd. Daarvoor werd een model ontwikkeld op basis van een standaardruimte van 12x50x150 meter (hxbxl). Met behulp van (hoogte)kaarten en boringen zijn de reeds benutte ondergrond en zwakke zones in kaart gebracht.

Het bedrockgesteente ligt in Helsinki niet ver onder het maaiveld. Dat betekent dat er veel goede, veilige locaties zijn voor aanleg van ondergrondse bouwwerken en installaties. Het onderzoek maakte zichtbaar dat er buiten het centrum vijfenvijftig locaties zijn waar in de buurt van verkeersknooppunten redelijk grootschalige ondergrondse voorzieningen gerealiseerd kunnen worden. Deze plekken zijn gemarkeerd als mogelijke toekomstige toegangen tot ondergrondse bouwwerken en infrastructuur.

Ambities
In Finland wordt ook buiten de hoofdstad gekeken naar de mogelijkheden die de ondergrond biedt. Ilkka Vähäaho noemt de steden Tampere, de derde stad van het land, en Oulu als voorbeelden. En er wordt serieus gekeken naar de haalbaarheid van een tachtig kilometer lange onderzeese tunnel tussen Helsinki en de Estse hoofdstad Tallinn, die dan samen zouden moeten uitgroeien tot de tweelingstad ‘Talsinki’, met de potentie om te gaan concurreren met steden als Stockholm en Kopenhagen.

Alle winst uit de ondergrond

Door de ondergrond slim bij bouw- en infraprojecten te betrekken, is er veel maatschappelijke winst te halen. Binnen het COB wordt daarom voortdurend gezocht naar manieren om partijen ervan bewust te maken dat de ondergrond kansen biedt. Zo kwam het dat op 25 november 2014 twee COB-platforms hun krachten bundelden voor een bijeenkomst voor kanskenners en kanshebbers.

Hoewel de ondergrond de letterlijke basis is voor gebiedsontwikkeling en bouw- en infraprojecten, wordt deze vaak over het hoofd gezien. Zonde, want gebruik van de ondergrond kan een veel prettigere leefomgeving opleveren. Voorzieningen voor kabels en leidingen voorkomen bijvoorbeeld dat de straat steeds open moet, en de luchtkwaliteit in de speeltuin verbetert aanzienlijk als auto’s eronder rijden in plaats van ernaast. Je kunt de kansen die de ondergrond biedt echter pas benutten als je weet dat ze er zijn. Met dat idee hebben de COB-platforms Kabels en leidingen en Ordening en ondergrond op 25 november 2014 kanskenners en kanshebbers bij elkaar gebracht. De eerste groep weet al dat het loont om aandacht aan de ondergrond te besteden; voor de tweede groep zou de ondergrond ook winst kunnen opleveren, maar zij kijken nog niet verder dan het maaiveld. Door de groepen inzichten en ervaringen te laten uitwisselen, leren beide partijen wat er nodig is om boven- en ondergrond integraal te benaderen en zo een prettige leefomgeving te creëren.

Geïnspireerd door de praktijk

Samenwerking is de basis, zo blijkt uit de drie presentaties waarmee de bijeenkomst van start ging (zie kaders onder). Wanneer verschillende disciplines goed samenwerken, komen ondergrondse kansen vanzelf in beeld en is er winst te behalen. Alleen is die samenwerking nog niet zo eenvoudig. De drie sprekers deelden de lessen die zij geleerd hebben op dit gebied.

Henk Werksma, H2Ruimte

Henk Werksma beschrijft een praktijksituatie: Vincent, projectvoorbereider bij een gemeente, krijgt een collega op bezoek die vraagt naar de grondvervuiling van een gebied, omdat er plannen zijn voor een bouwproject. De grond is schoon, maar wanneer Vincent doorvraagt, blijkt dat er verder niet over de ondergrond is nagedacht. Er is geen aandacht besteed aan warmte-koudeopslag of waterberging; gemiste kansen. Werksma deelt drie lessen die uit de casus te trekken zijn:

  • Wees voorbereid
    Verandering is niet altijd leuk. Het zal moeite kosten om tot de juiste houding (‘geïnformeerd optimisme’) te komen.
  • Luister
    Onder en -bovengrondmensen denken anders. Gebruik sociale en technische intelligentie om het beste uit beide werelden te combineren.
  • Doen!
    Bewust worden, verbinden, verdiepen en integreren vormen een langdurig proces. Neem tijd en ruimte hiervoor.

Het Ontwikkelingsmodel Ondergrond van SKB is een goed hulpmiddel voor het benodigde leer- en ontwikkelproces. Dit model laat zien hoe je van een situatie met weinig kennis en begrip van elkaars vakgebied kunt komen tot een situatie waarin een integrale benadering vanzelfsprekend is. De stappen zijn gebaseerd op het Torenmodel (Wageningen Business School) wat erop gericht is betrokkenen als een netwerk samen te laten werken.

 

 

Alex Hartsuiker, Liander

Alex Hartsuiker vertelt over een bijzondere oplossing in Zuidas, Amsterdam. Vanwege capaciteitsgroei was er behoefte aan een nieuw schakelstation voor de elektriciteitsvoorziening. Deze wens bestond al jaren, maar het bepalen van de juiste plek werd bemoeilijkt door (onzekerheid over) toekomstige bouwontwikkelingen, hoge grondprijzen, grote bouwdichtheid en veel ondergrondse kabels en leidingen. Ook het moment waarop het station nodig is, is afhankelijk van toekomstige ontwikkelingen. Het plaatsen van ‘een gebouwtje voor de elektriciteit’ blijkt niet zonder meer mogelijk. Op initiatief van een projectontwikkelaar kwam er uiteindelijk een oplossing: een schakelstation gekoppeld aan een kantoorpand. Zo wordt het station later ontsloten via kabels waarvoor de grond maar op beperkte plekken open hoeft.

Belangrijke succesfactor was het sturen op een integrale aanpak van boven- en ondergrond met alle relevante partijen (netbeheerder, gemeente, projectontwikkelaar). Voor de netbeheerder bestond het realisatieproces uit middelen, meebewegen, onderhandelen, aantrekken en afstoten. Ten tijde van de besluitvorming over het schakelstation waren er veel partijen bij het gebied betrokken en was de omgeving al grotendeels ingevuld. De vraag is of eerder een locatie vaststellen tot een nog betere integrale oplossing had geleid. Men is blij met de huidige locatie. Ook is in deze oplossing het belang van de gemeente – een mooie omgeving en een niet al te dure plek – meegenomen.

Bert van Eekelen, Arcadis

Bert van Eekelen heeft bij diverse projecten ervaring opgedaan met integrale oplossingen die zowel boven- als ondergronds een meerwaarde vormen. Hij heeft deze ervaringen mede verwerkt in de publicatie Zeven sleutels voor een waardevolle afweging. Tijdens zijn presentatie gaat hij in op samenwerking: wat vraagt dat van ons? Van Eekelen legt uit dat samenwerken stapsgewijs gaat. Het vereist een verandering in je eigen manier van handelen, je moet bijvoorbeeld zelf minder beslissingen nemen. Door je houding en acties aan te passen, ga je van vechtend onderhandelen over naar samenwerkend onderhandelen, waarmee uiteindelijk een beter projectresultaat mogelijk is.

Ontwerpend onderzoeken – wat plaatsvindt in een prille fase van een project, voordat de rollen zijn verdeeld en governance is geregeld – levert volgens Van Eekelen het meeste op. Tijdens het ontwerpend onderzoeken worden kennis en kunde van verschillende stakeholders verbonden. Er ontstaat een ontwikkelproces waarbij er inhoudelijke verrijking ontstaat voor elke partij. Hierbij is het belangrijk dat er gedurende het traject interactie is tussen de betrokkenen. Als iedereen op zijn eigen vakgebied aan de slag gaat en de resultaten aan het einde bij elkaar worden gevoegd, heeft men niet veel geleerd. Interactie tussen alle trajectsporen zorgt ervoor dat iedereen een collectief leerproces doorloopt. Bij Zuidasdok is deze manier van werken in praktijk gebracht. Wekelijks kwamen alle betrokken partijen een dag bij elkaar om het werk af te stemmen en van elkaar te leren.

Vervolgens was het aan de deelnemers zelf om do’s en don’ts te formuleren. Eén van de subgroepen boog zich over een casus waarbij een opdrachtgever onderzoek liet doen naar het verleggen van kabels en leidingen. De wens was een innovatieve oplossing, maar het onderzoek resulteerde in een traditioneel advies. De deelnemers discussieerden met elkaar over de aanpak: hoe had de gewenste uitkomst bereikt kunnen worden? Er werd geconcludeerd dat de uitvraag niet aan de juiste organisatie was gericht. Voor een toekomstbestendige en innovatie oplossing is diversiteit nodig; er moeten mensen met verschillende achtergronden en van verschillende afdelingen betrokken worden. Het grotere geheel moet ook helder zijn: Wat speelt er? Welke ambities zijn er? Waar raak je elkaar? Bij deze casus ging het mis doordat men elkaar niet goed begreep. De vraag achter de vraag was niet goed onderzocht. Tijdens het proces is onvoldoende samengewerkt, waardoor het resultaat niet aan de verwachtingen voldeed.

De andere subgroep ging op zoek naar faal- en succesfactoren in projecten op het gebied van kabels en leidingen: wat zijn cruciale functies of personen om tot een succes te komen, wat zijn de drempels? De deelnemers keken hiervoor naar praktijkvoorbeelden van de provincie Zuid-Holland, Netbeheer Nederland en de gemeente Rotterdam. Er werden twee belangrijke ‘invloeden van buitenaf’ onderscheiden. Enerzijds vragen ontwikkelingen in de energiesector om een andere aanpak, anderzijds is anticiperen nodig omdat de omgeving minder hinder accepteert. Een duidelijk doel voor ogen hebben, dit op een heldere manier delen met betrokken partijen en openstaan voor samenwerking, zijn volgens de deelnemers de ingrediënten voor een succesvol project.

Geleerde lessen

Zowel de presentaties als de workshops leverden veel eyeopeners en inspiratie op voor de deelnemers. Inzichten die zij direct in hun dagelijkse praktijk kunnen toepassen, onafhankelijk van anderen.

  • Weet wat je zelf wilt

    Wat wil je bereiken? Deel je beoogde resultaat en zoek naar de vraag achter de vraag. Komt achter de beweegredenen, het waarom.

  • Mobiliseer mensen

    Ik? Neen, samen! Zorg voor voldoende en de juiste mensen om je heen, maak de groep groter.

  • Gunnen is niet vies

    Je moet wel willen gunnen. We zien contractvormen waarbij voor de laatste prijs (vaak een onrealistische, dat weet iedereen) wordt gegund, waarbij geen rekening wordt gehouden met het vervolg. Hoeveel kaarten houdt men tegen de borst?

  • Zorg voor een integraal proces

    Betrek de partijen regelmatig, voortdurend, zorg voor ontmoetingen.

Ook het begrip ‘samenwerken’ heeft volgens de deelnemers handvatten gekregen om er echt mee te beginnen:

Dit was de Onderbreking Verbinden

Bekijk een ander koffietafelboek: